Formule 2: Frits van Amersfoort: “Ik had nooit gedacht dat we uit deze onderneming een pensioen zouden halen”

Over een paar maanden viert Van Amersfoort Racing zijn 50-jarig bestaan. Dat ontzagwekkende feit gaat het formuleteam van Frits van Amersfoort en Rob Niessink met gepaste bescheidenheid vieren, maar AUTOSPORT.NL bracht alvast een cadeautje mee voor het bedrijfsarchief: een sticker uit het Marcel Albers-seizoen 1989, het jaar waarin Niessink met Albers meekwam naar het team, om vervolgens nooit meer weg te gaan. Het was volgens Van Amersfoort het eerste jaar waarin Van Amersfoort Racing echt als een professioneel team optrad. Toen werd de basis gelegd voor het huidige bedrijf, dat is uitgegroeid tot een van de grote namen in de hedendaagse formulesport. We schuiven aan bij Van Amersfoort voor een wintergesprek waarin we terugkijken op het afgelopen seizoen en vooruitblikken op de toekomst van VAR en de formuleladder in het algemeen.
Tekst: Mattijs Diepraam
Foto’s: Mattijs Diepraam, Dutch Photo Agency, James Gasperotti, Willem J. Staat
Het is stiller dan anders als we in Zeewolde het pand betreden dat al een tijd uit zijn voegen barst. Er is parkeerplek voor de deur en de meeste bureaus zijn leeg. Op de werkvloer wordt kalm gesleuteld aan twee van de nieuwe Formule 3-auto’s. Maar schijn bedriegt, zegt Frits van Amersfoort: er is net een financiële vergadering gaande en het Formule 4-team is al vertrokken naar Portimão voor de eerste ronde van de Formula Winter Series, het F4-winterkampioenschap van promoter Gedlich op het Iberische schiereiland. Van Amersfoort is geen fan van de winterkampioenschappen, zo zal hij later in het gesprek uitleggen, en met redenen omkleed, maar soms kun je niet anders dan meedoen.

“Racen kun je tegenwoordig het hele jaar door”, vertelt hij daarover. In Nieuw-Zeeland racet momenteel de Formula Regional Oceania, de opvolger van de Toyota Racing Series. In het Midden-Oosten wordt in de wintermaanden al jaren op F4- en Regional-niveau geracet en dit jaar vinden er in Spanje en Portugal zelfs twéé F4-winterkampioenschappen plaats: de eerdergenoemde Formula Winter Series, die op Pirelli-banden overstapt en daarmee vooral de Italiaanse en Britse F4-teams trekt, en het kersverse F4 Winter Championship uit de koker van de organisatie achter het Spaanse F4-kampioenschap en de Eurocup-3. Van Amersfoort begrijpt wel waar die wilgroei vandaan komt: er is grote vraag naar, vele coureurs willen kilometers maken buiten de testrestricties in de reguliere kampioenschappen. Ook zijn eigen F2-coureur Rafael Villagómez is momenteel in Spanje om met Peter van Erp extra ervaring op te doen met een F2-chassis van 2022, met daarin een aangepast Autotecnica-blok gelepeld. Niet alleen F1-teams hebben tegenwoordig TPC-programma’s (Testing with Previous Chassis).

Van Amersfoort werkt tegenwoordig drie dagen in de week, net als zijn mededirecteur Niessink. Dat is niet alleen omdat beiden toeleven naar het moment waarop zij definitief terugtreden uit de directie en de rol van adviseur zullen aannemen. Zowel Van Amersfoort als Niessink werd afgelopen najaar onaangenaam overvallen door ziekte. Daarvan herstellen zij nu stap voor stap. “Tien jaar geleden had het team op z’n rug gelegen”, zegt Van Amersfoort over die ongelukkige samenloop van omstandigheden. Vandaag de dag staat er daarentegen een structuur die tegen een stootje kan. “Alle teams zijn goed georganiseerd. Dat zijn de voordelen als je bedrijf zo groot is: dat je de mensen hebt die capabel zijn om het op zo’n moment over te nemen en elk hun ‘divisie’ aansturen. Ja, het lijkt nu een beetje op een multinational en dat bevalt best wel goed. Ik moet eerlijk zeggen dat er erg veel talent in die mensen zit.” Vier mensen roemt de oprichter van het team met nadruk: executive support manager Anneleen Walch, F2/F3-teammanager Klaudija Jakaj, team principal Brad Joyce en head of business operations Francisco Freitas. Samen hielden ze VAR op koers, ook het winterseizoen in. Daarin wisten zij ook de blijvende schaarste aan goede engineers en monteurs het hoofd te bieden. “Elk team zal zeggen dat ze behoorlijk met verloop te maken hebben. Maar wij hebben alle plekken opgevuld en qua rijders zijn we ook allemaal rond.”

Van Amersfoort is inmiddels 70, wat verklaart dat hij in 2025 nog altijd aan het hoofd kan staan van een organisatie die inmiddels een halve eeuw oud is. Het team gaat dat jubileum overigens bescheiden vieren. “Ik wil er niet al te veel ruchtbaarheid aan geven, maar we doen wel een paar kleine dingen. Onze oranje bies wordt een gouden bies en er komt een klein logootje met ‘50’ erop.” Tegelijk biedt het 50-jarig bestaan een uitgelezen moment om afscheid te nemen: voor Van Amersfoort en Niessink komt het einde van hun ultieme verantwoordelijkheid voor het team dichterbij. “Ik wil niet meer elke dag hier zijn, maar het is wel lastig om ons in die positie te voor te stellen.” Helemaal afscheid nemen doen de twee daarom niet. Van Amersfoort spiegelt zich aan Dick van der Wilt, de oud-teambaas van MP Motorsport, die op zijn oude dag het team hand- en spandiensten blijft aanbieden. “Dick gaat zelfs nog vrolijk mee naar Australië. Dat zul je mij niet zien doen. Ik ga zeker niet meer in een vliegtuig stappen, maar nog wel graag naar een circuit. En ik heb vanochtend alweer even met een paar jongens gesproken die ik van gezicht kende en nu nieuw in het team zijn. Wij kunnen de lijm zijn tussen alle mensen. Met onze ervaring kunnen we dingen makkelijk oplossen.”

De toekomst van het team is bovendien veilig in handen van de Mexicaanse eigenaar Rafael Villagómez senior, verzekert Van Amersfoort. Die is er niet alleen maar om zijn zoon te steunen. Ook daar is een parallel met MP Motorsport te trekken: MP-eigenaar Henk de Jong nam het team ooit over om een carrièrepad voor zijn zoon Daniël te creëren, maar houdt dermate van de sport dat hij ook na het einde van Daniëls carrière is doorgegaan met MP. Villagómez staat er op dezelfde manier in. “Hij wil de hoofdlijnen weten, maar bemoeit zich niet met de dagelijkse gang van zaken. Hij vindt het wel heel belangrijk wie er in zijn auto’s zitten, dat is zijn betrokkenheid, maar de rest laat hij aan ons over.”

Dan wordt het tijd om op de teamprestaties van 2024 terug te kijken, te beginnen met de Formule 2 en Formule 3, waarin VAR drie jaar geleden de plek van HWA overnam. Na een veelbelovend tweede F2-seizoen met Richard Verschoor, die het team zijn eerste zege bezorgde, leek VAR die lijn aanvankelijk door te trekken: in Djedda ging Enzo Fittipaldi al vroeg in het seizoen winnend over de streep. Daarna vlakte de progressie echter af, totdat Fittipaldi het team voortijdig verliet en werd vervangen door GB3-promovendus John Bennett. Die kon ondanks een puntenscore op zijn debuut niet voorkomen dat VAR als laatste eindigde in het teamkampioenschap. “Ja, daar baal ik echt heel erg van”, zegt Van Amersfoort daarover. “We zijn begonnen op de laatste plek in de pitstraat en nu weer teruggevallen naar de laatste plek. Terwijl we in 2023 nog zevende stonden.”

Van Amersfoort ziet daar verschillende redenen voor. “We waren een beetje laat met onze rijderskeuze. Voor Fittipaldi en voor ons was het de laatste kans. Hij wilde eigenlijk IndyCar doen, maar dat ging tot zijn teleurstelling niet door. F2 was het alternatief. Dan ligt de lat natuurlijk hoog. Enzo heeft ervaring en kan erg snel zijn. Maar als er een paar tegenslagen volgen, ontstaan er spanningen. Die zijn we niet meer te boven gekomen.” De keuze voor de onervaren Bennett was verrassend: het is een reuzensprong van GB3 naar F2, maar de Brit verbaasde door meteen in Qatar punten te scoren. VAR zet ook dit seizoen zijn geld op Bennett, maar blijft realistisch.

“Het zal dit jaar meer punten scoren worden dan dat we hoop op podia hebben”, zegt Van Amersfoort, die desondanks met een schuin oog kijkt naar wat Joshua Dürksen dit jaar heeft gepresteerd: de Paraguyaanse rookie won twee races en werd tiende in het kampioenschap, ondanks de grote sprong van FRECA naar F2, die zelfs voor Kimi Antonelli als ambitieus werd gezien. “Daar heb ik mijn hoop een beetje op gevestigd. Bennett is een jongen met wie goed te werken is, zo zeggen de engineers. Dat is zeker van belang bij een nieuwe auto. Met de nieuwe Dallara was het dit jaar voor iedereen zoeken, met de bijkomende uitdaging dat je in de F2 met twee soorten banden rijdt. De auto was soms heel wisselend op mediums of op soft. Het gaat er dus vooral om dat rijder en engineer vertrouwen in elkaar hebben. Is dat niet meer zo, dan kom je op een hellend vlak terecht. Het is voor een groot deel ook een mentaal spelletje. Kijk naar Richard: hij gaat terug naar een bekende omgeving bij MP en presteert meteen goed.”

Met dezelfde dilemma’s krijgt de Formule 3 het komend jaar te maken. Daar is het nu de beurt aan een nieuw chassis. “Ik verwacht hetzelfde beeld bij de nieuwe F3-auto. Ook die zal lastig worden om in het juiste venster te krijgen. Bij de F2 was dat de val waarin veel ervaren coureurs dit jaar trapten: de nieuwe auto bleek anders te zijn dan de oude. Al je ervaring is in één keer weg, je moet alles opnieuw opbouwen. Dat is in mijn ogen de onderliggende oorzaak van het goede presteren van zo veel rookies. Die namen die erfenis niet mee. Als je in het verleden blijft hangen en blijft vergelijken – ‘maar toen ging het zo en zo’ – dan kom je er niet meer uit. Kijk naar het seizoen van Victor Martins. Iedereen dacht vooraf: dat wordt de nieuwe kampioen. De snelheid was er, dat zag je in de kwalificatie, maar de continuïteit zat er niet in.”

In 2024 liet VAR in de Formule 3 vooral via Noel León van zich spreken, maar de Mexicaan vertrok deze winter naar Prema. “Hij had dit jaar voor ons goede zaken kunnen doen, maar na zijn goede vorm in met name de laatste weekenden lag hij ineens op de penaltystip bij veel teams. En als je dan een zitje bij Prema krijgt aangeboden, dan ga je! Dat moet je gewoon accepteren.” Dit jaar heeft VAR gekozen voor twee veelbelovende rookies, Théophile Naël en Ivan Domingues, die allebei in FRECA regelmatig in de punten reden. Afgelopen zondag kwam daar tweedejaars Santiago Ramos bij, die van Trident overkomt. “Het was de bedoeling dat Bennett dat F3-zitje zou krijgen, maar die werd ineens gepromoveerd naar de F2. Twee jaar geleden had ik al contact met Santiago, ik ben blij dat het alsnog rond is.” Van Amersfoort rekent daarbij op de nieuwe schwung die hij in zijn F2- en F3-teams ziet. Die is tot stand gekomen door de komst van de nieuwe teambaas Brad Joyce, die ervaring meebrengt van het F1-team van Aston Martin.