Superleague Formula: Winst voor Doornbos, Buurman vice-kampioen
Dat Davide Rigon nauwelijks meer van de Superleague Formula titel af zou zijn te houden stond bij voorbaat vast, zolang hij geen serieuze fouten meer zou maken. En dat deed de Italiaan ook niet. De strijd om de runner-up positie draaide uit op een thriller, met Yelmer Buurman, Robert Doornbos en Adrian Valles in de hoofdrollen. Het werd uiteindelijk de PSV-rijder.
Tekst: Matthé IJzerman
In de eerste race vielen er al veel verrassingen te noteren. De grootste was wel dat de soeverein leidende Adrian Valles in de voorlaatste ronde plotseling vertraagde en met een brandstofpompprobleem er ternauwernood nog een zevende plaats uit wist te slepen, precies voor Yelmer Buurman. De PSV-rijder had in het eerste deel van de race door een set slechte banden helemaal niets in te brengen.
Nadat die door een nieuwe set waren vervangen kwam er pas goed snelheid in de PSV-auto en kon Buurman inlopen op een grote groep rijders voor hem. Maar op Jerez is inhalen een stuk moeilijker dan dat het op het eerste gezicht lijkt. Buurman kwam als 8e over de meet, vlak achter Adrian Valles. Die had al na een paar ronden een mega gat geslagen, met een groepje van vijf op eerbiedige afstand. Aan de staart daarvan de AC Milan-auto van Robert Doornbos. Die kreeg van zijn teamgenoot Alessandro Pier Guidi al snel de doortocht, toen de Galatasaray-rijder zich verschakelde. Doornbos kwam vroeg binnen voor de verplichte pitstop en ging eenmaal weer op de baan er als een speer vandoor. Het leverde hem de tweede plaats op doordat hij Tristan Gommendy meteen na diens pitstop kon inrekenen.
“In het verleden werd ik juist in de eerste ronde op nieuwe banden verschalkt. We hebben alles goed geanalyseerd en de druk van de nieuwe banden aangepast. Het was in tricky, met veel glijden, maar ik had daardoor wel een hele snelle outlap en kon zo de FC Porto-wagen inhalen”, aldus Doornbos, die de eerste plaats in de schoot kreeg geworpen toen de Liverpool-wagen zo sterk vertraagde. Na de Nürburgring (2x) en Estoril klonk zo voor de vierde keer in zes Superleague Formula raceweekenden het Wilhelmus. “Ik heb ook wel een beetje mazzel gehad want de versnellingsbakbediening werkte niet meer goed omdat de druk was weggevallen. Daardoor schoot ik een paar keer bijna van de baan. Gelukkig kon ik dat hele treintje – er reden er vijf achter – toch achter me houden. Maar het was wel kantje boord”.
Precies gelijk
De uitkomst van de eerste race hield in dat de strijd om het vicekampioenschap ongekend spannend was geworden. PSV, Liverpool en AC Milan stonden exact puntgelijk, dus wie voor de ander zou finishen zou er met de eer vandoor gaan. Buurman stond naast Liverpool’s Valles, Doornbos startte vanaf de laatste rij. De PSV-auto kwam voor die van Liverpool de eerste bocht uit en dat hield Buurman een viertal ronden vol. Maar de auto was zichtbaar een stuk langzamer geworden.
“Een half uur voor de race kwamen technici van motorconstructeur MCT de mapping van mijn motor ‘controleren’, zoals ze dat noemden. Maar die liep daarna dus echt niet meer goed”, brieste Buurman, die geen sprookjes vertelde. Het snelheidverschil waarmee bijvoorbeeld Graig Dolby (Anderlecht) hem op het rechte eind voorbij reed was onthutsend. Valles kwam er dus relatief makkelijk langs maar niet lang daarna stond de Liverpool-wagen weer in de pits. Dit keer was het het hydraulische systeem van de versnellingsbak die er de brui aan gaf. Daarmee was de strijd gereduceerd tot de twee Nederlanders, die beiden gehandicapt rondreden. Buurman dus met een zwakke motor, bij Doornbos kwam het probleem met het hydrauliek al na de eerste ronde weer terug.
“Op een gegeven moment schakelde hij voor een krappe bocht zelfs helemaal niet meer terug van vijf naar twee en schoot ik er bijna af. En ik moest extra vroeg remmen want anders weigerde hij ook terug te schakelen”, gaf de AC Milan-rijder te kennen. Die wist het gat met Buurman nog aardig te dichten maar moest toch bakzeil halen. “Ik kreeg van het team door dat ik hem voorzichtig naar huis moest rijden en niks meer forceren”. Zo wist Buurman met zijn de PSV auto alsnog voor die van AC Milan te finishen, waarmee het vicekampioenschap een feit was. “Yelmer heeft een heel sterk seizoen gereden, zo goed als geen fouten gemaakt en de auto steeds keurig over de finish gebracht. Hij is ontzettend snel en een goede vechter”, loofde Azerti teammanager Wim Coekelbergs.
De vice-kampioen was al even lovend. “Je weet niet hoe hard die monteurs hebben gewerkt. Terwijl die van andere teams om een uur of zeven naar het hotel gingen werkten ze hier tot middernacht door. En dat heeft zich uitbetaald. Waar andere auto’s regelmatig voortijdig strandden zijn wij geen enkele keer uitgevallen. Het was dus allemaal heel betrouwbaar en mede daarom hebben we dit mooie resultaat gehaald. Ze zijn bij PSV ook heel blij want wie dit vooraf had voorspeld, met zulke ervaren teams en zulke snelle rijders, zou zeker voor gek zijn verklaard”, vatte Buurman samen. De 21-jarige Ubbergenaar scoorde zo in de Superleague het beste resultaat van zijn carrière.
Tekst: Matthé IJzerman
In de eerste race vielen er al veel verrassingen te noteren. De grootste was wel dat de soeverein leidende Adrian Valles in de voorlaatste ronde plotseling vertraagde en met een brandstofpompprobleem er ternauwernood nog een zevende plaats uit wist te slepen, precies voor Yelmer Buurman. De PSV-rijder had in het eerste deel van de race door een set slechte banden helemaal niets in te brengen.
Nadat die door een nieuwe set waren vervangen kwam er pas goed snelheid in de PSV-auto en kon Buurman inlopen op een grote groep rijders voor hem. Maar op Jerez is inhalen een stuk moeilijker dan dat het op het eerste gezicht lijkt. Buurman kwam als 8e over de meet, vlak achter Adrian Valles. Die had al na een paar ronden een mega gat geslagen, met een groepje van vijf op eerbiedige afstand. Aan de staart daarvan de AC Milan-auto van Robert Doornbos. Die kreeg van zijn teamgenoot Alessandro Pier Guidi al snel de doortocht, toen de Galatasaray-rijder zich verschakelde. Doornbos kwam vroeg binnen voor de verplichte pitstop en ging eenmaal weer op de baan er als een speer vandoor. Het leverde hem de tweede plaats op doordat hij Tristan Gommendy meteen na diens pitstop kon inrekenen.
“In het verleden werd ik juist in de eerste ronde op nieuwe banden verschalkt. We hebben alles goed geanalyseerd en de druk van de nieuwe banden aangepast. Het was in tricky, met veel glijden, maar ik had daardoor wel een hele snelle outlap en kon zo de FC Porto-wagen inhalen”, aldus Doornbos, die de eerste plaats in de schoot kreeg geworpen toen de Liverpool-wagen zo sterk vertraagde. Na de Nürburgring (2x) en Estoril klonk zo voor de vierde keer in zes Superleague Formula raceweekenden het Wilhelmus. “Ik heb ook wel een beetje mazzel gehad want de versnellingsbakbediening werkte niet meer goed omdat de druk was weggevallen. Daardoor schoot ik een paar keer bijna van de baan. Gelukkig kon ik dat hele treintje – er reden er vijf achter – toch achter me houden. Maar het was wel kantje boord”.
Precies gelijk
De uitkomst van de eerste race hield in dat de strijd om het vicekampioenschap ongekend spannend was geworden. PSV, Liverpool en AC Milan stonden exact puntgelijk, dus wie voor de ander zou finishen zou er met de eer vandoor gaan. Buurman stond naast Liverpool’s Valles, Doornbos startte vanaf de laatste rij. De PSV-auto kwam voor die van Liverpool de eerste bocht uit en dat hield Buurman een viertal ronden vol. Maar de auto was zichtbaar een stuk langzamer geworden.
“Een half uur voor de race kwamen technici van motorconstructeur MCT de mapping van mijn motor ‘controleren’, zoals ze dat noemden. Maar die liep daarna dus echt niet meer goed”, brieste Buurman, die geen sprookjes vertelde. Het snelheidverschil waarmee bijvoorbeeld Graig Dolby (Anderlecht) hem op het rechte eind voorbij reed was onthutsend. Valles kwam er dus relatief makkelijk langs maar niet lang daarna stond de Liverpool-wagen weer in de pits. Dit keer was het het hydraulische systeem van de versnellingsbak die er de brui aan gaf. Daarmee was de strijd gereduceerd tot de twee Nederlanders, die beiden gehandicapt rondreden. Buurman dus met een zwakke motor, bij Doornbos kwam het probleem met het hydrauliek al na de eerste ronde weer terug.
“Op een gegeven moment schakelde hij voor een krappe bocht zelfs helemaal niet meer terug van vijf naar twee en schoot ik er bijna af. En ik moest extra vroeg remmen want anders weigerde hij ook terug te schakelen”, gaf de AC Milan-rijder te kennen. Die wist het gat met Buurman nog aardig te dichten maar moest toch bakzeil halen. “Ik kreeg van het team door dat ik hem voorzichtig naar huis moest rijden en niks meer forceren”. Zo wist Buurman met zijn de PSV auto alsnog voor die van AC Milan te finishen, waarmee het vicekampioenschap een feit was. “Yelmer heeft een heel sterk seizoen gereden, zo goed als geen fouten gemaakt en de auto steeds keurig over de finish gebracht. Hij is ontzettend snel en een goede vechter”, loofde Azerti teammanager Wim Coekelbergs.
De vice-kampioen was al even lovend. “Je weet niet hoe hard die monteurs hebben gewerkt. Terwijl die van andere teams om een uur of zeven naar het hotel gingen werkten ze hier tot middernacht door. En dat heeft zich uitbetaald. Waar andere auto’s regelmatig voortijdig strandden zijn wij geen enkele keer uitgevallen. Het was dus allemaal heel betrouwbaar en mede daarom hebben we dit mooie resultaat gehaald. Ze zijn bij PSV ook heel blij want wie dit vooraf had voorspeld, met zulke ervaren teams en zulke snelle rijders, zou zeker voor gek zijn verklaard”, vatte Buurman samen. De 21-jarige Ubbergenaar scoorde zo in de Superleague het beste resultaat van zijn carrière.