Retro: Groeten vanaf de Nürburgring van de Oldtimer Grand Prix 2025

Elke keer lijkt het voorheen zo glorieuze evenement van de Oldtimer Grand Prix een beetje kleiner te worden – en ook dit jaar konden wij ons niet aan die indruk onttrekken. Het is inmiddels een veredeld clubevenement dat ook niet meer zo veel publiek trekt als de immer groeiende tegenpool die Hockenheim Historic heet. Het nationale karakter wordt versterkt door de nadruk op lokale klassen, waarvan die van de DRM Revival, Golden Ära en FHR natuurlijk ook weer niet te verwaarlozen waren. Maar waar Masters Historic Racing jarenlang vaste klant was met zijn hele pakket, traden nu alleen nog de F1-auto’s aan – na een afwezigheid van drie jaar ook nog eens. AUTOSPORT.NL ging vier dagen kijken en snoof gelukkig nog genoeg (Nederlandse) sfeer op.
Tekst: Mattijs Diepraam
Foto’s: Carlo Senten, Willem J. Staat & Mattijs Diepraam

Natuurlijk komen we op donderdag via het oude rennerskwartier naar binnen, waar nog altijd de plaquette hangt ter ere van de allereerste winnaar van de GP van Duitsland.

Aan de overkant van de ingang prijkt de naam van Rudolf Caracciola ook in dikke Gotische letters tussen de andere grootheden van de Duitse autosport. De naam vooraan moeten we daarbij vooral niet verwarren met die van de oud-RBR-teambaas…

Het was een lege boel in het oude rennerskwartier. In betere Oldtimer-dagen stonden hier de vooroorlogse auto’s opgesteld, maar die hadden nu een plekje gevonden in de garages. Dit levende meubelstuk was desondanks niet weg te slaan uit het Altes Fahrerlager.

Steeds meer opleggers komen binnenrollen om hun vracht uit te laden. Hier – met logisch startnummer – de 924 Carrera GT van Susanne Fücker. (Nee, we gaan de grap niet maken.)

De eerste auto’s melden zich voor de veiligheidskeuring.

Ook Ties Meeuwissen en zijn preparateur Joeri Monné staan in de rij met de Shelby Daytona Cobra Coupé waarmee Ties en zijn vader Jac dit jaar zijn begonnen te racen.

Even verderop staat de Mustang van Bart Uiterwaal al. Onderweg kwamen we hem met zijn oplegger twee keer tegen – dankzij een tussenstop van uw redacteur – maar hier is hij nét niet te bekennen. De schim in de tent van de buren is namelijk die van Jac Meeuwissen.

Uw verslaggever lukte het opnieuw vijf keer op rij niet – er rust blijkbaar een vloek op een paddockontmoeting. Maar dan komt een van onze fotografen even later gelukkig toch Uiterwaal tegen, zelfs lekker in de weer met een sopje.

In de garages krijgen we alvast een voorproefje van het rijke toerwagenverleden dat Duitsland graag tot op de bodem uitmelkt. Bij Heinz Schmersal staat niet alleen de gebruikelijke Escort Mk2 RS2000 die hij al jaren met Henrik Stursberg deelt, maar ook zijn nieuwste speeltje: een van de Capri Turbo-replica’s uit het Groep 5-tijdperk die de DRM Revival zo veel sjeu geven.