NASCAR: Sterk optreden Denny Hamlin beloond met zege in Phoenix
Na de eerste twee NASCAR Sprint Cup wedstrijden voert JGR-coureur Denny Hamlin voorlopig de stand in het kampioenschap aan. In Phoenix behaalde Hamlin met zijn JGR-Toyota een overtuigende zege. Na een matig seizoen in 2011 is de JGR-coureur weer helemaal terug.
Tekst Willem J. Staat
Foto’s Toyota Motorsports USA/NASCAR

Klinkende zege voor Denny Hamlin in Phoenix met zijn Joe Gibbs Racing Toyota.
Sterk optreden Denny Hamlin beloond met zege in Phoenix
JGR-coureur Denny Hamlin is weer terug aan de top. In 2010 beleefde de JGR-coureur een superseizoen. Hoewel in 2011 als negende in “The “Chase” eindigde kon hij die resultaten vorig jaar absoluut niet evenaren. “Wij hadden het de laatste 10 races gewoon niet voor elkaar” zegt Hamlin. De komst van Tony Stewart’s crewchief Darian Grubb naar JGR bracht verandering.
Kevin Harvick drukte met zijn RCR-Chevrolet ruim 88 ronden lang zijn stempel op de wedstrijd. Een zevende neutralisatie voor een crash van Ryan Newman in de 254e ronde bracht de omwenteling. Bij de herstart in de 260e ronde greep Denny Hamlin definitief de kop en stond die niet meer af. Ook zat Harvick vrij krap met zijn brandstofverbruik. Met nog minder dan twee ronden te gaan verloor Harvick’s Chevrolet zelfs oliedruk. Op ruim 7.315 seconden achterstand eindigde hij als tweede, gevolgd door de Roush Fenway Ford van Greg Biffle.
Pech voor Marcos Ambrose
De Australiër Marcos Ambrose leek met zijn Ford eveneens uitzicht te hebben op een goede klassering. Jimmie Johnson, Brad Keselowski en Greg Biffle moesten er bij Ambrose allemaal aan geloven. Zeventien ronden voor het einde moest Ambrose in derde positie liggend met een technisch defect moest opgeven. Regerend kampioen Tony Stewart verging het niet veel beter. Stewart moest door een takelwagen richting pits geduwd worden omdat zijn motor eveneens de nodige kuren vertoonde. Hij werd met twee ronden achterstand als 22e geklasseerd.

Ryan Newman verdwijnt in de "Safer Wall" na een touché van Carl Edwards.
Tekst Willem J. Staat
Foto’s Toyota Motorsports USA/NASCAR

Klinkende zege voor Denny Hamlin in Phoenix met zijn Joe Gibbs Racing Toyota.
Sterk optreden Denny Hamlin beloond met zege in Phoenix
JGR-coureur Denny Hamlin is weer terug aan de top. In 2010 beleefde de JGR-coureur een superseizoen. Hoewel in 2011 als negende in “The “Chase” eindigde kon hij die resultaten vorig jaar absoluut niet evenaren. “Wij hadden het de laatste 10 races gewoon niet voor elkaar” zegt Hamlin. De komst van Tony Stewart’s crewchief Darian Grubb naar JGR bracht verandering.
Kevin Harvick drukte met zijn RCR-Chevrolet ruim 88 ronden lang zijn stempel op de wedstrijd. Een zevende neutralisatie voor een crash van Ryan Newman in de 254e ronde bracht de omwenteling. Bij de herstart in de 260e ronde greep Denny Hamlin definitief de kop en stond die niet meer af. Ook zat Harvick vrij krap met zijn brandstofverbruik. Met nog minder dan twee ronden te gaan verloor Harvick’s Chevrolet zelfs oliedruk. Op ruim 7.315 seconden achterstand eindigde hij als tweede, gevolgd door de Roush Fenway Ford van Greg Biffle.
Pech voor Marcos Ambrose
De Australiër Marcos Ambrose leek met zijn Ford eveneens uitzicht te hebben op een goede klassering. Jimmie Johnson, Brad Keselowski en Greg Biffle moesten er bij Ambrose allemaal aan geloven. Zeventien ronden voor het einde moest Ambrose in derde positie liggend met een technisch defect moest opgeven. Regerend kampioen Tony Stewart verging het niet veel beter. Stewart moest door een takelwagen richting pits geduwd worden omdat zijn motor eveneens de nodige kuren vertoonde. Hij werd met twee ronden achterstand als 22e geklasseerd.

Ryan Newman verdwijnt in de "Safer Wall" na een touché van Carl Edwards.