Retro: 60 jaar Citroën in de autosport belicht met prachtige expositie

Een weinig roemrijk hoofdstuk uit de Citroën-sporthistorie was het kortstondige avontuur met de BX 4TC volgens Groep B-reglement in het WK Rally 1986. De ontwikkeling van de auto had, niet in de laatste plaats ook door gebrek aan budget, flinke vertraging opgelopen en het concept met in de lengte geplaatste motor voorin en hydropneumatische vering bleek volstrekt ontoereikend om mee te doen voor de ereplaatsen. Maar misschien was dat ook wel helemaal niet de bedoeling, want het Peugeot-concern, waartoe Citroën sinds 1974 behoorde, had met de Peugeot 205 Turbo 16 al een winnende Groep B-auto in huis, en de sportdirecteur bij Peugeot was Jean Todt, die heel goed wist aan welke touwtjes er intern moest worden getrokken... Hoe dan ook, de BX was een teleurstelling: slechts één zesde plaats (Andruet/Peuvergne in Zweden in 1986) was het tastbare resultaat. Voor de rest vielen de auto's constant uit, de betrouwbaarheid liet flink te wensen over.
Beter verliep het met de Visa in de rallysport, waarmee Citroën in 1981 al voor veel publiciteit zorgde dankzij de Trophée Visa Féminin, een merkencup uitsluitend voor damesteams die allemaal door een bepaalde verkoopregio in Frankrijk werden ondersteund. Ook in ons land was de Citroën-importeur enkele jaren met de Visa Trophée, later opgewaardeerd tot Chrono, in de rallysport actief. Het getoonde exemplaar is een Visa Mille Pistes, voorzien van vierwielaandrijving, uitgevoerd in de kleuren zoals Christian Dorche en Didier Breton er in 1987 in de Rally de Portugal - Vinho do Porto mee reden (en uitvielen vanwege schade aan het carter).
Laagdrempelige instapklassen in de autosport zijn altijd al een sterk punt van Citroën geweest en tot die categorie behoort ook zeker de 2CV Cross. Medio jaren zeventig ontstond de 2CV Cross-beweging in Frankrijk uit de internationale expedities als Parijs-Kaboel en Parijs-Persepolis, die Citroën in eerdere jaren voor 2CV-bezitters had georganiseerd. De 2CV Cross werd in heel Europa een begrip en in Frankrijk legden latere Citroën-fabrieksrijders als Jean-Paul Luc en Patrick Lapie in deze categorie de basis voor hun succesvolle autosportcarrière. Ook nu nog wordt er met 2CV's gecrosst, niet alleen in Frankrijk, want ook in ons land is er een nog steeds actieve 2CV Cross Vereniging. Dit weekeinde (23 en 24 augustus) is er een evenement op Valkenswaard.
Vanaf 1996 was de Saxo bij Citroën de auto voor tal van promotieklassen. Uiteraard op het circuit in vele Europese landen, waaronder Nederland, maar ook in de rallycross, in de rallysport op asfalt en op gravel en voor ijsraces. De geëxposeerde Saxo is een auto waarmee David Praschl tijdens een rallycross-competitie op het Circuit de Chenevières in het jaar 2000 zijn klasse won, dus er is een lokale connectie.
De BX mocht in de rallysport dan geen potten hebben gebroken, in de rallycross kon Jean-Luc Pailler met de BX wel heel goed meekomen. Met deze grotendeels in eigen beheer ontwikkelde BX 4x4 Turbo won Pailler in 1992 en 1993 de Franse rallycrosstitel en werd hij in 1993 Europees kampioen in Divisie 2.
Terwijl Peugeot na de Dakar-successen met de 205 en later 405 vanaf 1990 in de Groep C-lange-afstandsracerij stapte, nam Citroën met de ZX het stokje in de rally-raids over, zoals Jean Todt dat binnen het Peugeot-concern had bedacht. De ZX Rally-Raid, waarvan de eerste versie de nodige techniek van de Peugeot 405 onder de kunststof carrosserie had, maakte in 1990 zijn opwachting en won gelijk zijn eerste evenement, de Baja Aragon. Een van de belangrijke wapenfeiten was de winst in Parijs-Moskou-Peking in 1992 met de hierboven afgebeelde auto, een ZX Rally-Raid met grote spoorbreedte, speciaal voor de expositie in een zandbak geplaatst.
Hier de versie met 'voies étroites', of te wel kleinere spoorbreedte, uit 1991. Het getoonde exemplaar is de winnende auto van Parijs-Tripoli-Dakar 1991 met Ari Vatanen en Bruno Berglund.
In totaal kwamen er vijf evolutieversies van de ZX Rally-Raid, die goed was voor 36 overwinningen uit 42 wedstrijden en vijf opeenvolgende titels in de World Cup. Hier de Evo 2 (1993-1994).
Evo 3 (1994-1995), in dit geval de winnende auto van Granada-Dakar 1995 met Pierre Lartigue en Michel Périn.
Hier de Evo 4, die van 1994 tot 1997 in gebruik was, de getoonde auto is het winnende chassis van de Baja Aragon 1995 en 1997, beide malen met Pierre Lartigue/Michel Périn.
En tenslotte Evo 5 (1996-1997), waarmee heel wat overwinningen behaald werden, waaronder de Granada-Dakar 1996 met Lartigue/Périn, de Master Rally 1996 met Vatanen/Picard, de Atlas Rally, de Master Rally en Desert Challenge 1997, alle drie met Vatanen/Gallagher. De getoonde auto is die van Philippe Wambergue/Fred Gallagher uit de rally Granada-Dakar 1996.