Formule E: Oliver Rowland behaalt in Monte Carlo eerste seizoenszege

Formule E in de straten van Monte Carlo
Titelverdediger Oliver Rowland had dit seizoen nog geen Formule E-race gewonnen, maar daarin bracht de Britse Nissan-rijder tijdens de zondagsrace in Monaco verandering. In een behoorlijk chaotische wedstrijd wist Rowland uit de problemen te blijven en dankzij een goede strategie naar voren te rijden, wat hij uiteindelijk bekroonde met zijn achtste overwinning in de klasse. Felipe Drugovich (Andretti) en António Félix da Costa (Jaguar) completeerden het podium. Nyck de Vries (Mahindra), de racewinnaar van gisteren, moest ditmaal van ver komen, maar pakte als negende toch punten.
Tekst: René de Boer (X/Bluesky: @renedeboer)
Foto’s: FIA Formule E
In de kwalificatie behaalde Ticktum (Cupra Kiro) net als gisteren de pole-position. Met een tijd van 1:26,222 was de Brit in de finale ruim zes tienden sneller dan António Félix da Costa (Jaguar). Op de tweede rij eindigden de verliezende halve-finalisten Edoardo Mortara (Mahindra) en Jean-Eric Vergne (Citroën), daarachter stonden Felipe Drugovich (Andretti) en Taylor Barnard (DS Penske). Nyck de Vries kwam ditmaal niet verder dan de 15e startplaats.
Bij de start neemt Ticktum de leiding, maar Mortara rijdt snel naar voren en pakt de kop, voor Vergne en Ticktum. De opmars van Mortara verloopt niet zonder slag of stoot, want hij rijdt Félix da Costa van de baan en krijgt daarvoor kort daarop een tijdstraf van tien seconden opgelegd. Een ronde later rijdt Barnard in de auto van Nato, die daarop in de afgrenzing van de baan belandt. Korte tijd later valt Nato definitief uit. Nico Müller is een van de eersten die “attack mode” haalt en verovert daarmee in de zevende ronde de leiding. Na tien ronden leidt Müller voor Mortarta, Ticktum, Vergne, Rowand, Drugovich, Evans en Barnard. Evans is de volgende uit de top tien met “attack mode” en klimt daarmee snel op. Zo verovert hij in de elfde ronde zelfs de leiding, na mooie inhaalacties op Mortara en daarna Müller.

Rowland klom in de slotfase van de race op naar de leiding
Andretti-teamgenoten Dennis en Drugovich halen daarna extra vermogen, respectievelijk vanaf de achtste en de negende plaats. In de 15e ronde strijden Mortarta en Müller zij aan zij, waarop Drugovich profiteert en er voorbij gaat voor de tweede plaats. Günther rijdt vol tegen de auto van Buemi aan, die vervaarlijk schuin op twee wielen komt te rijden, maar uiteindelijk toch weer correct op het asfalt belandt. Günther incasseert een straf van tien seconden voor het incident.
In het middenveld wordt meer en meer gestreden, Müller zit middenin de actie, maar verliest de vijfde plaats aan Ticktum. Vooraan bepalen Evans, Mortara en Drugovich het tempo, gevolgd door Ticktum, die “attack mode” heeft. In de 18e ronde neemt Mortara weer de leiding over met zijn tweede “attack mode”. Cassidy en Martí zijn met elkaar in botsing geraakt en blokkeren bij Rascasse de baan, wat leidt tot een “full-course yellow”. In de 20e ronde wordt de race weer vrijgegeven. Mortara leidt, voor Félix da Costa, Ticktum, Drugovich, Evans, Rowland, Barnard, Dennis, Günther en Müller. Een ronde later neemt Félix da Costa met “attack mode” de leiding over.
Ook diverse andere rijders voorin activeren hun tweede “attack mode”. Rowland pakt zo in de 23e ronde de leiding, voor Mortara, Drugovich, Félix da Costa en Evans. Een ronde later is er geel bij de chicane bij het zwembad, maar die wordt snel weer opgeheven. In de 26e ronde crasht Barnard op weg naar de tunnel in duel met Evans, waarop hij in de muur belandt. De gestrande DS Penske wordt snel weggehaald, zodat er weer vrijuit kan worden geracet voor de laatste ronde. Rowland wint, voor Drugovich, Félix da Costa, Evans, Mortara (na verrekening van de straf), Dennis, Müller, Eriksson, De Vries en Di Grassi. Op 20 juni wordt het seizoen voortgezet in het Chinese Sanya.

Podium met vlnr Nissan-teambaas Tomaso Volpe, Felipe Drugovich, Oliver Rowland en António Félix da Costa