Mazda MX-5 Cup: De Ketele grijpt titel in laatste ronde, De Kleijn dominant naar winst in finale op Assen

Als de titelstrijd tussen Delano De Ketele (DDK Motorsports) en Wouter Jansen (Tachyon Motorsport) niet zo nagelbijtend spannend was geweest, waren de eerste woorden na afloop van de laatste race van het seizoen in de Mazda MX-5 Cup Benelux ongetwijfeld aan Christiaan de Kleijn gewijd. De rookie van MV Motorsport leverde een unieke prestatie door een Mazda-race van start tot finish dominant aan te voeren: alleen Henk Vuik junior (VDH Autosport) kwam op het kletsnatte TT-Circuit Assen nog in de buurt. Alle blikken waren echter gericht op de strijd tussen De Ketele en Jansen, die al gauw neerkwam op een rechtstreeks duel. Jansen leek het pleit te hebben beslecht, maar de Belg sloeg in de allerlaatste ronde terug: hij wist precies de auto tussen zichzelf en Jansen te krijgen die nodig was om kampioen te worden.
Tekst: Mattijs Diepraam
Foto’s: Rob Blank & Johan Vis
De toeschouwers en alle teamleden in de pitstraat konden pas na een halfuur fel racen in de regen weer ademhalen, zo adembenemend bleek de apotheose in de titelstrijd van de Mazda MX-5 Cup Benelux van dit jaar. Terwijl De Kleijn vooraan domineerde, werd het na enkele ronden mano a mano tussen Jansen en De Ketele, die aanvankelijk op P7 en P8 circuleerden. Lange tijd wist Jansen zijn rivaal op voldoende afstand te houden, maar voorbij de helft van de race begon de Belg steeds meer aan te dringen. Zijn eerste pogingen sneuvelden dankzij een slim terugvechtende Jansen, maar in de laatste tien minuten kwamen de omliggende auto’s in het spel, op een circuit dat weer een stuk natter werd door een verse regenbui.

Eerst kon Nico Lahnalahti (JW Raceservice) naderen op de twee, om vervolgens met De Ketele mee te glippen toen die eindelijk een weg voorbij vond aan de Tachyon-auto. Met nog een minuut op de klok wist Jansen de Fin toch weer te passeren, zodat hij precies genoeg leek te hebben gedaan om kampioen te worden. Met één plaats verschil in het voordeel van De Ketele zouden de twee op gelijke hoogte eindigen, waarbij de vijf zeges van Jansen de doorslag zouden geven. Maar in de allerlaatste ronde wist De Ketele nog de auto van Dominique Kraan (VDH Autosport) bij te halen, om zo toch weer de buffer te creëren die nodig was om de titel naar België te laten gaan. Het kwam tot stand door een spin van Kraan, die daarmee de Timo Glock van het seizoen werd: De Ketele werd dus in extremis kampioen op dezelfde manier waarop Lewis Hamilton in 2008 de titel wist te veroveren op Felipe Massa.

Kraan was deel van het groepje dat in het spoor van De Kleijn en Vuik junior streed om de derde plaats. Die bestond in eerste instantie ook uit Devon Hagelen (Dekker Racing) en Xavier van der Schoot (JW Raceservice). Hagelen was vanaf de eerste rij gestart en handhaafde zich in de kop, maar Van der Schoot was sterk opgerukt vanaf de zevende startplek. Nog verder van achteren kwam Noah Maton (TDB Racing), die zich eerst voorbij vocht aan de titelkandidaten en daarna dwars door de achtervolgende groep joeg. Hagelen en Maton streden uiteindelijk om de derde plaats, waarbij Hagelen in de laatste ronde de plaats terugpakte, maar het was allemaal voor niets, want de twee kregen tijdstraffen voor track limits. Daardoor ging P3 naar Van der Schoot.

De Ketele erfde P4, met Kraan tussen hemzelf en Jansen in. Met 13 punten voor de vierde plaats en tien punten voor de zesde plaats hield de jonge Belg twee puntjes over voor de titel. Daarachter completeerden Lahnalahti, Luuk Vuik (VDH Autosport), Hagelen en Stijn Heere (Ferry Monster Autosport) de top-tien. Maton viel door zijn straf terug naar de 11e plaats. De Belg werd tweede in de Rookie Cup, achter de ontketende De Kleijn, die een verdiende rookiekampioen werd. Van der Schoot stelde met zijn P3 de derde plaats in de Rookie Cup veilig.