In Memoriam John MacDonald
Begin deze week overleed oud teambaas John MacDonald. Opvallend genoeg werd er in de Britse media geen aandacht aan besteed. Via één van zijn voormalige rijders kwam eerder deze week het nieuws naar buiten. MacDonald overleed op 78-jarige leeftijd.
Tekst en Foto´s: Willem J. Staat

Opvallender kon niet John MacDonald met de betreurde Paul Warwick in 1987 op Zandvoort.

Van F1 teambaas naar Formule Ford Ford teambaas. Tja dan ben je al diep gezonken.
In Memoriam John MacDonald
Via één van zijn voormalige rijders kwam eerder deze week het nieuws naar buiten dat John MacDonald op 78-jarige leeftijd is overleden. Samen met zijn zakenpartner Mike Ralph vormden zij het RAM Racing Team voor MacDonald die begin zeventiger jaren zelf met een GRD in de F3 actief was. Vervolgens zette het team in 1975 voor Alan Jones een F5000 Chevron in het Britse ShellSport kampioenschap in.

Michael Bleekemolen beleefde in 1977 niet van die beste ervaringen met John MacDonald.
In 1976 kocht het duo een paar Brabham BT44B´s maar dat was niet bepaald een succes. In 1977 reed Boy Hayje zonder veel resultaat voor het team. De kwalificatie voor de Nederlandse GP van Michael Bleekemolen voor het team liep uit op een drama. Michael kwalificeerde zich echter niet. Maar als klap op de vuurpijl werd MacDonald na de training van de Dutch GP gearresteerd vanwege een financieel conflict met de Zwitser Loris Kessel die zich benadeeld voelde omdat MacDonald zijn beloftes niet nakwam. Hij zat tot de donderdag na de GP in Zandvoort vast. MacDonald liep door dit akkefietje flinke reputatieschade op.

Guy Edwards was de man die MacDonald met goede sponsordeals lang in stand hield. Hier in actie met de unieke March 781 Cosworth F1 in 1978 op Zandfvoort.l
In de daaropvolgende twee seizoenen concentreerde RAM zich met Guy Edwards, Bruce Allison en Bernard de Dryver op het Aurora AFX F1 kampioenschap met de unieke March 781 en een Fittipaldi F5A. In 1980 won het team met de Spanjaard Emilio de Villota het kampioenschap met een Williams FW07. Daarna volgden drie seizoenen met March. Derek Daly bezorgde het team in 1981 in een March 811 tijdens de Britse GP haar beste resultaat. Voor het jaar daarop verwierf MacDonald steun van Rothmans en werden er twee March 821´s voor Raul Boesel en Jochen Mass in. Laatstgenoemde gaf er na een crash in de Franse GP de brui aan. Rupert Keegan sloot daarna zonder veel resultaat het seizoen voor ze af.

Met Rupert Keegan in 1980 maar de F1. Het was geen succes.
In 1983 keerde RAM met de RAM March 01 terug in de F1. Alleen Eliseo Salazar zag in de Braziliaanse GP als 14e de finishvlag. Met steun van Skoal Bandit zette RAM in 1984 twee RAM 02 auto´s voor Jonathan Palmer en Philipp Alliot in. Echter zonder veel resultaat. Met een achtste plek behaalde Alliot tijdens de Braziliaanse GP het beste resultaat voor het team. De RAM 03 Hart was de laatste auto waarmee MacDonald als teambaas actief was. De door Gustav Brunner getekende auto had het team succes moeten brengen. Philippe Alliot bezorgde het team met een negende plek haar beste seizoenresultaat.

Er ging bij McDonald heel veel in rook op. Hier Kenny Acheson tijdens de GP van Nederland 1985
Manfred Winkelhock zorgde vaak voor goede kwalificatieresultaten maar de techniek liet hem te vaak in de steek Manfred verongelukte met een Porsche 956 op Mosport. Manfred´s dood leidde direct tot de ondergang van het team nadat de IMG Group er op had aangedrongen om het volledige salaris van Manfred uit te betalen. De schuldenberg bedroeg meer dan één miljoen. Ook stonden er flink wat rekeningen bij Brian Hart open.

Na de dood van Manfred Winkelhock moest zijn gage via de IMG Group uitgekeerd worden. Het betekende het einde van MacDonalds capriolen als teambaas in de F1.
Pogingen van MacDonald om in 1987 opnieuw samen met Emanuele Pirro met een Benetton F1 auto voet in de F1 te vatten leden schipbreuk. Vervolgens werd het Middlebridge Formule Ford 2000 team opgericht en nam men Paul Warwick onder contract. Die eindigde in het Europese EFDA FF2000 kampioenschap achter J.J. Lehto als tweede. Vervolgens werd McDonald sportdirecteur in de F3000 en teammanager bij het Middlebridge Brabham F1 team dat eveneens geruisloos van het toneel verdween. Vervolgens richtte Macdonald Superpower op. Een toeleveringsbedrijf dat hij in 1999 aan Pankl in Oostenrijk verkocht. John beëindigde zijn sportieve carrière als sportdirecteur van de Queen´s Park Rangers Football club in Londen. Het was zijn laatste kunstje. Financieel balanceerde MacDonald altijd op het randje van. Aurora AFX en Formule Ford 2000 waren zijn ding maar Formule 1 was duidelijk een maatje te groot.
Tekst en Foto´s: Willem J. Staat
Opvallender kon niet John MacDonald met de betreurde Paul Warwick in 1987 op Zandvoort.
Van F1 teambaas naar Formule Ford Ford teambaas. Tja dan ben je al diep gezonken.
In Memoriam John MacDonald
Via één van zijn voormalige rijders kwam eerder deze week het nieuws naar buiten dat John MacDonald op 78-jarige leeftijd is overleden. Samen met zijn zakenpartner Mike Ralph vormden zij het RAM Racing Team voor MacDonald die begin zeventiger jaren zelf met een GRD in de F3 actief was. Vervolgens zette het team in 1975 voor Alan Jones een F5000 Chevron in het Britse ShellSport kampioenschap in.
Michael Bleekemolen beleefde in 1977 niet van die beste ervaringen met John MacDonald.
In 1976 kocht het duo een paar Brabham BT44B´s maar dat was niet bepaald een succes. In 1977 reed Boy Hayje zonder veel resultaat voor het team. De kwalificatie voor de Nederlandse GP van Michael Bleekemolen voor het team liep uit op een drama. Michael kwalificeerde zich echter niet. Maar als klap op de vuurpijl werd MacDonald na de training van de Dutch GP gearresteerd vanwege een financieel conflict met de Zwitser Loris Kessel die zich benadeeld voelde omdat MacDonald zijn beloftes niet nakwam. Hij zat tot de donderdag na de GP in Zandvoort vast. MacDonald liep door dit akkefietje flinke reputatieschade op.
Guy Edwards was de man die MacDonald met goede sponsordeals lang in stand hield. Hier in actie met de unieke March 781 Cosworth F1 in 1978 op Zandfvoort.l
In de daaropvolgende twee seizoenen concentreerde RAM zich met Guy Edwards, Bruce Allison en Bernard de Dryver op het Aurora AFX F1 kampioenschap met de unieke March 781 en een Fittipaldi F5A. In 1980 won het team met de Spanjaard Emilio de Villota het kampioenschap met een Williams FW07. Daarna volgden drie seizoenen met March. Derek Daly bezorgde het team in 1981 in een March 811 tijdens de Britse GP haar beste resultaat. Voor het jaar daarop verwierf MacDonald steun van Rothmans en werden er twee March 821´s voor Raul Boesel en Jochen Mass in. Laatstgenoemde gaf er na een crash in de Franse GP de brui aan. Rupert Keegan sloot daarna zonder veel resultaat het seizoen voor ze af.

Met Rupert Keegan in 1980 maar de F1. Het was geen succes.
In 1983 keerde RAM met de RAM March 01 terug in de F1. Alleen Eliseo Salazar zag in de Braziliaanse GP als 14e de finishvlag. Met steun van Skoal Bandit zette RAM in 1984 twee RAM 02 auto´s voor Jonathan Palmer en Philipp Alliot in. Echter zonder veel resultaat. Met een achtste plek behaalde Alliot tijdens de Braziliaanse GP het beste resultaat voor het team. De RAM 03 Hart was de laatste auto waarmee MacDonald als teambaas actief was. De door Gustav Brunner getekende auto had het team succes moeten brengen. Philippe Alliot bezorgde het team met een negende plek haar beste seizoenresultaat.

Er ging bij McDonald heel veel in rook op. Hier Kenny Acheson tijdens de GP van Nederland 1985
Manfred Winkelhock zorgde vaak voor goede kwalificatieresultaten maar de techniek liet hem te vaak in de steek Manfred verongelukte met een Porsche 956 op Mosport. Manfred´s dood leidde direct tot de ondergang van het team nadat de IMG Group er op had aangedrongen om het volledige salaris van Manfred uit te betalen. De schuldenberg bedroeg meer dan één miljoen. Ook stonden er flink wat rekeningen bij Brian Hart open.

Na de dood van Manfred Winkelhock moest zijn gage via de IMG Group uitgekeerd worden. Het betekende het einde van MacDonalds capriolen als teambaas in de F1.
Pogingen van MacDonald om in 1987 opnieuw samen met Emanuele Pirro met een Benetton F1 auto voet in de F1 te vatten leden schipbreuk. Vervolgens werd het Middlebridge Formule Ford 2000 team opgericht en nam men Paul Warwick onder contract. Die eindigde in het Europese EFDA FF2000 kampioenschap achter J.J. Lehto als tweede. Vervolgens werd McDonald sportdirecteur in de F3000 en teammanager bij het Middlebridge Brabham F1 team dat eveneens geruisloos van het toneel verdween. Vervolgens richtte Macdonald Superpower op. Een toeleveringsbedrijf dat hij in 1999 aan Pankl in Oostenrijk verkocht. John beëindigde zijn sportieve carrière als sportdirecteur van de Queen´s Park Rangers Football club in Londen. Het was zijn laatste kunstje. Financieel balanceerde MacDonald altijd op het randje van. Aurora AFX en Formule Ford 2000 waren zijn ding maar Formule 1 was duidelijk een maatje te groot.