Dutch GT4: Mooie show van Tango Dutch GT4 (lang)

Junior Strous
Junior Strous rijdt dit seizoen in de klasse Indy Lights. Dat betekent dat hij tijdens het laatste weekeinde van mei op het circuit van Milwaukee had moeten rijden. Junior reed echter een gastrace in het Tango Dutch GT4, met een nieuwe Aston Martin GT4 van HTP Racing. Dat team was al actief in de Dunlop SportMaxx Clio Cup. Strous, die de eerste twee Indy Lights-races won, was door zijn sponsors naar Circuit Park Zandvoort gestuurd. “Ik heb de afspraak met mijn sponsors Shell en Knaus dat ik in races in Europa kan worden ingezet op het moment dat ik niet in de top drie van het Indy Lights-kampioenschap sta. En dat is nu het geval”, aldus Junior. Hij had liever in Milwaukee gereden, geeft hij toe. “Maar mijn sponsors zeggen: je bent bij ons in dienst, dus je rijdt waar ’t voor ons commercieel belangrijk is.” Strous erkent dat zijn probleem een luxeprobleem is. “Het is natuurlijk mooi om Shell en Knaus te mogen vertegenwoordigen.”
Over Shell gesproken: die sponsor gaat niet helemaal, of eigenlijk helemaal niet, samen met de nieuwe hoofdsponsor van het Dutch GT4.
Moe
Strous begon niet bepaald uitgeslapen aan zijn debuut in het Tango Dutch GT4. “Ik kwam woensdag terug uit de VS. Donderdag hebben we tot drie uur ’s nachts gesleuteld, gisteren tot twee uur. En vanochtend moest ik alweer om acht uur bij de rijdersbriefing zijn”, aldus Junior op zaterdag.
Hij toonde zich onder de indruk van de nieuwe nationale topklasse. “Het is erg professioneel. Een voorbeeld: voor de Aston Martins komen er engineers over uit Engeland. Verder zijn het mooie auto’s. De mooie tijden van races met dikke auto’s zijn weer teruggekeerd.”

Pechvogels
De Speedlover Porsche 997 GT4 van Ardi van der Hoek en Rory Bertram stond zaterdag werkeloos in de pits. “De motor is stuk”, baalde Ardi. “We missen zo de beide kwalificaties.” Later bleek dat Rory ook de eerste race, op zaterdagmiddag, moest laten schieten.
Teameigenaar André van Hoof had moeite om een andere motor te vinden. “De Porsche GT3 is vrij zeldzaam. Ik heb een motor uit een schadeauto gevonden, een GT3 die op z’n dak heeft gelegen.”
Tijdens de Paasraces reden Donny Crevels en Harry Stoeltie met een Speedlover Aston Martin N24. Donny sprak toen over een overstap naar een Porsche. Volgens Van Hoof is hij nog altijd in gesprek met het Amsterdamse duo. “Ik denk dat die Porsche er wel komt.”

Jan Joris tevreden
Junior Strous stelde in de eerste training de pole voor de eerste race veilig. Jan Joris Verheul reed de tweede tijd met zijn Ginetta G50. Dat was een opluchting voor KS Motorsport, dat tijdens de Paasraces continu achter de feiten aanliep. “We hebben een hele dag op het circuit van Zolder getest, daar zijn we veel mee opgeschoten”, aldus ‘JJ’. “De auto is nu rustiger en ‘luistert’ beter. Dat is een hele vooruitgang ten opzichte van de Paasraces, toen ik elke ronde wel een paar spannende momenten meemaakte. Tijdens de vrije trainingen hier op Circuit Park Zandvoort hebben we de laatste puntjes op de I gezet. De auto is nu goed.” Verheul verwachtte vooral veel van de lange race van 50 minuten. “Onze banden blijven goed tijdens de races, we hebben weinig terugval qua rondetijden gedurende de race.”
Uiteindelijk werd het voor Verheul een weekend om snel te vergeten. De prestaties bleven uit en bovendien kreeg hij tijdens het pinksterweekeinde bezoek van inbrekers.

Foutje
Tim Buijs zat er met een derde tijd ook prima bij. Team Bleekemolen was tijdens de Paasraces op zich tevreden met hun BMW M3 GT4, maar Buijs en Sebastiaan Bleekemolen misten nog snelheid. “In principe was de auto goed, maar we merkten dat we te weinig vermogen hadden of dat de auto te zwaar was”, vatte Buijs het gevoel van het team na de Paasraces samen. De BMW M3 GT4 had voorafgaande aan de seizoensopener een penalty van 7% motorvermogen gekregen. Na de Paasraces bleek echter dat BMW Motorsport het motorvermogen softwarematig met 10% had geknepen. Dat foutje was nu hersteld en dat bleek voor Team Bleekemolen genoeg om zich in de voorste gelederen te melden.

Simon Knap en Duncan Huisman zorgden ervoor dat er drie BMW-coureurs in de top vijf stonden. Leuk: het gat tussen Strous en vierde man Knap bedroeg maar 0.229 seconde.
Onderstuur
Pim van Riet (zevende tijd) kende net als zijn teamgenoot Paul Vahstal problemen met de wegligging. De Aston Martins van Rhesus Racing hadden het hele weekeinde last van chronisch onderstuur. “We hebben na de Paasraces niet meer getest en dat was een verkeerde inschatting”, concludeerde Van Riet. De routinier realiseerde zich dat er meer in de Aston Martin GT4 zit. “Junior rijdt met eenzelfde auto. We weten dus wat er mogelijk is.”
Klassementsaanvoerder Christiaan Frankenhout kwam niet verder dan de negende tijd. “In mijn eerste snelle ronde ging ik er even af”, vertelde de Porsche-coureur. “In mijn volgende ronde werd ik opgehouden.”