IRL: Interview Robert Doornbos: Tony Kanaan heette me ‘welcome to the club’

Heb je als kind naar IndyCars en de Indy 500 gekeken?
"Nee, eigenlijk nooit. Ik groeide echt op met het kijken naar de Formule 1. Dat veranderde wel vanaf het moment dat ik zelf ben gaan racen. Helaas heb ik Arie Luyendijk nooit live de Indy 500 zien winnen, al heb die races inmiddels wel teruggekeken. Arie is echt een grootheid hier. Mijn monteurs bij Newman/Haas/Lanigan zijn fan van hem. Het opvallende is dat hij altijd moeite had met het racen op stratencircuits, maar zich op ovals als een vis in het water voelde. Ik hoop net zo goed als Arie te worden in oval racing en kijk ook erg uit naar 24 mei, wanneer ik mijn debuut in de Indy 500 maak. Dat is een droom die uitkomt.’’
Houd je van melk?
"Ik ben er dol op. De Indy 500-winnaar moet na afloop inderdaad aan de melk. Kom maar op!’’
Wat zijn de verschillen tussen je ChampCar-auto en IndyCar?
"Dat is nu nog lastig te zeggen. Ik heb namelijk met mijn IndyCar alleen nog op een oval gereden en dat heb ik met mijn ChampCar nooit gedaan. Dat kan ik beter aangeven als ik met de IndyCar op een ‘road course’ heb gereden. Maar ik moet zeggen dat het qua rijcomfort vrij identiek is.’’