Div: Bespreking autosportboeken (deel 3)

David Tremayne: Jochen Rindt, uncrowned king of Formula 1 ****
Ja, nog een boek over Jochen Rindt, ditmaal een Engelstalige uitgave, of beter gezegd een heruitgave van het boek dat de gerespecteerde auteur David Tremayne tien jaar geleden het licht deed zien bij Haynes. Die uitgeverij staakte enkele jaren geleden jammer genoeg alle activiteiten buiten de bekende technische handboeken (de onvolprezen Haynes Manuals), zodat er mogelijkheden voor andere uitgevers ontstonden om de auto- en autosporttitels uit het rijke fonds van Haynes over te nemen.
Dat deed de zeer actieve uitgever Evro met ondermeer dit boek over Jochen Rindt. Niet geheel toevallig, want een van de stuwende krachten achter Evro is Mark Hughes, die de onderneming samen met naamgever Eric Verdon-Roe oprichtte, en laat Hughes nu net de directeursfunctie bij Haynes vervuld hebben... Wellicht zit er dus nog wel meer moois in de pijplijn.
David Tremayne was jarenlang actief als autosportverslaggever, ondermeer voor Motoring News en later The Indepedent, en heeft een indrukwekkend oeuvre van meer dan 50 boeken op zijn naam staan. Dat een Engelsman een boek schrijft over een Duits-Oostenrijkse rijder is misschien niet de meest voor de hand liggende keuze, maar zoals in de bovenstaande bespreking van het Rindt-boek van Dr. Erich Glavitza al aangegeven, beschouwde Rindt zichzelf voornamelijk als Europeaan en trok hij al vroeg in zijn carrière naar Engeland om te racen, waardoor hij opgenomen werd in de Britse racewereld, al laat Tremayne het natuurlijk niet na om Rindts Duitse accent te vermelden, wat zelfs tot een bedrijfsnaam leidde: de eerste March werd, nog bij gebrek aan eigen werkplaats, gebouwd in de schuur van Graham Coaker (de C in March), wat Rindt aanduidde als 'Graham's shack', maar wat vanwege zijn accent klonk als 'Grem's shek', wat de andere mannen van March (Max Mosley, Alan Rees en Robin Herd) inspireerde tot de naam 'Gremschek Engineering', voordat ze op de naam 'March' kwamen.
Zulke en andere anekdotes zijn er te over in het boek, waarin alle races waaraan Rindt deelnam worden belicht, maar ook een goed beeld geschetst wordt van de Engelse autosportwereld, waarin het halen van de volgende race – vaak met zeer beperkte middelen – het voornaamste doel was. De wereld waaruit de Williamsen en de Ecclestones en de Chapmans voortkwamen, maar waar dus ook Rindt deel van uitmaakte. Dat biedt een zeer lezenswaardig verhaal, met veel details rondom de races, wat het boek van Tremayne misschien wel de ideale aanvulling op het genoemde boek van Glavitza maakt.
In vergelijking met de eerdere – en lang uitverkochte – hardcover-uitgave van Haynes uit 2010 biedt de recente heruitgave van Evro als paperback nauwelijks illustraties: er is slechts één fotokatern van 16 pagina's opgenomen. De kracht van deze uitgave ligt dan ook vooral in de tekst, volledig identiek met het boek uit 2010, en in de prijs, die met 15 pond of 17 Euro uitermate schappelijk te noemen is. Wie het boek nog niet in zijn bezit had, doet hiermee zeker een goede aanschaf.
David Tremayne: Jochen Rindt, uncrowned king of Formula 1. Uitgave: Evro, ISBN 978-1-910505-56-4, Engelstalig, 480 pagina's, 13 x 20 cm, paperback.