Indycar: Indycar test nieuw aërodynamisch pakket op Indianapolis
Negen Indycar-coureurs legden gisteren ruim 495 ronden af op de Indianapolis Motor Speedway. Het voornaamste doel was om met de nieuwe Dallara DW 12 het juiste aërodynamische basispakket vast te leggen. En dit verschilde aanmerkelijk dan hetgeen Dario Franchitti en Tony Kanaan vorige herfst nog getest hadden.
Tekst: Willem J. Staat
Foto’s: Indycar

J.R. Hildebrand met de Dallara Chevrolet DW 12 op de Indianapolis Motor Speedway.
Let op de achterspatborden. Die zijn iets gemodificeerd.
Indycar test nieuw aërodynamisch pakket op Indianapolis
Voor de ééndaagse testsessie hadden IZOD Indycar-organisatie negen coureurs uitgenodigd. Tony Kanaan: “Dallara en Will Phillips van de Indycar-organisatie hebben uitstekend werk verricht. Vorig jaar was er nogal wat kritiek op de auto, maar we zijn nu de goede weg ingeslagen. Direct vanuit de pits komend kon ik volgas geven en ik moet zeggen dat de “aero kit” een stuk beter geworden is. Kwalitatief hoogstaande topcoureurs geven hier een positieve feedback zodat we in mei over het juiste materiaal kunnen beschikken.”
Een basis set-up was het belangrijkste doel voor de teams, evenals de bandenslijtage. Helio Castroneves: “Het is totaal verschillend omdat wij nog steeds aan de andere auto gewend zijn. Je moet alles eerst ontwikkelen en dit doen we dan ook. Telkens als je op deze plek komt is het belangrijk te weten wat je wel en niet doet!”
Het enige dat door de Indycar-organisatie verplicht werd gesteld was het gebruik van de achterwielspatborden die groter en lichter van vorm zijn dan de configuratie die op de ovals van Texas, Milwaukee en Iowa en de roadcircuits gebruikt worden. Ook mochten de teams met de achtervleugel tussen een hoek van 0 en 10 graden spelen (evenals de zijkant van de vleugel (turbulentie).
Will Phillips van Indycar: “Met de configuratie waarover wij nu beschikken zullen wij in mei terugkomen! De door Dallara geproduceerde delen werden afgelopen winter eerst op een schaalmodel getest nadat de eerste bevindingen van Tony Kanaan en Dario Franchitti onvoldoende waren gebleken.

Scott Dixon met de Ganassi Dallara Honda DW 12 liet de derde tijd noteren.
Tekst: Willem J. Staat
Foto’s: Indycar

J.R. Hildebrand met de Dallara Chevrolet DW 12 op de Indianapolis Motor Speedway.
Let op de achterspatborden. Die zijn iets gemodificeerd.
Indycar test nieuw aërodynamisch pakket op Indianapolis
Voor de ééndaagse testsessie hadden IZOD Indycar-organisatie negen coureurs uitgenodigd. Tony Kanaan: “Dallara en Will Phillips van de Indycar-organisatie hebben uitstekend werk verricht. Vorig jaar was er nogal wat kritiek op de auto, maar we zijn nu de goede weg ingeslagen. Direct vanuit de pits komend kon ik volgas geven en ik moet zeggen dat de “aero kit” een stuk beter geworden is. Kwalitatief hoogstaande topcoureurs geven hier een positieve feedback zodat we in mei over het juiste materiaal kunnen beschikken.”
Een basis set-up was het belangrijkste doel voor de teams, evenals de bandenslijtage. Helio Castroneves: “Het is totaal verschillend omdat wij nog steeds aan de andere auto gewend zijn. Je moet alles eerst ontwikkelen en dit doen we dan ook. Telkens als je op deze plek komt is het belangrijk te weten wat je wel en niet doet!”
Het enige dat door de Indycar-organisatie verplicht werd gesteld was het gebruik van de achterwielspatborden die groter en lichter van vorm zijn dan de configuratie die op de ovals van Texas, Milwaukee en Iowa en de roadcircuits gebruikt worden. Ook mochten de teams met de achtervleugel tussen een hoek van 0 en 10 graden spelen (evenals de zijkant van de vleugel (turbulentie).
Will Phillips van Indycar: “Met de configuratie waarover wij nu beschikken zullen wij in mei terugkomen! De door Dallara geproduceerde delen werden afgelopen winter eerst op een schaalmodel getest nadat de eerste bevindingen van Tony Kanaan en Dario Franchitti onvoldoende waren gebleken.

Scott Dixon met de Ganassi Dallara Honda DW 12 liet de derde tijd noteren.