Dragracing: Round 1 eindigt onbeslist
Uitglijders
De Pro Modified klasse had aan de kwalificaties alweer genoeg om voor voldoende spektakel te zorgen. In de eerste, later door de regen afgebroken en dus niet meetellende kwalificatieronde, verspeelde Mats Eriksson zijn auto. De Zweed raakte na een uitstekende start uit de koers, leek de auto onder controle te krijgen, maar klapte uiteindelijk toch aan beide kanten hard tegen de muur. Eriksson kon ongedeerd uitstappen maar zijn weekend was met een flink beschadigde auto wel meteen over.

David Vegter
Een minstens zo bizarre, maar gelukkig beter afgelopen schuiver, maakte David Vegter in zijn eerste kwalificatierun. Bij het passeren van de finish werkten de remparachutes niet en na een korte slinger schoot de achterkant van de Camaro plotseling weg. Met meer dan 200 km/u maakte Vegter een 180 graden spin en had daarbij alle geluk van de wereld dat de auto op de vier wielen bleef glijden en niet ging rollen. De Camaro kwam uiteindelijk eerst met de voorkant en vervolgens met de achterkant met de muur in aanraking. Wonder boven wonder bleek de schade mee te vallen en met een van Marck Harteveld geleend onderdeel voor de voorwielophanging stond Vegter door het harde werken van de crew een kleine twee uur later tot ieders stomme verbazing gewoon weer aan de start voor de tweede kwalificatieronde. Met zijn tijd van 6,21 seconden pakte Vegter zelfs nog de zevende kwalificatiepositie en bleef daarmee de vice-kampioen van 2013, Mattias Wulcan een plaatsje voor.

Pole voor Marc Meihuizen
Marc Meihuizen op één
De andere Nederlanders in het veld bleven vrij van al te grote problemen en deden het uitstekend. Met zijn gedeeltelijk nieuwe auto leek Michael Gullqvist in 5,99 seconden meteen weer de eerste kwalificatiepositie voor zich op te gaan eisen. Tot de laatste kwalificatieronde was de Zweedse regerend Europees kampioen de enige deelnemer onder de 6 seconden. In zijn laatste poging snelde Marc Meihuizen echter naar 5,981 seconden en kaapte daarmee de eerste positie voor de neus van Gullqvist weg. Een uitstekende prestatie van de Nederlander die dit seizoen in de 5,8 seconden wil rijden.

Robert Joosten
Robert Joosten had met Pasen op Santa Pod zijn snelheid al laten zien en onderstreepte dit met een 6,108 seconden, goed voor een vierde plaats op slechts 0,002 seconden van de als derde geklasseerde Zwitser Bruno Bader. Joosten had duidelijk last van de ten opzichte van Pasen iets mindere baanomstandigheden, waardoor de Pro Dutch Racing Camaro het vermogen niet voldoende kwijt kon. Achter Joosten legde de Zweed Roger Johansson met 6,12 seconden beslag op plaats vijf, net voor Norbert Kuno, de Duitser die na de eerste kwalificatieronde met 6,20 seconden nog op plaats één stond.

Dennis (voorgrond) en Timo Habermann
Sterke rentree
De Top Methanol Dragster klasse lijkt dit jaar een mooie strijd te worden tussen de broers Timo en Dennis Habermann en de 'de mannen van Malta', Manty Bugeja en Chris Polidano. Na een jaar afwezigheid en uitgerust met nieuwe PSI-blowers waren vooral de tijden van de Duitse broers opmerkelijk. In zijn tweede run snelde Timo Habermann naar 5,24 seconden, ruim onder het bestaande Europese record van 5,29 seconden en een tijd die zelfs in Amerika pas twee keer eerder op de klokken kwam. Met zijn 5,31 seconden deed broer Dennis het ook bijzonder goed en eiste plaats twee voor zich op.

Chris Polidano
Bugeja bleef steken op 5,45 seconden en ook Polidano moest met 5,55 seconden voorlopig zijn meerdere erkennen in de Duitsers. Dave Wilson had te kampen met niet volledig meewerkende cilinders en moest genoegen nemen met plaats vijf, terwijl Jonny Lagg bij zijn tweede kwalificatiepoging een niet meer te herstellen motorschade opliep.

Johan Lindberg
Minder snel
Tegenvallende tijden in de Top Methanol Funny Car klasse. Met 5,72 seconden eiste Johan Lindberg de eerste plaats voor zich op en daarmee kwam de Zweed als enige in de buurt van de tegenwoordig gangbare tijden. Plaats twee ging met 5,84 seconden naar Jürgen Nagel, maar geheel zonder technische problemen ging dit niet. Gareth Ellis kon met de ex-Adam Flamholc Monte Carlo zijn goede tijden van Pasen niet benaderen en bleef steken op drie, terwijl Stephanie Milam met 5,98 seconden voor het eerst onder de 6-seconden dook en plaats vier veiligstelde.

Danny Bellio
Op vijf Danny Bellio (6,38 seconden) en daarmee kon de Belg uiteraard niet tevreden zijn. Diverse kleine technische problemen speelden Bellio parten, terwijl in één run de tijdwaarneming niet goed functioneerde en hij in zijn laatste run met de neus de tijdwaarneming op de finishlijn raakte waardoor deze (snellere) tijd werd geschrapt.

Jimmy Alund
Jimmy Alund klasse apart
Pro Stock lijkt dit jaar een onemanshow van Jimmy Alund te gaan worden. Zelfs de slechtste run van de Zweed was nog goed geweest voor plek één. Mede als beloning voor zijn uitstekende invalbeurt in het Summit Racing team in de Amerikaanse NHRA Pro Stock competitie, kreeg de achtvoudig FIA Europees kampioen in zijn jacht op titel negen sponsoring van Summit aangeboden. Na een 6,61 seconden volgden nog een 6,55 en 6,535 seconden, slechts een fractie boven zijn eigen Europees record van 6,534 seconden.

Magnus Petersson
Op respectabele afstand legde Magnus Petersson in 6,69 seconden beslag op plaats twee en bleef daarmee toch wel enigszins verrassend Thomas Lindström net voor (6,705 seconden). Op vier Michael Malmgren, die nog hoofdzakelijk met het afstellen van zijn nieuwe Pontiac bezig was.