BOSS GP: Henk de Boer ‘grote boze kerel tussen de dametjes’

Begrijp ons niet verkeerd: Henk de Boer is een vriendelijke man, gezellig in de omgang. Maar zijn Panoz DP01 Champcar is nogal imponerend. Ten opzichte van de relatief lichtvoetige Formule 1-auto’s in BOSS GP is zijn Champcar een 200 kilo zwaardere, achteruitkijkspiegel vullende, indrukwekkende verschijning. De Boer spreekt zelf over een ‘grote, boze kerel tussen de dametjes’. Lachend: “Dit is low budget racen. De auto rijdt op methanol, dat kost maar 55 cent per liter.”
Tekst: Roy van der Laan
Foto's: Chris Schotanus

Je kunt veel over Henk de Boer zeggen, maar niet dat hij kleurloos is. Neem de manier waarop hij zijn eerste ervaringen in de autosport opdeed. De meeste nieuwbakken coureurs beginnen voorzichtig in een beginnersklasse. De Boer koos een andere tactiek. “Ik wilde in korte tijd veel ervaring opdoen. Daarom reed ik in vijf klassen tegelijk.”
In Nederland nam hij deel aan de nationale cups rond de Alfa Romeo 156 en de Seat Ibiza. Internationaal reed hij in de Ferrari 360 Challenge en, met een Formule Ford, in een klasse voor historische formuleauto’s. De vijfde klasse heeft weinig indruk gemaakt. “Dat seizoen reed ik ook nog met een andere auto.”

Op weg naar de Formule 1
De Boer vormt al tien jaar lang een hecht team met René Kouwenberg, die voor de techniek van zijn raceauto’s tekent. Samen stippelden ze een toekomst uit. “We zeiden tegen elkaar dat we samen richting de Formule 1 zouden gaan.” Berustend: “René was er eerder klaar voor dan ik.”
Via de klasse Historische Monoposto’s, waar hij een Argo Formule 3 bestuurde, kwam de Formule 1 uiteindelijk in zicht. Enkele jaren geleden mengde hij zich met zijn Colini Formule 1-bolide uit 1988 in het BOSS-geweld.