DTM: Albers bewijst zichzelf geen dienst op de Nürburgring

Na vier overwinningen in 2003 begon Christijan Albers het huidige DTM-jaar als favoriet. Regelmaat was het magische woord op weg naar de titel die hem vorig jaar op het laatste moment door de vingers glipte. Na een moeizame kwalificatie in de eerste race leek de Larenaar goed op weg om zijn visitekaartje voor de Formule 1 veilig te stellen. Totdat de in topsportkringen overbekende druk vat begon te krijgen op Albers. Gevolg: als de Nederlander zijn rust niet hervindt, gaat de laconieke Audi-rijder Ekström er waarschijnlijk met de titel vandoor. Mercedes-sportchef Norbert Haug noemde teamgenoot Gary Paffett bovendien al 'de Man van het Jaar', terwijl Albers' pech met schouderophalen werd begroet. Een duidelijke aanwijzing dat de verhouding tussen Albers en Haug ook wel eens beter is geweest.
Tekst: Ralf Dennissen Fotografie: Boudewijn Pieters
Sinds de vierde DTM-wedstrijd van het jaar op de Lausitzring lijkt de 'Schwung' er een beetje uit bij Albers. Teamgenoot Paffett maakt daarbij dankbaar gebruik van de kansen die Albers om welke reden dan ook laat liggen. Paffett won sinds de diskwalificatie-domper op de Lausitzring drie van de drie races.
Albers lijkt mentaal gezien in een negatieve spiraal terecht gekomen. Gespannen, overgeconcentreerd wellicht, is zijn optreden op de Nürburgring op zijn zachts gezegd wisselvallig te noemen. Door de uitvalbeurt als gevolg van een te hoge belasting van de remmen, pakt Mattias Ekström bovendien lachend de eerste plaats in het kampioenschap over.

Feest voor Bleekemolen
Ook Jeroen Bleekemolen heeft in het huidige DTM-seizoen zijn moeilijke momenten gekend. De Aerdenhouter start het seizoen sterk, is op het Portugese Estoril bijvoorbeeld sneller dan voormalig F1-kanon Frentzen, maar de moed zakt hem toch langzaam in de schoenen. Reden: het almaar uitblijven van het nieuws over de komst van een nieuwe Opel Vectra.
Nadat hij tijdens race vijf op de Norisring wederom laat zien dat zijn rijderskwaliteiten in geen verhouding staan tot het voor hem beschikbare materiaal, besluit Opel 'Bleek' alsnog die nieuwe auto te gunnen. In Shanghai krijgt Bleekemolen te horen dat hij vanaf de DTM-race op Zandvoort de beschikking krijgt over de Vectra. Het is de wagen die tot nu toe tijdens tests gebruikt werd. Bleekemolen is uiteraard een tevreden man. "Eindelijk kan ik laten zien waartoe ik in staat ben", meldt hij op de 'Ring'.

Vrijdag: Audi neemt het voortouw, Opel verrassend sterk
De eerste dag van een raceweekend staat zoals altijd in het teken van aftasten, testen, het ritme te pakken krijgen. Al het hele seizoen toont Mattias Ekström zich een snelle leerling als het gaat om het aanpassen aan weer een nieuw circuit. Ook op de Nürburgring rijdt de Audi-man tijdens beide testsessies de snelste tijd. Een verkouden Christijan Albers moet het doen met plaatsen buiten de top tien, terwijl de Opels er in de persoon van met name Peter Dumbreck goed bijzitten. Jeroen Bleekemolen meldt zich aan de staart van collega's Frentzen en Schneider, in de wetenschap binnenkort van zijn Astra verlost te zijn.
Zaterdag begint waar de vrijdag eindigde
Terwijl in de paddock inmiddels het verhaal de ronde doet dat Christijan Albers en Mercedes-sportchef Norbert Haug het steeds minder goed met elkaar kunnen vinden, verhoogt Audi-rijder Ekström de druk op de baan. Hij knabbelt nog eens een flinke hap van zijn rondetijd van de vrijdag af . Als eerste DTM-coureur rijdt hij op het ingekorte grand prix-circuit een tijd die onder de 1'24" ligt. Tom Kristensen (Audi), Bernd Schneider (Mercedes) en Marcel Fässler (Opel) volgen op enkele tienden, terwijl Paffett en Albers beiden rond een halve seconde moeten toegeven. Met name Albers lijkt het moeilijk te hebben de juiste afstelling te vinden.
