Clio Cup: René en Ruud Steenmetz, zo vader zo zoon en omgekeerd

Het samen met zijn vader kunnen racen is voor Ruud heel speciaal. “Het is toch ongelofelijk dat je dit samen met je vader kunt doen. We leven echt naar zo’n raceweekend toe en met name voor mijn vader is het een fantastische uitlaatklep. We kunnen elkaar voor zo’n weekend flink opjutten en er heerst daarbij een gezonde rivaliteit. Als de situatie zich voordoet zullen we elkaar op de baan helpen en misschien iets netter rijden om elkaar niet onnodig dwars te zitten. Maar ik weet dat hij hoe dan ook voor me wil eindigen, daarin is hij heel fanatiek.” Als het aan Ruud ligt rijdt hij volgend jaar opnieuw in de Dutch Renault Clio Cup. “Ik begin het nu net goed te leren. En daarbij is het een mooie klasse waar ik zeker in verder wil.”

René heeft zijn zoon de afgelopen jaren zien groeien in Dutch Renault Clio Cup. “Vroeger moest ik in mijn spiegels kijken om te zien wat hij deed, nu zie ik het door de voorruit en zit ik eerste rang. Hij is nu een stuk sneller en zo hoort het natuurlijk ook. Het is alleen wel zaak om zelf geconcentreerd te blijven en niet te veel op hem te letten want dan ga je fouten maken. Ruud is zo gegroeid dat als hij nu dwars gaat hij de auto keurig opvangt. Ervaring is nu eenmaal belangrijk.” Het racen heeft van René ook een betere automobilist gemaakt. “Ik maak heel veel kilometers en rijd tegenwoordig veel relaxter. Met de circuitervaring ga je op de openbare weg veel veiliger rijden en je past je ook veel beter aan de omstandigheden aan.” Autosport mag voor René dan een brok ontspanning zijn, presteren staat zeker niet op het tweede plan. “Het kost best veel energie maar je komt even helemaal los van alle dagelijkse beslommeringen. De Clio Cup is een geweldige klasse, heftig, leuk en ook gezellig. Maar ik ben wel zo fanatiek dat ik absoluut voorin wil rijden, al wordt dat met die jonge gasten die bijvoorbeeld uit de Swift Cup komen soms wel wat lastiger. Het blijft echter geweldig om samen met je zoon te kunnen racen. Helaas zijn die weekenden altijd zo weer voorbij en denk ik wel eens dat we er te weinig van genieten.”