Champcar: Fantastisch debuut Doornbos in Las Vegas
Langzaam begin
De wedstrijd kende een langzaam begin. Tijdens de eerste 7 ronden moest er minstens 15 minuten geneutraliseerd worden. De eerste start werd afgebroken omdat het startveld zich niet goed formeerde, en bij de tweede poging gingen de rookies Matt Halliday en Graham Hill de muur in. Daarna liet achterblijver Alex Figge zijn motor tot overmaat van ramp ook nog eens afslaan. Maar daarna hervond de wedstrijd zijn definitieve ritme. Aanvankelijk bepaalden Paul Tracy en Wil Power het tempo van de wedstrijd. Daarna werden zij afgelost door Alex Tagliani en Champcaratlantic-kampioen Simon Pagenaud, die door een iets andere strategie de leiding geruime tijd in handen hadden. Ook het team van Dale Coyne draaide met Bruno Junqueira geruime tijd aan de kop mee. Toen bij de reguliere stop de brandstofslang aan de auto van Junqueira vast bleef haken, was het voor de Braziliaan een bekeken wedstrijd. Hij eindigde als zevende achter teamgenote Katherine Legge, die zelfs geruime tijd de vierde plek bezette.
Geen punten voor Bourdais
Drievoudig Champcarkampioen Sebastien Bourdais was ondanks zijn slechte startpositie een klasse apart. De Fransman startte als zestiende en toerde ondanks de langdurige neutralisatie in het begin op de achtste plek en viel, lag zelfs even derde en moest in de 22e ronde met een lekke rechter voorband naar de pits. Voor de tweede maal begon Bourdais aan een inhaalrace, maar in de 32e ronde raakte hij de muur, maar de Fransman moest met zijn Newman Haas Lanigan Panoz DPO1 in de 32e ronde strijd staken en zette zijn bolide definitief op het parcours aan de kant. Een slechte dag voor het kampioenschapsteam van Newman Haas dat met Bourdais en Rahal beide auto’s zag uitvallen. Van de zeventien gestarte auto’s werden er slechts negen geklasseerd.