BRL verdeelt prijzen eerlijk bij spectaculaire seizoensopening (lang)



Herkansing
Het voordeel van twee races op één dag is dat de teleurgestelden zich snel kunnen revancheren en de gefêteerden naar meer snakken. De drang naar voren was goed te zien bij de start, want waar in de eerste race nog netjes geformeerd werd, was het in de tweede race ieder voor zich redden wat er te redden valt.
Bleekemolen en Crevels grepen gelijk de koe bij de horens en pakten respectievelijk Van Es en Van der Ende. Vervolgens opende Bleekemolen de aanval op leider Molenaar die daarbij door de grindbak moest. Molenaar kwam als zesde terug de baan op, maar wel met een aanlopend achterwiel.

“Ik had weer een goede start en zag dat Jeroen Sandor inhaalde. Toen zat hij een meter of tien achter me dus stuurde ik gewoon in, maar hij dook desondanks in dat gat. Hij raakte me, waarbij ik een aanlopend wiel opliep. Erg onnodig, dit had gemakkelijk voorkomen kunnen worden. Jeroen heeft daar genoeg ervaring voor.” Bleekemolen was zich wel van kwaad bewust. “Ik raakte hem inderdaad, maar het was uiteraard niet opzettelijk, ook niet zo heel hard overigens. Door het tekort aan motorvermogen wist ik dat ik bij de start de kop moest pakken en dan verdedigen en zien waar het schip strand. Ik was er dus op gebrand om naar voren te komen.”

Met Molenaar teruggevallen naar de zesde plaats was Van Es de troefkaart van Collé. Hij zette dan ook vol de druk op de leidende Bleekemolen. Zeker toen duidelijk begon te worden dat ook Bleekemolen niet ongeschonden uit de strijd was gekomen, zette Van Es alles op alles om de leiding over te nemen. Bleekemolen kent echter ook de kneepjes van het vak en zorgde er persoonlijk voor dat Van Es zich niet alleen op hem kon concentreren. Bleek hield het zaakje namelijk zo op dat Van der Ende, Garritsen, Van der Pol en Molenaar konden aanhaken, wat een prachtig vechtende kopgroep opleverde.

“Publieksverwennerij”
De doodsteek van de regerend kampioen liet lang op zich wachten, maar uiteindelijk wist Van Es het zinderende gevecht dan toch in zijn voordeel te beslechten en de kop te pakken. “De remmen gingen deze race echt los”, glunderde Van Es. “Dit is toch echt waar het publiek voor komt. De hele kopgroep was aan elkaar gewaagd en iedereen kan daar van iedereen winnen. Bij de start pakte Bleekemolen mij toen ik het niet meer verwachtte. Toen ik achter hem zat kreeg ik een hele kluit mensen in mijn nek en verloor de aansluiting. Na wat tikjes van Van der Ende was ik echter van hem verlost en kon ik weer inlopen op Jeroen.

Hij verdedigde zich met hand en tand en inhalen is hier niet gemakkelijk. Dat maakt de klasse echter ook aantrekkelijk. Dat het uiteindelijk nog lukte geeft een lekker gevoel. Met deze overwinning heb ik eindelijk eens een goede seizoensstart, dat ben ik niet gewend.”


Op de tweede plaats moest Bleekemolen zien te redden wat er te redden viel, maar met nog enkele ronden te gaan zag hij ook de ontketende Nelson van der Pol naderen. De rijder van Teunissen Racing reed een prima race, waarbij hij uiteindelijk oprukte van de achtste naar de tweede plaats, daarbij toch niet de minste coureurs passerend.

“Het weekend begon heel erg slecht, we bliezen vrijdag de motor op en begonnen zaterdag dus al met een dag achterstand. Dat resulteerde in de twaalfde plaats. In race 1 was de auto al wat beter; voor de tweede race hadden we hem voor zachter gezet en dat scheelde super veel.”
“De start van de race was nog rustig, ik keek even de kat uit de boom, maar kwam lekker op gang en rukte op tot ik achter Molenaar kwam te zitten. Hij hield me enorm op met zijn aanlopende wiel en daardoor werd het bij mij in de auto ook nog eens erg heet van de rook. Ik moest hem dus snel voorbij en dat lukte ook vrij aardig. In de slotfase rukte ik nog op naar Bleekemolen en zag dat hij problemen had. Hij maakte me het niet meer zo moeilijk.”

Bleekemolens slotfaseproblemen werden mede veroorzaakt door een achtergebleven Light-rijder. “Ik werd in de zijkant geraakt en daarbij was onder andere mijn wiel krom. Ik moest daardoor Van Es laten gaan en ook Nelson van der Pol was niet meer te houden.”

Ferdinand Kool had het aan de stok met Jeroen Reijntjens
Afvalrace
Achter de drie podiumklanten eindigde Georgio Garritsen, die met een vierde plaats een prima debuut kende in de BRL-V6. Daarbij werd hij ook wel geholpen door het grote aantal uitvallers. Maarliefst acht van de negentien V6’en haalden de finish niet, waaronder niet de minste namen. Van Dongen strandde met een kapotte aandrijfas, Bouwhuis werd al vanaf de eerste bocht in het grind geduwd, Molenaars aanlopende band begaf het uiteindelijk, om er maar een paar te noemen. De smaakmaker van race 1 Crevels kwam in de tweede manche ook niet uit de verf, hij moest al snel de pits in voor reparatie en reed met een ronde achterstand een uitzichtloze missie.

Wim van Genderen van de baan in de Jacky Ickx-bocht

Tweestrijd
De tweede race van de BRL Light kende erg veel gelijkenissen met de eerste race. Wederom wist Zumbrink bij de start zijn leidende positie te bewaren en wederom had hij Van Kalmthout in zijn kielzog. “Ik had een prima start en in de openingsfase ging het gewoon hartstikke goed”, reageerde Zumbrink. Van Kalmthout stemde hier volledig mee in. “Ik kon hem wel redelijk volgen, maar hij reed heel sterk.” Net als in de eerste race maakten de twee zich los van de rest van het veld en vochten samen uit wie er met de grootste bokaal vandoor zou gaan.
Zoals een Light-bolide V6-leider Bleekemolen beschadigde, waardoor deze de wedstrijd verloor, zo was het een V6-bolide die het feestje van de Light-leider verstoorde. Het was namelijk een V6-rijder die van de baan spinde, waarna leider Zumbrink zich vergaloppeerde over het achtergebleven grind. Van Kalmthout greep dit buitenkansje met beide handen aan en veroverde de leidende positie. “Het was jammer van dat momentje”, reageerde Zumbrink.

“Na dat grindakkefietje gingen we er ook nog een keer samen vanaf toen we uitgleden over olie. Hij bleef echter voor mij en wist wat uit te lopen. Ik besloot maar mijn eigen race te rijden en geen risico’s meer te nemen.” Winnaar van Kalmthout wist ook wat hem in de slotfase de winst opleverde. “Het werd wat vochtig en onder gladde omstandigheden ben ik op mijn best. Ik heb een heerlijke race gereden en van de eerste tot de laatste ronde moeten knokken.”
