Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet
Sportscars

Sportscars: Toyota en Nyck de Vries winnen slotrace FIA WEC, Ferrari pakt alle titels, podiumsucces Lin Hodenius en titel Manthey-Porsche in LMGT3 (lang)

AS 001
Laatste start van het FIA WEC-seizoen 2025

Na de 1-2 in de kwalificatie behaalde Toyota ook de eerste twee plaatsen in de achtste en laatste FIA WEC-race van het seizoen, de Bapco 8 Hours of Bahrain. Na 237 ronden reed Nyck de Vries de van pole gestarte #7-Toyota, die hij deelt met Mike Conway en Kamui Kobayashi, als winnaar over de eindstreep. Voor onze landgenoot was het zijn tweede algehele zege in het FIA WEC na Imola 2024. Achter de #8-Toyota van Brendon Hartley, Sébastien Buemi en Ryo Hirakawa eindigden de beide fabrieks-Ferrari’s op de derde en vierde plaats, met de #50 van Fuoco/Molina/Nielsen voor de #51 van Pier Guidi/Giovinazzi/Calado. Het laatstgenoemde trio behaalt daarmee de wereldtitel bij de rijders, Ferrari won met overmacht de merkentitel. In de LMGT3-klasse was de overwinning voor de #87-Akkodis-ASP-Lexus van Petru Umbraescu, Clemens Schmid en José María López. De Iron Lynx-Mercedes-AMG van Lin Hodenius, Maxime Martin en Martin Berry eindigde op de tweede plaats, wat zowel voor Mercedes-AMG als voor onze landgenoot Lin Hodenius het eerste podiumsucces in het FIA WEC betekende. De titel in de klasse ging naar de #92-Manthey-1st Phorm-Porsche van Ryan Hardwick, Riccardo Perra en Richard Lietz, die als vierde eindigden. Voor het Manthey-team betekent dit de tweede WEC-titelwinst op rij.

Tekst: René de Boer (vanuit Sakhir, X/Bluesky: @renedeboer)
Foto’s: Prescott Motorsport/Rick Kiewiet

AS 005
Nyck de Vries in de #7-Toyota op weg naar de overwinning

De Toyota’s, die na de sterke prestatie in de kwaificatie vanaf de eerste rij startten, bepaalden in de race grotendeels het tempo, waarbij de #7 in het interne duel met de #8 net iets sneller bleek. Dat bepaalde uiteindelijk ook de uitslag in de vorm van een 1-2 voor het Japanse merk, dat in de zeven tot dusver verreden races dit seizoen geen enkele podiumplaats had weten te behalen. De genoegdoening over het succes in de slotrace was dan ook groot.

AS 008
Nyck de Vries (m.) op het podium met Mike Conway (l.) en Kamui Kobayashi (r.)

Nyck de Vries had met sterk gereden stints, inclusief de snelste raceronde in de slotstint een belangrijk aandeel in de overwinning. Bij hem was de opluchting zichtbaar na het eerste podiumresultaat en de eerste overwinning van het seizoen. “Er was niet echt een specifiek punt dat ons succes bracht, we waren als geheel sterk”, zei hij. “Daarbij hadden we in de race zeker niet altijd het geluk aan onze kant. De eerste ‘virtual safety car’ was voor ons ongunstig, maar we konden gelukkig goed terugkomen. Ik ben ook voor het team blij dat we zo hebben kunnen afsluiten en op de een of andere manier zijn we zelfs ook nog tweede geworden in het merkenkampioenschap!”

AS 006
Kampioensfeest bij Ferrari, waar zelfs bestuursvoorzitter John Elkann voor naar Bahrein gekomen was

Achter de beide Toyota’s volgden drie Ferrari’s, de twee fabrieksauto’s gevolgd door de privé-Ferrari van AF Corse. Twee ronden voor het einde wisselden de beide fabrieks-Ferrari’s nog van positie, toen Nicklas Nielsen in de #50 op aanwijzing van de teamleiding Alessandro Pier Guidi in de #51 mocht passeren. Daarmee was het rijderstrio van de #50, met naast Nielsen nog Antonio Fuoco en Miguel Molia, zeker van de derde plaats in de eindstand van het rijderskampioenschap, achter de nieuwe rijderskampioenen Pier Guidi, Antonio Giovinazzi en James Calado, en het AF Corse-trio Robert Kubica, Phil Hanson en Yfei Ye, die de race als vijfde afsloten en in de eindstand van het WK tweede werden. Naast de eerste drie plaatsen in het rijderskampioenschap ging ook de merkentitel naar Ferrari, terwijl AF Corse al zeker was van de titel voor privéteams. Het was voor Ferrari de eerste wereldtitel bij de sportwagens sinds 1972, destijds met rijders als Mario Andretti, Jacky Ickx , Ronnie Peterson, Brian Redman en Arturo Merzario en tien overwinningen uit elf races.

Het enige grotere incident in de eerste racehelft was een crash van Thomas Flohr in de #53-Vista AF Corse-Ferrari na drie uur en een kwartier, die hard frontaal in de bandenstapels belandde nadat hij was geraakt door Jenson Button in de #38-Cadillac, die op zijn beurt in duel was met de #20-BMW van Sheldon van der Linde. Button kreeg een stopstraf voor het veroorzaken van de aanrijding, er volgde een neutralisatie van ruim tien minuten. Kort na de herstart nam de #009-Aston Martin met Alex Riberas aan het stuur voor enige tijd de leiding, omdat deze auto als enige net voor de neutralisatie verse banden had gekregen. De Toyota’s herstelden echter vrij snel weer de oorspronkelijke rangorde.

In het laatste uur was er drama voor de #15-BMW, toen Dries Vanthoor nog slechts passagier was nadat het rechter achterwiel losgeraakt was. De auto kwam dwars op de baan te staan, Vanthoor meldde dat hij nergens meer heen kon. Dat leidde tot een safety-car, eerst virtueel, daarna reëel. Voor de beide Porsches, die net hun laatste stop hadden gemaakt, was dat nog slechter nieuws in een race waarin het Duitse merk toch al geen enkele rol van betekenis speelde. Zo sloot Porsche het laatste fabrieksoptreden van de 963 in het FIA WEC zonder punten af, want beide auto’s eindigden buiten de top tien, waarmee Porsche nog de tweede plaats in het merkenkampioenschap en de derde plaats in de eindstand bij de rijders verloor.

AS 002
De BMW met Robin Frijns eindigde als achtste

Achter de Toyota’s en de Ferrari’s eindigde de Cadillac met Alex Lynn, Norman Nato en Will Stevens, als zesde en beste LMDh-auto, die als geheel in deze race weinig in te brengen hadden. Aston Martin scoorde opnieuw met de zevende positie voor de #009 van Alex Riberas, Marco Sørensen en Roman de Angelis. De #20-BMW met Robin Frijns, René Rast en Sheldon van der Linde sloot de race als achtste af. “Gewoon kut”, zei Frijns. “Als je het hele seizoen bekijkt, zijn we sterk begonnen in Qatar, waar we in de top vijf konden strijden, maar na Le Mans zijn we teruggevallen. We kunnen niet echt de vinger op het probleem leggen, maar we weten wel waar onze zwakke punten liggen: low-speed en tractie. Hier in Bahrein draait het allemaal om mechanische grip en daarop komen we te kort.” De beide Peugeots completeerden de top tien.

AS 012 Lexus
Klassezege in LMGT3 voor de #87-Akkodis-ASP-Lexus

Was er bij de hypercars al snel duidelijk dat Toyota met de overwinning aan de haal zouden gaan, in de LMGT3-klasse was er zeker na de laatste neutralisatie nog sprake van een spannende driestrijjd om de overwinning. José María López moest in de Akkodis-ASP-Lexus alle zeilen bijzetten om zich eerst Mattia Drudi in de Heart of Racing-Aston Martin en later Maxime Martin in de #61-Iron Lynx-Mercedes achter zich te houden. Dat lukte, waarmee het Akkodis-ASP-team met López, Petru Umbraescu en Clemens Schmid voor de tweede keer dit seizoen na Interlagos de klasse won.

AS 004
Lin Hodenius eindigde met zijn Iron Lynx-teamgenoten in de Mercedes als tweede in de klasse

De #91-Iron Lynx-Mercedes-AMG van Martin Berry, Lin Hodenius en Maxime Martin eindigde op de tweede plaats, wat het eerste podiumresultaat voor Mercedes-AMG en voor Hodenius betekende. “Prachtig om zo af te sluiten”, zei onze landgenoot. “Het was een taaie race”, gaf hij te kennen. “Niet zozeer de duels, maar wel om de pace vast te houden. Met name het oververhitten van de banden was een probleem, zeker toen ik op de dubbel gestinte banden van Maxime reed. Als team hebben we nog een goede stap gemaakt, dus hopelijk kunnen we dit vasthouden naar volgend jaar.” De Manthey 1st Phorm-Porsche van Ryan Hardwick, Richard Lietz en Riccardo Perra, die als een na laatste in de klasse was gestart, eindigde na een sterk gereden race op de vierde plaats, waarmee de titel voor het team een feit was.

AS 009
Lin Hodenius (r.) oip het podium met Maxime Martin (l.) en Martin Berry (m.)

AS 007
Het Manthey 1st Phorm-Porsche-team won de LMGT3-titel
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet