DSC: Pieter van Soelen behaalt derde overwinning van het seizoen

Ondertussen was het het duo Verkoulen/Boender gelukt om voorbij te gaan aan Eugène Janssen en Luc de Cock. De Saker Diesel had het tempo er goed inzitten en kon aansluiten bij Pieter van Soelen en Milko Tas. Het drietal bleef tot aan de pitstops binnen vijf seconden van elkaar, waarbij het Van Soelen was, in de wetenschap dat zijn achtervolgers allen resultaatseconden hadden, die de race controleerde.
Na de pitstops was de voorsprong van Van Soelen op zijn achtervolgers gegroeid tot een twintigtal seconden. Op de tweede plek lag verrassenderwijs Piet Versluis, die bij de pitstops zelf nog een spannend momentje meemaakte. Bij zijn eerste poging om de pitstraat in te gaan verremde Versluis zich namelijk, waardoor hij de ingang van de pitstraat zelfs miste. Een ronde later, vlak voor het sluiten van het pitstop window, kwam Versluis alsnog binnen. Zijn pitstop was echter maar liefst dertig seconden tekort, waardoor Versluis na afloop van de race nog een tijdstraf kreeg van zestig seconden.

Bert van der Zweerde, koploper in het kampioenschap, kende ook na de pitstops een dramatisch verloop van de race. De jonge coureur verloor in de beginfase van de race al veel tijd omdat hij als enige op intermediates stond en kreeg na de pitstops bovendien ook nog een drive-through omdat hij te kort had stilgestaan. Alsof dat nog niet genoeg was moest hij een paar ronden voor het einde opgeven met technische problemen. Zijn teamgenoot Pieter van Soelen ging het beter af, want hij gaf zijn voorsprong niet meer uit handen en behaalde zo zijn derde overwinning van het seizoen. Door de tijdstraf van Piet Versluis eindigden Milko Tas en Bob Herber op de tweede positie. Zij doen hierdoor, omdat Bert van der Zweerde ver achterin eindigde, goede zaken voor het kampioenschap. Verkoulen en Boender, die eigenlijk als derde eindigden, kregen een tijdstraf omdat zij bij het uitkomen van de pitstraat over de witte lijn waren gegaan. Luc de Cock eindigde hierdoor op het podium.

In de Sport-divisie ging het in de eerste ronde fout voor een paar deelnemers. Nico Been, Frank Bédorf en Manfred Lewe kwamen bij het uitkomen van de Hugenholzbocht met elkaar in aanraking, waarna alleen Nico Been zijn weg kon vervolgen. Wel moest Been de pitstraat opzoeken, waardoor een goede klassering bij voorbaat uitgesloten was.
Nik de Jong had een goede start van de race. Koen Bogaerts had de BMW E36 M3 in de kwalificatie op de vijfde startplek gepositioneerd, maar De Jong slaagde er al snel in om deze vijfde positie om te zetten naar een tweede positie. Jan-Bart van Kolsteren en Philip Hillege hadden een slechtere start van de race, want zij vielen vanaf hun tweede startpositie een aantal posities terug.
Laurens de Wit kon in de beginfase het tempo van Nik de Jong goed volgen en kon zo meerijden naar voren. De Jong had na de eerste paar ronden alleen Iman van Schelven nog voor zich, maar kon in de vierde ronde ook deze bolide verschalken. De Wit volgde hierna De Jong, waardoor Van Schelven terugviel tot de derde positie.

Na de pitstops was het veld door de resultaatseconden die verschillende deelnemers hadden flink door elkaar geschud. Eline Braspenning had bij de pitstops het stuur van Iman van Schelven overgenomen en kreeg het meteen aan de stok met Aart Bosman. Bosman rijdt dit weekend voor het eerst met de oude Lotus Exige waar Luc de Cock afgelopen seizoen kampioen van de Sport-divisie mee werd en noteerde meteen snelle rondetijden. Eline Braspenning moest dan ook snel haar eerste positie afstaan aan Bosman, die daarna echter niet echt kon weglopen bij de jonge dame.

Rob Nieman reed een sterke race en was met zijn Renault Clio 2.0 RS na de pitstops opgeklommen tot de derde positie. Lang leek het erop dat Nieman zeker was van een podium, ware het niet dat Koen Bogaerts, die het stuur van Nik de Jong had overgenomen, er alles aan deed om roet in het eten van Nieman te gooien. Bogaerts noteerde rondetijden die een paar seconden per ronde sneller waren dan Nieman en kon in de laatste ronde aansluiten aan de staart van Nieman. Het wachten was daarna op een inhaalactie van Bogaerts, maar die verremde zich in de Mastersbocht waardoor het gat naar Nieman weer groter werd. In de laatste halve ronde reed Bogaerts echter weer naar Nieman toe waarna Bogaerts bij het uitkomen van de Arie Luyendijk bocht voorbij kon steken aan Nieman. Op de finishlijn bedroeg het verschil tussen Bogaerts en Nieman 0,323 seconden, in het voordeel van Bogaerts. Nieman zag hiermee zijn podiumplaats in rook opgaan. Aart Bosman kon zijn eerste positie behouden en behaalde zo zijn eerste overwinning van het seizoen. Eline Braspenning en Iman van Schelven eindigden op de tweede positie.