Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet
Formule 2

GP2: Achter de schermen: MP Motorsport kleurt oranje



480_hobbs_8852

Quaife-Hobbs: meteen voor de titel
Voor Adrian Quaife-Hobbs was GP2 de logische volgende stap. “Na mijn AutoGP-titel wilde ik erg graag GP2 doen. Maar het is een érg dure klasse, dus ik ben eerst bezig geweest met sponsors zoeken. Daarna ben ik met teams gaan praten. MP was toen nog niet beeld, want ik wist nog niet hoe het zou gaan uitpakken met Coloni. Daarom heb ik in het najaar getest voor Addax en Arden. Ik was ver met Addax, maar toen kwam MP op mijn pad. Dat leek een risico omdat het een nieuw team is, maar MP heeft ervaren mensen aangenomen. Mijn doel is dan ook om meteen voor de titel te gaan. Ja, waarom niet? Okee, ik hoef niet per se kampioen te worden, want er kunnen altijd dingen tegenzitten. Maar ik wil in ieder geval beste rookie worden en laten zien dat ik de titel had kunnen winnen.”

Met de langere kalender en met nieuwe circuits zal het toch bepaald lastig worden voor een debutant. “Ja, de eerste vier races zijn moeilijk. Die circuits ken ik niet. Maar zodra we in Europa zijn, hoop ik grote stappen te maken. Het gaat er nu vooral om dat ik het ritme bewaar dat ik uit de tests heb meegenomen. In Barcelona heb ik met Addax de tweede tijd neergezet. Die vorm moet ik bij MP zien vast te houden.” Met zijn tweede tijd tijdens de tests liet de Brit in ieder geval zien dat hij de lastige Pirelli-banden in de GP2 snel in de vingers had. “Het zijn inderdaad aparte banden, waar je anders mee moet omgaan. Je kunt heel laat remmen en vroeg op het gas, maar ze hebben erg weinig laterale grip. In het midden van de bocht ga je dus langzamer dan in een auto uit de World Series of AutoGP.” Quaife-Hobbs toonde zich blij met Daniël de Jong als teamgenoot. “Ik kende hem natuurlijk al uit de AutoGP. We kunnen goed met elkaar opschieten en we willen graag samenwerken om het team omhoog te krijgen. Het wordt dit jaar zeker niet ‘mijn kant van de garage’ tegen ‘zijn kant van de garage’.” In plaats daarvan nam hij Marcus Ericsson, James Calado en Felipe Nasr in het vizier als zijn grootste rivalen.

De Jong: samenwerken om de auto beter te maken
Ook Daniël de Jong noemde Ericsson, Calado en Nasr als de titelfavorieten, maar zag volop ruimte voor hemzelf en Quaife-Hobbs om te schitteren. Dat is misschien ook logisch, nu er deze winter zo veel coureurs naar de F1 zijn doorgestroomd: behalve jongelingen Gutiérrez en Chilton ook oudgedienden Van der Garde, Razia en Valsecchi. “We hebben nu de kans om onszelf te laten zien”, aldus De Jong. “Wat dat betreft ben ik blij met Adrian als teamgenoot. Een snelle rijder, met wie ik goed kan samenwerken om de auto beter te maken.” Voelt hij dat hij een voorsprong heeft op Quaife-Hobbs dankzij zijn halve seizoen GP2 bij Rapax? “Dat valt wel tegen, hoor. Er komen nu nog zes testdagen aan. Die heb ik niet gekregen toen ik bij Rapax instapte! In die zes dagen steek je meer op dan in een paar raceweekenden, dus ik ga er eigenlijk van uit dat Adrian meteen snel is.”

Het wordt een druk seizoen voor De Jong, want hij gaat ook AutoGP doen. “Ja, 19 races bij elkaar! In de AutoGP moet ik één weekend missen – meteen de eerste keer, want Monza in de AutoGP valt samen met Maleisië in de GP2. Jammer, want je scoort meteen twee keer nul. Maar goed, het is maar één weekend, dus ik kan nog steeds voor de titel gaan. Maar dan moet het in de rest van het jaar niet tegenzitten.” Op de AutoGP-kalender kijkt De Jong uit naar het slotweekend op Brno – “een prachtig circuit is dat” – en in de GP2 is hij vooral benieuwd naar de circuits in het Midden- en Verre Oosten: Sepang, Abu Dhabi, Singapore. Die zijn voor De Jong allemaal nieuw.

480_meindert-van-buuren-auto-gp--2
Foto: PR

Van Buuren: vertrouwen in grote stap
Meindert van Buuren kon er intussen nog steeds niet over uit dat hij komend jaar AutoGP gaat rijden voor Manor MP. “De hele winter ging ik ervan uit dat ik nog een jaar Formule Renault 2.0 ging doen. Dat was ook logisch: je wilt eerst de prestaties neerzetten voordat je opstapt naar het volgende niveau. Maar ik heb in 2012 veel pech gehad, waardoor ik in het kampioenschap niet veel heb kunnen bereiken. Pas in de tweede seizoenshelft begon het een beetje te lopen.”

Op grond van die prestaties vonden Henk de Jong en Sander Dorsman dat Van Buuren klaar was voor de AutoGP. Vond hij dat zelf ook? Het is natuurlijk wel een héél grote stap. “Dat is waar, maar het principe blijft hetzelfde. Je moet alleen omgaan met meer vermogen en meer downforce. En ik heb al GP3 getest, wat een leerzame ervaring was. Ik heb gepraat met Atech Reid, het team dat nu is overgenomen door WTCC-team Bamboo en waaromheen nog veel onduidelijkheid bestaat. Achteraf ben ik blij dat ik dat niet heb gedaan, want het nieuwe GP3 is behoorlijk duur. In vergelijking daarmee heeft AutoGP een bereikbaar budget. Bovendien wilde ik graag bij Manor MP blijven. Ik voel me hier thuis. Toen ik deze kans kreeg, heb ik hem met beide handen aangegrepen.”

Van Buuren was realistisch over zijn kansen. “Ik verwacht zeker niet dat ik in het begin meteen in de topvijf meedraai. Maar in de loop van het seizoen is dat haalbaar. Ik moet vooral goed luisteren naar het team, goed samenwerken met de monteurs. En natuurlijk hard trainen om mijn nekspieren sterk genoeg te krijgen. Het wordt een mooi jaar: AutoGP is een kampioenschap met veel auto’s, veel publiek en vooral mooie circuits. Daar kijk ik echt naar uit.”

Rowland: niets minder dan de titel is genoeg
Ook Oliver Rowland was eerlijk over zijn kansen, maar dan op een manier die geen ruimte voor misverstanden liet. De Brit heeft er alles voor over om dit jaar kampioen te worden in de Eurocup Formule Renault 2.0. Hij verhuisde er zelfs voor naar Nederland. “Ik ga voor de titel. Mijn derde plaats in de eindstand van vorig jaar viel me tegen van mezelf. Die derde plaats was misschien nog niet zo erg, maar het gat in punten met Stoffel Vandoorne en Daniil Kyvat was te groot.” Nu Vandoorne en Kyvat – “de twee beste jongens tegen wie ik tot nu toe heb geracet” – zijn gepromoveerd naar de World Series en de GP3, beschouwt Rowland zichzelf als titelfavoriet. “Mijn belangrijkste rivalen worden waarschijnlijk De Vries, Tunjo en misschien Gasly. Er zitten dit jaar veel snelle jongens tussen en veel consistent presterende, maar er zijn er niet veel die ’t allebei zijn. Daar moeten wij ’t winnen.”

480_rowland_8791
Tony Shaw en Oliver Rowland

Rowland heeft in ieder geval de steun van Tony Shaw van Manor Motorsport, die in het verleden werkte met grootheden als Lewis Hamilton en Kimi Räikkönen. En van de Racing Steps Foundation, die in de GP2 ook James Calado ondersteunt. “Ik zie voor mezelf wel een andere weg voor me dan die James bewandelt. Mijn beoogde route is die van Robin Frijns: Eurocup winnen, van het prijzengeld de ‘betaalde’ auto in de World Series krijgen en daarmee opnieuw winnen. Stoffel Vandoorne gaat dat ook zo doen, let maar op mijn woorden.” Het McLaren-juniorcontract van Vandoorne zal daarbij zeker helpen. Heeft Rowland nog contact met McLaren? Hij is immers de winnaar van de 23e McLaren Autosport BRDC Award en maakte zelf ooit deel uit van het juniorprogramma van McLaren. “Ik heb nog steeds contact met ze en ze zullen me zeker helpen als ik daarom vraag.”

480_rene_de_boer_9101
Autosport.nl verslaggever René de Boer praatte op zijn eigen unieke wijze de presentatie aan elkaar.

En terwijl de aanwezigen met champagne toostten op een succesvol 2013 voor MP Motorsport, waren de teamleden achter de schermen al bezig met de voorbereidingen voor de eerste tests van het jaar. “Vannacht vertrekken de tweeliters nog naar Motorland Aragon en morgen gaan de GP2-auto’s op weg naar Jérez voor de eerste test van het jaar”, zei Sander Dorsman. Dat gebeurt in ieder geval redelijk royaal, want MP heeft twee trailers van HRT overgenomen. Een heel klein beetje op F1-niveau zit het team dus al.


Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet