Retro: Winst en podia voor Harts en Bontrup tijdens Peter Auto-seizoensstart op Barcelona

David & Olivier Hart en hun teamgenoot Bram Bontrup hebben diverse keren het podium bereikt tijdens het eerste raceweekend van de Le Mans Classic Series, zoals het reguliere Peter Auto-seizoen nu door het leven gaat. Tijdens de Espíritu de Montjuïc op het circuit van Barcelona grepen de Harts één overwinning in de ERL1, maar ook in de ERL2 en The Gentlemen Challenge was DHG Racing succesvol. Tegenslag was er dan weer in de Sixties Endurance en CER1. Vader en zoon Jac & Ties Meeuwissen waren ook present in hun Shelby Cobra Daytona Coupé, Timmo Mol was de zesde landgenoot in een relatief bescheiden Nederlandse vertegenwoordiging.
Tekst: Mattijs Diepraam
Foto’s: Carlo Senten
In een relatief klein ERL1-veld was er op zaterdag geen houden aan de Pescarolo C60 van de Harts, die relatief eenvoudig de MG EX264 van Mike Newton en Lola B05/40 van Peter Wolf versloeg. De twee belangrijkste LMP1-concurrenten van de Pesca, de Reynard 2KQ van Christophe Van Riet en de DBA 03S van Emile Breittmayer, bleven in de pits staan. De volgende dag redde de C60 het echter maar vijf minuten, zodat Newton niet alleen de LMP2-klassewinst greep, maar ook de algemene dagzege, opnieuw voor Wolf en Nel Stark in Newtons oudere EX257.

Een iets ruimer veld verscheen aan de start in de ERL2 voor GT2-auto’s tot en met 2010. Pierre-Alain & Erwin France in een te nieuwe Ferrari 458 GTD gingen hors concours als winnaars over de streep, maar de echte overwinning ging naar James Thorpe en Phil Quaife in hun Aston Martin Vantage V8. Zij bleven de nieuwe 430 GTC Evo van de Harts en de Porsche 993 GT2 van Mark Sumpter acht tellen voor. De volgende dag oogsten de Harts opnieuw een tweede plek, nu op de hielen van net zo’n 430 GTC Evo van Philip Kadoorie, die de vorige dag nog moest uitvallen. Op de derde plek verdedigde Steve Osborne deze keer de Porsche-eer met zijn 997 GT3 RSR.

Met een minieme bezetting van zeven auto’s ging de eerste Group C-wedstrijd van het seizoen van start. Olivier Galant ging in zijn Jaguar XJR12 als eerste over de streep, maar werd bestraft voor een pikstart, wat de zege aan de 962C van Kadoorie gunde. Een dag later corrigeerde Galant dat met een eenvoudige overwinning. Klaus Abbelens 962C, die de vorige dag nog aan de kant stond, werd nu tweede vóór het exemplaar van Kadoorie.

Galant liet het niet bij één overwinning, want de jonge Fransman greep ook de winst in de Sixties Endurance, die voor Peter Auto-begrippen met 30 auto’s betrekkelijk mager was bezet. Zijn Shelby Cobra Daytona Coupé versloeg de Cobra van Vincent Kolb met 12 seconden, terwijl de E-type van James Thorpe en Jonathan Mitchell de derde plaats erfde na een tijdstraf voor de Daytona Coupé van Maxime Guenat/Guillaume Mahe. Jac & Ties Meeuwissen kwamen met hun Daytona Coupé als 12e over de streep, maar Bram Bontrup en Olivier Hart konden met hun Cobra niet aan de race beginnen vanwege een kapotte versnellingsbak.

Bontrup maakte dat goed met een podium in de eerste race van The Gentlemen Challenge. Zijn Lister-Jaguar ‘Costin’ werd tweede achter de Lister-Chevrolet ‘Knobbly’ van Luc-Pierre Verquin, na een duel met de Porsche 904/6 van Afschin Fatemi. De volgende dag werd Bontrup vierde achter de ‘Costin’ van John Spiers/Nigel Greensall en twee 904/6’en, deze keer van Carlos De Quesada/Catesby Jones en ‘Mr John of B’.

Een overvloed aan Lola T70’s maakte op Barcelona de dienst uit in CER1, wat resulteerde in een onbedreigde overwinning voor Armand Mille in zijn Mk3B. Toch ging hij niet als eerste over de streep, want die eer was weggelegd voor de Porsche 917 van Claudio Roddaro. Voor zover wij weten, zou dat de eerste historische zege van een 917 zijn geweest, maar Roddaro kreeg een dikke ronde tijdstraf aan de broek. Terecht, want de Italiaan haalde niet alleen in onder de safety car, hij haalde ook de safety car zelf in... De T70 van Jan Magnussen/Chris Ward voerde aanvankelijk het veld aan, maar werd evenzeer zwaar bestraft voor inhalen onder de safety car. De T70 Mk3B van vader en zoon Hart had intussen ook om de kopposities moeten strijden, maar die viel halverwege de race terug naar de 18e plaats.

De rappe Soheil Ayari en Nigel Greensall reden in het tweede deel toch nog diverse T70’s voorbij in respectievelijk de Ligier JS3 (gedeeld met eigenaar ‘Mr John of B’) en de Chevron B19 van Rolf Sigrist, zodat Ayari krap tweede werd voor de aanstormende T70 Mk3B van Carlos de Quesada/Nick Padmore, met Greensall weer op de hielen van Padmore. De GT-winst ging naar de GT40 van Fred Wakeman en Mike Grant-Peterkin.

In de relatief zwak bezette CER2 volgde ook een stormvloed aan tijdstraffen voor onder meer inhalen tijdens een full-course yellow en een reguliere pitstop maken buiten het pitvenster. Dat had geen effect op de winnaar: Maxime Guenat liet weer een zege noteren in zijn Lola T286, nu uitgedost met de nummer 1 van de kampioen. Stéphane Nguyen in de T282 werd op bijna anderhalve minuut tweede, gevolgd door de Chevron B31 van Charlie Hyett/Bruno Pereira. Zij kwamen op het podium terecht door tijdstraffen voor de nummers twee en drie. De Toj SC304 van Guenats eeuwige rivaal Yves Scemama viel terug naar de vijfde plaats, terwijl de Chevron B19 van John Emberson en Nigel Greensall naar de zesde plek duikelde. Dennis & Marc Busch hadden in hun 935 ook de GT-klasse gewonnen zonder straffen voor de concurrentie, al liep het gat naar de 935 K3 van De Quesada wel verder op.

Het startnummer 1 maakte Guenat ook in de Heritage Touring Cup 1 waar. In een duel tussen twee Capri RS3100’s versloeg hij Armand Mille nipt. Ook Dominique Guenat en Guillaume Mahe maakten in hun BMW 3.0 CSL nog kans op de overwinning, maar werden binnen een seconde derde, kort gevolgd door nog twee CSL’s.

In de 2.0L Cup, de historische merkencup voor de eerste generatie Porsche 911’s, verschenen heel andere namen bovenaan in vergelijking met de voorgaande seizoenen. Jürgen Rudolph ging met de zege aan de haal, vóór Johannes Stengel (geassisteerd door Andrew Smith) en David Danglard. De eerste bekende naam was Lukas Bucher in de 911 die door het Nederlandse Duel Motorsport wordt geprepareerd. Timmo Mol en zijn teamgenoot Uwe Kolb liepen tegen flink oponthoud aan en eindigden daardoor als 20e en laatste.