Div: Terugblik 2024 René de Boer

Op de foto met Gijs van Lennep tijdens de vertoning van de film rond het 75-jarig jubileum van Pon's Automobielhandel als Porsche-importeur
Juni begon met een bezoek aan de bioscoop voor de speciale film ter gelegenheid van het 75-jarig jubileum van Pon’s Automobielhandel als importeur van Porsche in ons land. Mark Koense, Roel Kooi en hun team stelden een prachtige film samen en ook de ontvangst, in mijn geval door Porsche Centrum Gelderland in de enorme bioscoop aan de A12 in Ede, was uitstekend verzorgd. Gijs van Lennep behoorde er ook tot de gasten, de gelegenheid om eens samen met de Nederlandse Porsche-racelegende op de foto te gaan, wat, ondanks dat we elkaar al zo’n 35 jaar kennen, nog nooit was gebeurd.

Le Mans, altijd goed!
Daags erna was ik op Zandvoort voor DTM, gecombineerd met de Duitse Porsche Carrera Cup en de Porsche Carrera Cup Benelux, wat ook weer goed was voor vele contacten. De daaropvolgende week stond volledig in het teken van de 24 Uur van Le Mans, altijd een van de hoogtepunten van het jaar en zeker een van mijn favoriete races. Wie dacht dat het na de uitbundige viering van het 100-jarig bestaan in 2023 niet beter kon, moest vaststellen dat de lat dit jaar nog hoger kwam te liggen, en de top is nog niet bereikt, want ook voor volgend jaar waren de kaarten weer sneller uitverkocht dan ooit. Le Mans, dat betekent ook altijd fijne tradities, zoals het diner met bevriende collega’s in het onvolprezen Hotel de France, de mogelijkheid om onder het genot van een bruisende verfrissing te genieten van de parade in het stadscentrum – na in de tram onderweg erheen nog een artikel geschreven te hebben - en het verblijf op het circuit in cabines die ditmaal nog meer comfort boden dan in voorgaande jaren. Die laatste twee aspecten met dank aan Porsche, dat wederom zo goed was om mij mee te nemen naar het evenement.
Gezelligheid met collega's (vlnr Leslie Schraut, Christof Sage, uw redacteur en Wolfgang Wieland) tijdens de parade in het stadscentrum van Le Mans
Fijn was het om Morris Schuring de LMGT3-klasse te zien winnen. Ik ken Morris’ vader al ruim tien jaar (we zaten ooit op dezelfde school, hij een paar jaar eerder dan ik) en volg de verrichtingen van Morris en Flynt al vanaf het begin. Sinds dit jaar schrijf ik ook de persberichten voor Morris en het is natuurlijk altijd leuker te schrijven over mooie successen en waardevolle ervaringen dan over twintigste plaatsen. En dat na Nicky Catsurg (die ik ook al vanaf zijn vroegste racejaren ken) voor het tweede jaar op rij een Nederlander de klasse in Le Mans won, is natuurlijk ook gewoon heel erg mooi.
Succes voor Morris Schuring met winst in de LMGT3-klasse op Le Mans
Een week later stond de Historic Grand Prix Zandvoort op het programma, inclusief de onthulling van de aanvulling op het Nationaal Autosport-Monument, waarvan ik al jarenlang in de commissie zit. In de laatste week van juni stond de 24 Uur van Spa op het programma en in de aanloop ernaartoe had ik de Amerikaanse autosporthistoricus Dr. János Wimpffen twee dagen bij mij thuis te gast. Ook die ken ik al vele jaren, maar zo’n langer verblijf geeft de mogelijkheid om elkaar een stuk beter te leren kennen dan in de drukte van een race-evenement. Hij genoot zichtbaar van de barbecue bij ons in de tuin en het gezelschap van de kinderen en natuurlijk maakte ik ook van de gelegenheid gebruik om hem de boeken van zijn hand in mijn autosportbibliotheek te laten signeren en van een opdracht te laten voorzien. Zulke lijvige werken neem ik immers liever niet mee naar circuits.
Onthulling van de aanvulling op het Nationaal Autosport-Monument in Zandvoort tijdens de Historic Grand Prix
Over boeken gesproken: in de zomer deed ik ook de eindredactie van de volgende uitgave in de reeks van AUTOSPORT.NL, wederom vaardig geschreven door Mattijs Diepraam en ditmaal gewijd aan Marcel Albers. Ik had Albers in mijn tijd als beginnend verslaggever slechts zijdelings meegemaakt, maar door het boek is mijn beeld van hem een stuk duidelijker geworden. Wederom een topwerk en een mooie aanvulling voor de collectie. Lekker lezen in de tuin kon natuurlijk ook met het tijdschrift Volgas, waaraan ik opnieuw de nodige bijdragen mocht leveren, waaronder in het medio december verschenen nummer een artikel over de parallellen tussen auto- en skisport, de twee takken van sport waarin ik al zo lang journalistiek actief ben. Helaas is dat ook gelijk het laatste nummer, want zoals ook collega Diepraam in zijn jaarterugblik al schreef bleek het potentieel voor een autosporttijdschrift met alleen maar ‘longreads’ in het Nederlandse taalgebied toch te klein om het project rendabel te kunnen voortzetten. Echt jammer, en weer een ‘complete collectie’ in het archief, na Racing Rallying Insight, Raceworld, Race Report en Maximum Speed, waarbij ik ook allemaal betrokken was. Gelukkig hebben we in ieder geval Start’84 nog, waarvoor ik aan het eind van het jaar een lang interview mocht doen met Jeroen Bleekemolen, die ik ook al vanaf het begin van zijn loopbaan volg.
Dr. János Wimpffen signeert zijn boeken uit mijn autosportbibliotheek