Div: Het autosportjaar 2019 van Mattijs Diepraam
Voor de mindere goden uit de F1 heb ik altijd een zwak gehad. Licht gejuich in mijn hart daarom toen bleek dat de EuroBrun van Stefano Modena zich onder de F1-demo-auto's bevond.
Hét komische voorval van het weekend, al zal de Belgische familie Herreman er niet om hebben kunnen lachen. Tien minuten lang zocht een van hen al tevergeefs naar de juiste poort om voor zijn race het circuit op te gaan. Drie keer zagen we hem in de paddock op hoge snelheid voorbijrazen – nu eens deze kant op, dan weer terugkerend, dan weer de andere kant op, steeds zichtbaarder geagiteerd gasgevend. Totdat hij in zijn haast vól op een golfkarretje van de Paddock Club knalde. Boem! Gelukkig vielen er op het karretje geen gewonden...

Een kijkje in het mediacentrum van Zandvoort, dat een paar jaar geleden tot een soort mediacafé werd opgewaardeerd. Benieuwd hoe de mediazaal eruitziet als het F1-circus er eenmaal langs is geweest.
In gesprek met een voorbeeld uit mijn jonge jaren, nu een collega: Marcus Pye, de ongekroonde koning der historische autosportjournalisten.

Meestal doe ik het licht uit aan het eind van de dag, maar deze keer was er nog een Duitser hard aan het werk voor zijn verslag over de Tourenwagen-Legenden.
De laatste dag op Zandvoort begon met een prachtige zonsopgang.
Heel wat meer drukte nu in het mediacentrum. Met v.l.n.r. usual suspects René de Boer, Co van der Gragt, Chris Schotanus, Henry Soenarko en Erik van der Schaaff.
En dan interview je zomaar nóg een jeugdheld: de onnavolgbaar flegmatieke 'Soperman'.
Of je noteert de woorden van Calum Lockie terwijl circuitspeaker Arthur Dekker diens teamgenoot Julian Thomas interviewt.

De Geheimtipp van het jaar: het Morgan-museumpje in Rolvenden, waar ik toevallig langs knalde op weg naar de Goodwood Revival. Vol op de rem, parkeren en voor een paar pond naar binnen mogen.



Zulke zelfgebouwde paradijsjes zijn de pareltjes onder de automusea.