Sportscars: Reacties Nederlandse coureurs na de Rolex 24 At Daytona (UPD: reacties Van Uitert, Van Kalmthout)

De Ganassi-Cadillac van Renger van der Zande (bovenaan)
Met negen Nederlandse deelnemers in Daytona was er een nieuw record. Zoals gemeld vielen Rinus "Veekay" van Kalmthout (TDS-Oreca-LMP2) Glenn van Berlo (Riley-Ligier-LMP3) en Jeroen Bleekemolen (Kellymoss with Riley-Porsche 911 GT3 R, GTD) al tijdens de eerste helft van de race uit. AUTOSPORT.NL zet reacties van de Nederlanders die de finish haalden, op een rij. Dit bericht wordt successievelijk aangevuld, naarmate er meer citaten binnenkomen.
Tekst: René de Boer (Twitter: @renedeboer)
Foto's: Rolex/Stephan Cooper, Rolex/Jensen Larson
Renger van der Zande: "Elke 'yellow' was een soort van gevaar"
De Ganassi-Cadillac met Renger van der Zande leek lange tijd een serieuze kanshebber voor de overwinning en voerde ook een tijdlang het veld aan, maar uiteindelijk kwamen de Cadillacs tekort tegen de snellere Acura's, die de eerste en tweede plaats bezetten.
Renger van der Zande verklaarde: "Je komt hier om te winnen en we worden dus derde... Het zat er niet in, de Acura's waren gewoon te snel en daar kunnen we niet omheen. Ik kan er geen ander verhaal ander verhaal van maken. We hebben alles gegeven, alles geprobeerd en we lagen ook heel veel aan de leiding. Ik denk dat als we aan de leiding hadden gereden op het eind dan hadden we misschien nog vooraan kunnen blijven, maar elke "yellow" was een soort van gevaar en ook elke keer bij verkeer in de Busstop kwamen ze gewoon langszij gevlogen. Enorm balen, maar ja, nu door naar de volgende race in Sebring. Daar gaan we over twee weken testen en kijken of we weer verbeteringen kunnen maken. Er ging toch wel een hoop mis, ook bij de pitstops. We hadden de beide pitboxen van ons team vlak naast elkaar en we reden elkaar gewoon in de weg met de 01 en de 02-auto. We hebben genoeg om na te bespreken en beter te worden. In Sebring rijden wij de 12-uursrace en de 01-auto de WEC-race, dus daar komen we elkaar in die zin niet meer tegen."
Indy Dontje: "De jongens hebben er twee keer een 24-uursrace op zitten!"
Het verhaal van het Winward-Mercedes-team, waarvoor ook Indy Dontje in actie kwam, is zo'n typisch verhaal vol dramatiek dat met enige regelmaat rondom 24-uursraces ontstaat. Op donderdag crashte coureur Lucas Auer in de vrije training, waarbij de Oostenrijker gebroken lendenwervels opliep en in Daytona moest worden geopereerd. Het chassis was te zwaar beschadigd om nog ter plekke te kunnen repareren, waarop het team een reserveauto uit Texas haalde en met een extra nachtstint gereed maakte voor de race. In de wedstrijd klom de Winward-Mercedes vlot op en had zelfs lange tijd de leiding in de GTD-klasse in handen. Pas door een incident in het laatste halfuur gingen de kansen op een podium in rook op.
Coureur Indy Dontje zei: "Waar moet ik beginnen? We hebben met een reserveauto gereden, zelfs de auto van vorig jaar. We hebben de set-up van onze andere auto overgenomen en kwamen lekker naar voren. Al heel snel deden we mee voor de podiumplekken, het ging gewoon heel goed. De Aston Martin was voor ons net iets te snel, dus we hadden een beetje geluk nodig. Uiteindelijk lagen we tweede en we hadden een herstart in het laatste uur. Dat was een beetje gekkenhuis en er was een klein contact met de Corvette, waardoor we de muur raakten en de auto kapot ging, dus helaas de race niet uitgereden. Jammer voor de jongens van het team, die echt mega gewerkt hebben: tot vrijdagnacht drie uur, dus ze hebben er gewoon twee keer een 24-uurswedstrijd op zitten! Diep respect voor hen. Ik ben toch trots op een heel turbulent weekend waarbij het gelukkig ook weer goed gaat met Lucas: de operatie is goed gegaan en zijn herstel voorloopt voorspoedig."
Kay van Berlo in de nummer 91-Kellymoss with Riley-Porsche
Kay van Berlo: "Het was een beetje Porsche Cup, maar daarvoor kwamen we niet"
Kay van Berlo kwam voor het eerst in actie met de nieuwe Porsche 911 GT3 R van het eveneens nieuw geformeerde team Kellymoss with Riley. Dat de Porsche vanwege een ongunstige "balance of performance" niet competitief was, is inmiddels al regelmatig gethematiseerd. Uiteindelijk eindigde Van Berlo met zijn teamgenoten als 16e in de GTD-klasse. Hij zei: "We hadden eigenlijk een moeilijke race, maar dat wisten we al toen we eraan begonnen. Uiteindelijk kwam er geen "BoP"-verandering en zoals we gezien hebben in de race waren we gewoon per ronde twee tot drie seconden langzamer. Ook het snelheidsverschil tussen ons en de Mercedes en de Aston Martin was gewoon ongelooflijk. We probeerden er het beste van te maken. We hebben nog problemen gehad in het midden van de nacht, toen we nog een tijdje in de garage gestaan hebben voor reparaties, maar uiteindelijk zijn we weer terug gekomen en hebben best een goede race kunnen rijden. Ik heb best veel in de auto gezeten en ook wel het mooie gevechten gehad, maar net als de andere Porsches konden de rest van het veld niet bijhouden, dus dan gingen we onderling maar racen, een beetje Porsche Cup dus, al was dat natuurlijk niet waar we voor kwamen. Het was de eerste race van het seizoen, er komen er meer races aan en hopelijk met een betere "BoP", en dan kunnen we voor de winst gaan. Nu snel naar bed een paar uur slapen en dan gaan we ons binnenkort voorbereiden op Sebring."
Glenn van Berlo in de nummer 74-Riley-Ligier LMP3
Glenn van Berlo: "Hopelijk volgend jaar opnieuw"
Voor Glenn van Berlo, die zijn Daytona-debuut maakte met de Riley-LMP3 waarmee zijn broer Kay vorig jaar de klasse won, stond de race niet onder een goed gesternte, want een vastgelopen motor betekende al in een vroegtijdig stadium het einde van de wedstrijd. Hij vertelde:
"Helaas was de race voor ons al vroeg ten einde: na drie uur plofte de motor. Jammer, want voorafgaand aan de race heeft het team werkelijk alles vervangen wat eventueel kapot zou kunnen gaan: nieuwe versnellingsbak, nieuwe motor... Maar goed, dit hoort er helaas bij. Jammer dat het zo vroeg In de race al gebeurde, waardoor ik eigenlijk geen één ronde heb kunnen rijden. Het is altijd balen voor mijn debuut, maar al met al waren we gewoon heel erg competitief dus dat zag er goed uit. We hadden een goede line-up, een heel goede balans in de auto kunnen vinden, maar helaas mocht het voor deze keer niet zo zijn. Ik hoop dat we het volgend jaar met dezelfde line-up opnieuw kunnen proberen!"
De nummer 35-TDS-Oreca, waarmee Job van Uitert en Giedo van der Garde in actie kwamen
Job van Uitert: "Strijdend ten onder"
Voor Job van Uitert was zijn tweede optreden in Daytona in feite zijn racepremière in de Amerikaanse klassieker, want twee jaar geleden, toen hij bij Racing Team Nederland zou rijden, kwam hij na een uitstap van teamgenoot Frits van Eerd niet aan racen toe. Nu streed hij in de nummer 35-TDS-Oreca bijna tot het einde toe mee om de overwinning in de LMP2-klasse, totdat een probleem met de versnellingsbak leidde tot een kettingreactie. In zijn persbericht vertelt Van Uitert: "Racen is hier echt heel anders. In een gebruikelijke 24-uursrace is het veld tegen het einde van de race gekalmeerd, omdat iedereen zijn wagen graag over de finish wil brengen. Hier was het behoorlijk anders. Je kon nergens wachten, of inhouden. Het LMP2-veld bleek extreem competitief en het was continu volle bak. Ik ben strijdend ten onder gegaan. Met een uur te gaan reed ik aan de leiding en in mijn laatste stint kon ik een gat van liefst zes seconden trekken. Door de late neutralisatie moest ik al die gewonnen seconden inleveren. Toch hield ik vertrouwen. Waarom zou ik niet nog een keer weg kunnen rijden? Bij de herstart bleef de versnelling bij het opschakelen echter in de toerenbegrenzer hangen, waardoor de schakelopdracht werd genegeerd."
"Mijn directe tegenstander kon me passeren. Ik probeerde direct te counteren, maar werd ver naar buiten gedwongen. Toen ik even later een goede run had en het via de binnenkant probeerde, was er te weinig ruimte en belandde ik op het gras. Met een gang van over de driehonderd kilometer per uur verloor ik de auto. Ik baal ontzettend van het resultaat, maar ben trots op mijn eigen prestatie en op het gehele team van TDS Racing. Mijn teamgenoten hebben puik werk geleverd. Dit is autosport, soms win je en soms verlies je. Ik wil TDS Racing en François Heriau bedanken voor deze kans. Het is een ongelooflijk leerzame week geweest, waarvan ik heb genoten. Uiteindelijk grijpen we naast de zege en natuurlijk balen we daarvan, maar onder de streep kunnen we trots zijn op onze prestaties. Ik heb honger naar meer."
Rinus "VeeKay" reed met de nummer 11-TDS-Oreca
Rinus "VeeKay" van Kalmthout: "Dat we er goed bij zaten, is een understatement"
In de andere auto van het Franse TDS-team startte Rinus "VeeKay" van Kalmthout. Het perspectief was goed, het team reed een tijdlang aan de leiding in de LMP2-klasse, maar een aanrijding van Steven Thomas met een GT-auto leidde uiteindelijk tot teveel tijdverlies, waarop het team besloot om er een punt achter te zetten. Voor Rinus van Kalmthout uiteraard een forse teleurstelling: "Heel erg balen. Deze race wil je ten eerste finishen, want om 'm te winnen zal je in ieder geval onder het zwartwit-geblokt door moeten rijden. Mijn teamgenoot Steven Thomas kwam in aanraking met een GT-wagen toen hij aanremde voor de Le Mans-chicane en vloog vervolgens de muur in. De hele linkerkant van de wagen was kapot. Dat wij er goed bij zaten, is een understatement. Na Stevens eerste run wisten Scott en Mikkel sterke rondetijden af te leveren en ik hield onze wagen aan kop. Ik denk dat we een goede kans hadden om deze wedstrijd op onze namen te schrijven, maar het mocht helaas niet zo zijn. Nadat het team topwerk leverde door de wagen opnieuw op te bouwen, ben ik nog even naar buiten geweest. We lagen dertig ronden achter en maakten zodoende geen enkele kans meer op een mooi resultaat. Om de motor te sparen, werd ik door het team gevraagd om naar binnen te komen en op te geven. De wagen moet immers nog een compleet racejaar mee. Ik wil Steven Thomas en TDS Racing bedanken voor deze prachtige mogelijkheid om deel te nemen aan de 24 uur van Daytona. Ik heb ervan genoten. Het was fijn om weer te racen, een goede voorbereiding op het IndyCar-programma. Gelukkig mag ik morgen alweer achter het stuur kruipen van mijn Dallara-Chevrolet. Ik kan niet wachten tot het IndyCar-seizoen begint!"