Sportscars: "Halve Nederlander" Mark Moreau informeert de regio over de 24 Uur van Le Mans

Redacteur Mark Moreau van Le Maine Libre op zijn werkplek in het perscentrum bij de 24 Uur van Le Mans
Hij is half Nederlands vanwege zijn moeder, die jarenlang verantwoordelijk was voor de persaccreditaties bij de 24 Uur van Le Mans. Sinds 2023 is Mark Moreau, geboren en wonend in Le Mans, de vaste redacteur van het regionale dagblad Le Maine Libre als het om lange-afstandsraces gaat. “Mijn eerste race in Le Mans als redacteur was die van de ‘Centennaire’, het honderdjarig jubileum, dus ik kwam er gelijk goed in”, lacht hij. De 29-jarige redacteur wist al op jonge leeftijd dat hij journalist wilde worden, en de passie voor de 24-uursrace zat er ook al vroeg in. Een perfecte combinatie dus.
Tekst: René de Boer (vanuit Le Mans, X/Bluesky: @renedeboer)
Foto’s: Rebocar/R. de Boer
Voor de twee regionale dagbladen Le Maine Libre en Ouest France is de 24-uursrace een van de grootste evenementen van het jaar. Beide kranten zijn met een forse ploeg medewerkers ter plekke aanwezig: elk van de twee dagbladen heeft een volledige rij werkplekken in het perscentrum tot zijn beschikking. Per dag worden dan ook meerdere pagina’s in de krant met nieuws, interviews, verslagen en reportages in woord en beeld rondom het evenement gevuld, plus het nodige aanvullende aanbod aan online-content. Voor de lezers is de 24-uursrace immers belangrijk: vrijwel iedereen in de regio heeft op de een of andere manier wel iets met het evenement te maken, is er als bezoeker bij of wordt ermee geconfronteerd, al was het maar vanwege de vele afgesloten wegen rondom het circuit. En wie ’s morgens bij het ontbijt Le Maine Libre op tafel heeft liggen, krijgt bij de koffie en de croissants heel wat artikelen van Mark Moreau en zijn collega’s rondom de race te lezen.

In de hele regio lezen mensen Le Maine Libre bij het ontbijt
“Ik versta een beetje”, zegt Moreau aarzelend lachend in het Nederlands op de vraag in welke taal we het interview zullen doen. We houden het dus maar op Frans. “Ik wilde als kind al journalist worden”, zegt Moreau. “Niet per se sportverslaggever, al was ik wel altijd al geïnteresseerd in sport.” Hij volgde drie jaar lang een opleiding aan een instituut voor opleiding en communicatie in Angers en vervolgens twee jaar een journalistenopleiding aan het CFPJ, die de mogelijkheid van een duale studie bood: telkens twee weken op school en vier weken als stagiair op een redactie, in het geval van Moreau in Bretagne. “Daar deed ik alles behalve sport”, vertelt hij, “maar in mijn vrije tijd was ik al wel als sportcorrespondent actief voor Le Maine Libre, de krant waarvoor ik nu werk.”
Toen Bruno Palmet, jarenlang een instituut als het om de sportwagenracerij bij Le Maine Libre ging, drie jaar geleden met pensioen ging, was dat voor Moreau, die inmiddels zijn opleiding had afgerond, de ideale gelegenheid om diens positie in te nemen. Hij kreeg de baan als redacteur van de autorubriek, wat ook de verslaggeving rondom de 24-uursrace inhoudt. “Ik kwam als kleine jongen net na de eeuwwisseling al naar de race en had doordat mijn moeder jarenlang voor de ACO werkte, natuurlijk ook wel een beetje inzicht in wat er achter de schermen gebeurt”, vervolgt hij. “Toen ik wat ouder werd, werd ik ook wel eens ingezet voor klusjes, als er geholpen moest worden, dus het perscentrum in Le Mans was voor mij niet onbekend.”
Naast de sportwagenracerij schrijft Moreau ook over voetbal, wat in Le Mans ook een belangrijk onderwerp is, zeker nu de lokale club weer is gepromoveerd naar de eerste liga in de Franse competitie. Ook tafeltennis is in Le Mans prominent met een club in de eerste divisie. Daarnaast is er aandacht voor volleybal, basketbal en natuurlijk wielrennen. “Zeker bij een toch vrij gespecialiseerde sport als autosport is het natuurlijk belangrijk om te bedenken dat onze krant voor het grote publiek is, dus het moet niet te gedetailleerd zijn, we moeten niet te veel de diepte ingaan voor wat betreft techniek en reglementen, maar het gewoon op een begrijpelijke manier uitleggen wat er gebeurt en waarom iets gebeurt”, vertelt de redacteur

Online is het aanbod van de beide dagbladen Le Maine Libre en Ouest France gecombineerd, ook met volop aandacht voor de race
Doorgaans is Moreau ook aanwezig bij de twee FIA WEC-races die voorafgaand aan de 24 Uur van Le Mans plaatsvinden. Zo was hij ook dit jaar in Imola en Spa. “Dat is belangrijk om van tevoren al de contacten op te bouwen en materiaal te verzamelen voor artikelen in de aanloop naar de race bij ons”, legt hij uit. “Voor de rest van het seizoen volg ik de andere WEC-races wel, maar ben niet ter plekke. Enerzijds vanwege de kosten, anderzijds ook omdat we op de sportredactie maar met z’n vieren zijn, en als ik dan een week weg zou zijn voor races aan de andere kant van de wereld, dan zou dat te veel werk voor de anderen betekenen.”
Vorig jaar was hij met een vriend als toeschouwer bij de Formule 1 op Silverstone. Als verslaggever zou hij ook wel eens de 24-uursraces van bijvoorbeeld de Nürburgring en Spa-Francorchamps willen meemaken, of de Formule 1 in Monaco. Voorlopig concentreert Moreau zich voor zijn dagblad echter op de sportwagenracerij, waarbij hij deze week natuurlijk een topweek heeft. “Het is hard werk, het zijn lange dagen, en zeker als het dit weekend ook nog eens heet wordt, zoals voorspeld is. Maar het is schitterend en ik ben blij dat ik dit mag doen”, zegt hij enthousiast. Een gevoel dat ook uw redacteur maar al te goed kent.