Formule Ford: Frits van Amersfoort: de cirkel is rond

“In 1975 met Huub Rothengatter, dat was het begin. We reden tegen onder andere Michael Bleekemolen en doen dat toevallig dit weekend weer. Huub ging daarna richting de Formule 3 en ook daar heb ik hem nog een jaar geholpen. Het was allemaal in die tijd no-budget en naast mijn studie. In 1980 kwam ik in contact met iemand die wilde gaan racen en ik zou het technische gedeelte voor mijn rekening nemen. Hendrik ten Cate kwam bij mij uit de regio en zag mij op het circuit aan het werk. Hij vroeg vervolgens of ik hem niet wilde gaan helpen. In 1981 runde ik zijn Crosslé waarna we het jaar daarop doorgroeiden naar de Formule Ford 2000. Ik zag toen al dat het kleine beetje geld dat er was alleen maar in de auto verdween en er niets overbleef voor het gebeuren er omheen. Daarop besloot ik mijn eerste eigen vrachtwagentje te kopen en eigen gereedschap aan te schaffen. We reden in die dagen tegen mannen als Senna, Brundle en Nissen. In 1984 en 1985 ben ik met Hendrik nog een paar races per jaar in de Formule 3 actief geweest voordat ik overstapte naar de toerwagens. Met Arie Ruitenbeek kwamen we via de Corolla Cup in de door Ford ondersteunde Ford Sierra Cosworth terecht. Eigenlijk was 1988 een keerpunt voor het team.

Marlboro werd sponsor en wilde ook een Formule Ford inzetten. We deden de Cosworth en de Formule Ford en werden in beide klassen kampioen, Frank Eglem in de Formule Ford en Jeroen Hin in de Cosworth.

Het jaar daarop haalden we de Nederlandse Formule Ford-titel met Marcel Albers. In 1990 stopte de Marlboro Challenge. We stonden eigenlijk met lege handen maar wilden toch Formule Ford blijven doen. Met Ruud Spoolder wonnen we de eerste race maar gaandeweg het jaar was het budget op en zijn we gestopt”, aldus een terugblikkende Frits van Amersfoort.

In 2001 keerde Van Amersfoort Racing echter terug in de Formule Ford. “Het KNAF Talent First-project werd aan ons toevertrouwd. Men wilde hun rijder in de Formule Ford en zodoende waren we weer terug.

Ho Pin Tung was de eerste KTF-rijder. De tweede auto van ons team werd bestuurd door Jaap van Lagen en hij won dat jaar de Benelux titel. Na in 2002 Benjamini als KTF-rijder in de Formule Ford te hebben gehad wilde het KTF-project in 2003 met Giedo van der Garde naar een andere formulewagenklasse en stapten we dus weer uit de Formule Ford.” Dit jaar is Van Amersfoort Racing voor de tweede keer terug, nu met Jeroen Mul. “Het is voor ons als Van Amersfoort Racing in meerdere opzichten een belangrijke aanvulling. Als team kun je je risico’s spreiden en je mensen over meerdere projecten verdelen. Daarnaast kun je rijders van onder af aan door de diverse formulewagenklassen blijven begeleiden. Voor een rijder is het erg belangrijk om in een vertrouwde omgeving te kunnen blijven. Het beste voorbeeld is Stef Dusseldorp die bij ons Formule Renault deed en probleemloos overstapt in de Formule 3.”Uiteraard heeft Van Amersfoort in de loop der jaren ook binnen de Formule Ford veel zien veranderen. “In de beginjaren ging het puur om het rijden. Nu is de beschikbaarheid van een nieuw setje banden doorslaggevend voor een goede tijd. Daarbij is de afstelling van de auto veel belangrijker geworden. Alles wat de auto en de rijder doet is tegenwoordig inzichtelijk. Het is wetenschap geworden. Technisch moet je voortdurend bijblijven. Eigenlijk is het wel heel apart dat er nog maar drie formulewagenklassen zijn waar de techniek niet standaard is en er door zelf te ontwikkelen nog wat voordeel te halen is. Dat is de Formule 1, de Formule 3 en de Formule Ford. In alle andere klassen wordt gereden met een eenheidschassis en/of standaard verzegelde motor. Gebleven is het feit dat de Formule Ford een goede leerschool is. Daarbij komt dat ik vind dat Nederlandse rijders eerst een jaar in eigen land moeten hebben gereden om zich hier te laten zien. Dan ben je automatisch aangewezen op de Formule Ford”, besluit Frits van Amersfoort zijn raad aan Nederlandse aankomende formulewagenrijders.
