Dragracing: Niet de beste versie van Tierp Arena

De tweede ronde van het FIA Europees Kampioenschap Drag Racing op het Zweedse Tierp Arena heeft in de Top Fuel klasse met Colin Millar de eerste Schotse overwinning opgeleverd. In de Top Methanol klasse ging de winst naar thuisfavoriet Tony Bryntesson, terwijl in de Pro Modified klasse in een spannende finale regerend kampioen Jere Rantaniemi Andres Arnover van zijn tweede zege van het seizoen afhield. In de Pro Stock finale verraste Simon Ekengren door regerend kampioen Robin Norén het nakijken te geven. Maar meer nog dan over de winnaars ging het bij de Summit Racing Equipment Internationals over de staat en preparatie van de baan van het eerder nog snelste dragrace-complex van Europa.
Tekst: Remco Scheelings
Foto’s: Remco Scheelings
Dat Tierp Arena een serieus probleem heeft, is wel duidelijk. Direct zichtbaar is de staat van tribunes, waarvan de bovenste rijen vanwege houtrot uit veiligheidsoverwegingen niet meer gebruikt mogen worden. Maar nog belangrijker is de baan zelf. De in de eerste jaren na de bouw snelste dragstrip van Europa begint tekenen van verval te vertonen. Door bewegingen in de ondergrond zijn er oneffenheden in de baan ontstaan, zit er ruimte tussen de betonplaten en brokkelen er stukjes af. Tel daarbij op dat in de voorbereiding op de Summit Racing Equipment Internationals ook nog het nodige misging bij het prepareren van de baan. Het gevolg was, weinig goede tijden, continue wisselende baanomstandigheden en veel mislukte runs. In de kwalificaties waren er in zowel de FIA als de Sportsman klassen al de nodige schuivers geweest met contact met de muur als gevolg. Toen op zondag in de eerste eliminatieronde van de Pro Modified klasse opnieuw twee rijders bijna crashten, besloten de FIA-afgevaardigden om een spoedvergadering te beleggen om te zien of de wedstrijd nog wel voortgezet kon worden. Uiteindelijk werd er gewoon doorgereden, maar dat er voor volgend jaar iets moet veranderen is wel duidelijk.

Colin Millar
Eerste winst Colin Millar
De koningsklasse Top Fuel blijft het zorgenkindje van het FIA Europees Kampioenschap. Op Tierp Arena kwamen er met regerend kampioen Susanne Callin en Colin Millar slechts twee auto’s aan de start. De twee RF Motorsport-teamgenoten hadden de grootste problemen om het vermogen van 10.000 pk op de baan te krijgen.

Susanne Callin
In de laatste kwalificatierun zorgde dit bijna voor een crash bij Callin, die op twee wielen over de baan ging, maar net uit de muur bleef. Eerstejaars Top Fuel-rijder Millar klokte met 5,49 seconden de minst slechte kwalificatietijd, met Callin in 6,35 seconden op twee. Na de bijna crash van Callin en op basis van de magere baancondities, besloot teameigenaar Rune Fjeld op zondag in eerste instantie om zijn auto’s aan de kant te houden en niet verder te rijden.

Finale
Uiteindelijk werd de Noor op andere gedachten gebracht waardoor er toch nog een finale gereden werd. Bij de start leek de strijd gelijk op te gaan, maar omdat Callin na 100 meter alle grip verloor, ging de winst in 4,55 seconden naar Millar. Voor de Schot was het in zijn debuutseizoen in zijn tweede race zijn eerste overwinning.

Jere Rantaniemi
Turbo’s on top
Veel beter zag het startveld er gelukkig uit in de Pro Modified klasset. Twintig deelnemers moesten zich daar voor de zestien beschikbare plaatsen in de eliminaties zien te kwalificeren. De toch altijd al moeilijk in het rechte spoor te houden Pro Mods hadden het extra lastig op de onvoorspelbare baan. Na vier kwalificatieruns stond regerend FIA Europees kampioen Jere Rantaniemi met een uitstekende 5,79 seconden op plek één.

Michel Tooren
Ook Michel Tooren lukte het de omstandigheden de baas te worden en met 5,82 seconden plaatste de Nederlandse Pro Dutch Racing-rijder zich als tweede voor de eliminaties.

Andres Arnover
Op drie de winnaar van The Main Event, Andres Arnover (5,860 seconden), en op vier met een minimaal verschil (5,862 seconden) de Noor Stian Rusånes, die de setup van zijn Corvette steeds beter voor elkaar lijkt te krijgen. Op vijf Michael Gullqvist, die met 6,00 seconden de Dodge Daytona van Micke Johansson aan het rijden lijkt te hebben gekregen.

Jens Lönngren
Op zes en acht eindigden de verrassend snelle Benny Strand (6,09 seconden) en Jens Lönngren (6,119 seconden), die gescheiden werden door op zeven Fredrik Fagerström (6,116 seconden).

David Vegter
Waar verrassende uitschieters in positieve zin zijn, zijn ook onverwachte tegenvallers. Zo kreeg David Vegter het vermogen niet op de baan waardoor de Nederlander zich tevreden moest stellen met een negende kwalificatiepositie. Roger Johansson bleef steken op plek tien, terwijl Mats Eriksson zich als zestiende (7,31 seconden) maar net voor de eliminaties kwalificeerde.

Marck Harteveld
Maar er waren ook echte verliezers, zoals Bruno Bader die alle kanten van de baan zag en niet verder kwam dan plek zeventien en Marck Harteveld. De Nederlandse Voodoo Hemi Racing-rijder kreeg ook het vermogen niet op de baan, ging twee keer bij de start richting de muur en hoorde met een twintigste plaats tot de niet-gekwalificeerden.

Mats Eriksson (foto Rose Hughes)
De eerste eliminatieronde leverde in die zin geen verrassingen op, dat de top acht uit de kwalificaties hun eliminatieronde wonnen en de nummers negen tot en met zestien klaar waren. Daarbij dus ook Vegter, die opnieuw het vermogen niet kwijt kon en ten onder ging tegen Lönngren. Crashes en bijna crashes waren er voor Johansson, die de lak van de zijkant van zijn Mustang op de muur achterliet en Eriksson, die op twee wielen dwars de baan over schoot maar gelukkig niets raakte.

Halve finale
Na zijn winst in de eerste eliminatieronde tegen Peter Kunc, schakelde Tooren in de kwartfinales Fagerström uit, waarna in de halve finale de confrontatie wachtte met Arnover, die in zijn kwartfinale met een minimaal verschil (6,03 tegen 6,04 seconden) Strand het nakijken had gegeven. Met 5,846 tegen 5,857 seconden klokte Tooren de snellere tijd, maar Arnover had een net iets betere reactietijd waardoor de winnaar van Santa Pod de neus van zijn turbo-Mustang toch als eerste over de finishlijn duwde.

Halve finale
Aan de andere kant van de eliminatieladder had Rantaniemi in de kwartfinale een bye run en stuitte daarna op Rusånes. De Noor verloor echter al snel grip waardoor de regerend FIA Europees kampioen zich in 5,84 seconden voor de finale plaatste.

Finale
In de finale daarmee met Rantaniemi en Arnover twee turbo-auto’s. In een spannende run pakte Rantaniemi met 5,80 seconden tegen 5,83 seconden de winst. De Fin is daarmee weer helemaal terug in de titelstrijd.