Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet
Formula 4

Formule 4: Rocco Coronel: “Je racet voor het kampioenschap, niet voor jezelf”

Portimao (POR), Feb 19-22, 2026 - Spanish Winter Championship 2026 at Autódromo Internacional do Algarve,Portugal. Rocco CORONEL #23 MP Motorsport. © 2026 Dutch Photo Agency.

De Spaanse Formule 4 heeft de afgelopen seizoenen sterk aan kracht gewonnen en is momenteel wellicht zelfs de F4-klasse met de zwaarste competitie ter wereld. Bewijs daarvoor werd geleverd in de drie weekenden van het Spaanse winterkampioenschap. Daarin bleek het de normaalste zaak van de wereld dat de top-20 zich binnen een seconde van de snelste tijd kwalificeerde. Een van de Nederlandse troeven, Rocco Coronel, wist zich in dat sterke veld meteen voorin te handhaven. De Red Bull-junior van MP Motorsport is vast van plan om ook in het reguliere Spaanse F4-kampioenschap mee te doen om de hoofdprijzen – en dat liet hij in het eerste raceweekend op Valencia meteen zien. AUTOSPORT.NL sprak met de 15-jarige coureur uit Eemnes over zijn progressie, de F4-auto in vergelijking met andere auto’s en zijn verwachtingen voor het komende seizoen.


Tekst: Mattijs Diepraam
Foto’s: Dutch Photo Agency, Fotocar & JEP


Dat weekend op Valencia, dat onmiddellijk twee overwinningen opleverde, is inmiddels achter de rug, maar we ontmoeten de jonge Coronel als hij nog aan de vooravond staat van het Spaanse F4-kampioenschap. Hij is dan nog niet in Spanje, want in het voorafgaande paasweekend bereidt hij zich in Nederland voor, op het circuit van Zandvoort, waar hij aantreedt tijdens de Paasraces van het DNRT. Coronel test en racet er voor MDM Motorsport, dat tal van auto’s ondersteunt op een aardig deel van de 17 grids die het DNRT in het paasweekend op de baan brengt. Rocco’s vader Tom rijdt een Mazda MX-5 van het oudere type in de MaX5 Racing Cup, zelf racet Rocco mee in de Westfield Cup. Hij is tegen het einde van de vrijdagmiddag nog aan het testen als we in de pitstraat op zijn auto afstappen om te vragen hoe lang hij nog bezig is. Hij kijkt naar de donkergrijze lucht en we zien pretoogjes verschijnen. “Nog 20, 30 minuten!” is zijn antwoord. We geven hem geen ongelijk. De sproeiregen die al de hele middag naar beneden komt, heeft het circuit in een glibberige pretmachine veranderd. In de MDM-garage knikt Coronel senior goedkeurend. “Mooi, hij heeft duidelijk geen aanmoediging nodig!”

Even later schuiven we aan in de camper van Coronels, hun verblijf voor het hele weekend. De volgende dag zal Tom op het circuit zijn 54e verjaardag vieren – echte racers. Drie weken zijn achter de rug na de afloop van het Spaanse winterkampioenschap en na het weekend op Valencia is er nog eens een gat van bijna twee maanden. Hoe houdt hij zich dan bezig, vragen we als eerste aan Rocco Coronel. “Sporten, op de sim zitten. En school natuurlijk. Voor school had ik nog serieus veel in te halen, maar daar ben ik nu gewoon mee bezig. Als het goed is, vallen mijn examens precies in dat gat. Verder hadden we nog wel de officiële test op Barcelona, maar na Valencia mag je ruim anderhalve maand eigenlijk niets. Dan moet je andere dingen verzinnen, zoals deze Paasraces. Ik heb vandaag drie auto’s gereden – de Mazda van mijn vader, de Westfield en een BMW van MDM. Daar zit steeds tien seconden in rondetijd tussen. Dus kijken we hoe snel ik tussen die auto’s kan switchen. Omdat het nu nat is, moet je goede lijnen kunnen vinden. Ook daar leer je van. Ik reed voor het eerst in de Westfield, maar binnen drie ronden zat ik op de tijden van degenen die vooraan rijden.” Hoe snel hij de auto echt onder de knie kreeg, bleek later in het weekend uit het feit dat hij alle drie Westfield-races op zijn naam schreef.

122A9911

Deze winter deed Coronel mee aan twee winterkampioenschappen. Voor MP, waarvoor hij dit jaar zijn hoofdprogramma rijdt in het Spaanse F4, nam hij deel aan het Spanish Winter Championship, een winterkampioenschap uit de koker van dezelfde organisator als de Eurocup-3 en het Spaanse F4-kampioenschap. Voorafgaand daaraan draaide hij voor Van Amersfoort Racing een paar weekenden mee in de Formula Winter Series, waar de beste teams uit de Italiaanse en Britse Formule 4 bij elkaar komen. Daarin wist hij in de regen de latere kampioen Dries Van Langendonck te verslaan voor zijn eerste F4-zege. Hoe ziet hij zijn algemene progressie in die twee kampioenschappen? “In het begin stonden we rond de zevende, achtste positie, maar al snel streden we voor de top-drie. We hebben in de tussentijd nogal wat dingen geprobeerd met de auto en ik heb zelf ook meer gevoel voor de auto gekregen. Voor de rest was het een prima winterseizoentje, vind ik. Op het weekend op Jarama na, waar ik steeds buiten mijn schuld ben uitgevallen. De snelheid is er, nu alleen nog slim zijn”, zo vat hij zijn wintermaanden samen.

In de Formula Winter Series reed hij op de Pirelli’s die ze ook in Italië en Groot-Brittannië gebruiken, in het Spanish Winter Championship gebruiken de teams dezelfde Hankooks als in het reguliere Spaanse kampioenschap. “Het is geen megagrote omschakeling tussen Pirelli en Hankook, hoor. De ene bandenfabrikant doet het net iets anders dan de andere, maar het blijft rubber. Op de Pirelli’s moet je net iets harder trappen om harder te kunnen remmen, maar het is vrijwel vergelijkbaar. De auto’s zijn natuurlijk ook hetzelfde: Formule 4 blijft Formule 4. In beide kampioenschappen zag je dat de eerste zeven, acht auto’s aan elkaar gewaagd zijn, maar in het Spaanse kampioenschap moest je wel meer de strijd aangaan. Dat lag ook aan het feit dat we daar alleen maar op droog hebben gereden. In de Formula Winter Series hadden we ook natte weekenden. Daardoor lag het soms wat verder uit elkaar.”

122A5830

Nu hij zo veel méér auto’s rijdt dan alleen de Tatuus uit de Formule 4, kan hij eens wat vergelijkingen trekken? “De Formule 4 is de basis van de autosport”, zo zet hij de toon vooraf. “Het is de eerste stap die je zet. Je kunt geen andere stap zetten, want in hogere klassen mag je pas vanaf je 16e beginnen. Je kunt een beetje met aero spelen, maar dat heeft niet zo’n groot effect omdat er niet zo veel op zit. Je kunt wel veel met de schokbrekers werken, met de wagenhoogte, en met de anti-roll bar, die je strakker of zachter kunt draaien. Dat zijn eigenlijk de dingen die je aan de set-up kunt veranderen om de auto sneller te krijgen. Het is totaal anders rijden dan in een kart. Daarin moet je je stuur zo recht mogelijk houden om ‘m te laten slippen op de achterkant. Met een formuleauto moet je dat juist niet doen. De achterkant is heel stabiel en moet je nooit laten glijden, dus het gaat erom om de voorkant goed te hebben. Ja, klopt, bijna de tegenovergestelde rijstijl. Daarom hebben sommige rijders die het goed deden in de karts het in eerste instantie moeilijk in de formuleauto’s. Maar omdat ze veel talent hebben, staan ze er later dan wel weer bij.”

En in vergelijking met de GP3-auto die hij ooit testte op een Red Bull-selectiedag? Maakt dat extra vermogen en die extra downforce dan nog een verschil in balans? “Oef, dat is echt te lang geleden, toen was ik 13 jaar! Maar nee, nog steeds niet. Bij karten moet je de achterkant niet op de grond houden, want daar draai je mee. In formuleauto’s doe je dat met de voorkant. Als de achterkant gaat, glij je door al dat gewicht gewoon weg. Daarom spinnen ook zoveel mensen. En dan spinnen ze ook helemaal. Dus bij elke stap die je zet, verlaat je steeds meer de kartstijl. Sterker nog, ik denk dat F4 dichter bij karten zit dan F3, F2 en F1.”

23 094A2116

Vorig jaar werd Coronel op 14-jarige leeftijd kampioen in de Ginetta Junior Cup. Waar staat die Ginetta G40J tussen de karts en een F4? “De Ginetta lijkt erg op een kart: ook oversturend de bocht in. Wachten op het onderstuur en dan draaien met de achterkant. Maar ook laat remmen, zoals je met formuleauto’s doet. En goede exits hebben, omdat je in die Ginetta’s weinig pk’s hebt – dat is weer te vergelijken met karten. Het is eigenlijk een tussenstap, daarom hebben we ’t ook gedaan.” In één moeite door kijkt hij ook naar de Westfield waarmee hij net heeft kennisgemaakt: “De Westfield is ook weer op onderstuur letten en dan alles op de achterkant. De power-to-weight ratio in zo’n ding is ook best klein: 190 pk, maar hij weegt maar 580 kg, dus zo’n ding gaat serieus hard. En je zit helemaal open, dus ook in dat opzicht lijkt het op een kart.”

Nu staat Coronel voor de taak om het beste van zichzelf te geven in het Spaanse F4-kampioenschap. In het winterkampioenschap gingen tweedejaars als Noah Monteiro, Vivek Kanthan en Nathan Tye hem in de eindstand nog voor, maar toch wist de jonge Nederlander al vier keer het podium te bereiken. Daarnaast liet hij al een keer de snelste ronde van de wedstrijd noteren. Wanneer moeten zijn meer ervaren tegenstanders op hun tellen gaan passen? Hij geeft een antwoord dat voorzichtiger is dan wat hij een ruime week en twee F4-overwinningen later wellicht had gezegd: “Je kunt niet meteen snel zijn in de allereerste race, dat heeft tijd nodig. Maar ergens midden in het seizoen gaan wij het als rookies echt snappen. En dan gaan we het gewoon goed doen.” De woorden die daarop volgen, zijn gezien zijn koppositie in de tussenstand daarentegen des te relevanter: “Ik kijk niet naar de competitie met andere debutanten, maar gewoon naar het algemeen klassement. Daar draait het toch om? In de Formule 1 heb je ook geen rookie-kampioen. Je wilt gewoon overall-kampioen worden!”

122A8034

Welke stappen moeten hij en het team daarvoor zetten? “Alles moet tiptop zijn. Iedereen kan fouten maken, dus je moet vooral geconcentreerd blijven. In zo’n veld is het bijna onmogelijk om elke race te winnen, zeker niet met tweede- en derdejaars die het allemaal al een keertje hebben gedaan. Wij moeten het allemaal nog uitvinden. Ik kan me wel voorbereiden op de sim, maar dat kun je niet vergelijken met echte circuitervaring. In het echt is het altijd anders. De sim is voor mij meer baanverkenning. Wat je weleens ziet, is dat je een bocht vol ingaat en dan red ik het in de sim nét. Maar als je dat in het echt probeert, weet ik 100% zeker dat je eraf ligt! Door de sim weet je hoe lang een recht stuk is en waar je ongeveer moet remmen en insturen. Maar dat combineer je met data bekijken en ook video’s kijken. Vooral dat laatste is toch het handigste, want daarop zie ik wat er werkelijk is gebeurd, wat écht een keer is gedaan. Daar kan het team me goed bij helpen. Ik heb ook een goede engineer, met wie ik goed overweg kan. Daarom hebben we ook voor MP gekozen.”

MP Motorsport gaat het komende seizoen in met zes rookies, nu Reno Francot na drie seizoenen F4 de stap omhoog zet naar de Formula Regional. In plaats van de Limburger komt de Canadees Jensen Burnett het team versterken. Coronel ziet het als een onvermijdelijke cyclus. “Twee jaar geleden was ook bijna iedereen in het team een rookie, dus het ligt er gewoon aan welk seizoen het is. Wij moeten het nu een beetje zelf verkennen. Wat dat betreft heb ik in het winterkampioenschap zeker wat aan Reno gehad: je ziet hoe kalm hij blijft onder het sturen en hoe slim hij zich positioneert tijdens de races. Daar zie je het verschil tussen een rookie en coureurs die dit al een paar jaar doen. Ze nemen net iets minder risico, terwijl een rookie er vol voor gaat. Als je voor het kampioenschap gaat, moet je soms ook tweede willen worden. Niet alles riskeren met de kans om alle punten te verspelen. Dan race je niet voor het kampioenschap, maar alleen maar voor jezelf.”

122A6944

Heeft hij nog verwachtingen voor het komende seizoen? “Red Bull heeft verwachtingen!” zegt hij met een lach. “Maar daar maak ik me niet druk om. Ik doe gewoon mijn best. Als de auto niet harder kan, dan kan de auto niet harder. Als ik niet harder kan, kan ik niet harder. Ik ben best wel tevreden over wat ik nu doe. En verder moet ik niet gefrustreerd raken. Dat is gewoon zonde. Zoals op Jarama, waar ik de snelheid had, maar eraf ben gegaan zonder dat ik er wat aan kon doen. In het begin had ik daar last van, maar daar heb ik van geleerd. Ik had de resultaten niet, maar ik stond er wel. Dat moest ik ook een keer meemaken, de volgende keer kom ik er makkelijker overheen. Komend jaar wil ik gewoon elke keer het maximale eruit hebben gehaald.”
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet