Formule 1: Een hommage aan Frank Williams in 50 foto’s

Het eerste grote uitstapje buiten de Formule 1: het BTCC met de Renault Laguna, in de hoogtijdagen van de Super Touring-reglementen.

Alain Menu was de grote man voor Renault, dat Williams ook z'n gang liet gaan met een Clio-bommetje voor op de openbare weg.

Williams had een patent op eenmalige kampioenen: Jones, Rosberg, Mansell, Hill en in 1997 ook Jacques Villeneuve.
Weer zo'n seizoen waarin Williams na jaren van fabrieksondersteuning opeens in de steek werd gelaten. Denk aan 1988, het tussenjaar met de Judd-motor nadat Honda was overgelopen naar McLaren. En aan 1998, toen Renault zijn motoren overdroeg aan Mécachrome.
Het laatste tijdperk met fabrieksondersteuning: de jaren met BMW, met Ralf Schumacher en Juan Pablo Montoya – en een debuterende Jenson Button in het eerste jaar.
Met BMW won Williams nog regelmatig GP's, maar tot een titel kwam het niet meer.
Na twee zeges elk voor Schumacher en Montoya in 2003 moest 2004 het doorbraakjaar worden. Het werd niets. Ferrari won alles, pas in de laatste race kon Montoya één keer voor Williams winnen.
Na het vertrek van BMW werden Mark Webber en Nico Rosberg de gezichten van Williams. Webber en Rosberg kregen in 2006 de beschikking over de FW28 met Cosworth-motor.