Diversen

Div: Recensie 'Einfach eine geile Zeit - Deutsche Rennsport-Meisterschaft 1972-1985'

IMG 6462 2

Echte autosportevenementen zijn er niet, wereldwijd ligt de competitie in race- en rallysport vanwege het coronavirus stil. Dat betekent echter niet dat er voor autsportliefhebbers niets te beleven is. De populariteit van simracing groeit explosief, er zijn genoeg opnames van oudere races, films en documentaires om al dan niet opnieuw te bekijken. En waarom niet weer eens een goed boek, waar we nu immers ook alle tijd voor hebben? Uit die categorie belandde deze week een nieuwe uitgave op het bureau, gewijd aan de Deutsche Rennsport-Meisterschaft, die in de jaren zeventig hoogtij vierde.

Tekst: René de Boer (Twitter: @renedeboer)
Foto's: Rebocar/R. de Boer, Gruppe C Verlag

Gustav Büsing † en Uwe Mahla: Einfach eine geile Zeit – Deutsche Rennsport-Meisterschaft 1972-1985 *****

De DTM is natuurlijk wereldwijd bekend en geniet bijvoorbeeld ook in Japan grote faam, maar ook in de jaren zeventig was er in Duitsland al een prominent kampioenschap met dikke auto's, flinke inbreng van fabrikanten en een grote uitstraling die ook buiten de grenzen van de Bondsrepubliek reikte. Alleen het horen van de naam 'Deutsche Rennsport-Meisterschaft', afgekort DRM, is vaak al voldoende om bij liefhebbers een grote glimlach op het gezicht te toveren. Vooral de herinnering aan de spectaculaire auto's volgens het Groep 5-reglement is bij velen nog springlevend.

Gustav Büsing en Uwe Mahla volgden in de jaren zeventig en tachtig de activiteiten in de Deutsche Rennsport-Meisterschaft op de voet in hun functie als verslaggevers van respectievelijk de Duitse tijdschriften Auto-Zeitung en Rallye-Racing. Ze kenden de rijders en teambazen persoonlijk, evenals veel van de monteurs en mensen op de achtergrond. Dat was destijds ook nog gemakkelijker dan nu, want als journalist had je veel meer direct contact met de rijders, zonder tussenkomst van PR-functionarissen of managers. Dat resulteerde bij beide in een enorme kennis over de serie en de achtergronden, wat Büsing en Mahla rond de eeuwwisseling deed besluiten om al die verhalen op te tekenen voor een boek. In 2011 verscheen de eerste druk van 'Einfach eine geile Zeit'. De titel was rechtstreeks afkomstig uit de mond van Hans-Joachim Stuck, in 1972 de eerste DRM-kampioen, die zijn fascinatie voor die periode niet onder stoelen of banken stak.

200426 DRM binnenwerk

Eerste druk al bekroond met 'ADAC Motorbuch-Preis'
De eerste druk van het boek, in het verschijningsjaar op de prestigieuze Frankfurter Buchmesse bekroond met de 'ADAC Motorbuch-Preis' voor het beste autosportboek, was binnen korte tijd uitverkocht. Datzelfde gold voor de identieke tweede oplage, die in 2014 verscheen. Een jaar later overleed Gustav Büsing aan de gevolgen van een hartinfarct tijdens het weekeinde van de 24 Uur van Le Mans, waar hij zoals altijd als commentator verslag deed voor de Duitse Eurosport. Eigenlijk had hij samen met co-auteur Uwe Mahla al ideeën voor een aanvulling op het bestaande boek met nog meer anekdotes, achtergrondverhalen en portretten van iets minder prominente, maar daarom niet minder interessante coureurs, die in de eerste editie niet zo ruim aan bod gekomen waren. Door Büsings overlijden kwamen de plannen tijdelijk op een wat lager pitje te staan.

Nu echter is de derde druk dan toch een feit, met 50 pagina's meer dan de vorige, wat het totaal op een omvang van 304 brengt. Dat we hier met de derde editie van doen hebben, blijkt uiterlijk alleen door een oranje sticker op het plastic dat het boek omhult, voorzien van de tekst '3. Auflage – Neue Stories – Mehr Seiten', en door de drie oranje sterren aan de onderkant van de boekrug. Iets voor de specialisten en kenners, ook om in de gaten te houden wanneer u eventueel het boek tweedehands zou willen aanschaffen.

200426 DRM Cover productie
De cover is fraai uitgevoerd, met een deel dat aanvoelt als asfalt en een deel met spotvernis

Fraaie afwerking met asfaltgevoel en glanzend spotvernis
Is het plastic er eenmaal af, dan voelt de onderste helft van de cover aan als een soort asfalt, terwijl de afbeeldingen van de auto's erboven glanzend met spotvernis, een speciaal effect dat bij liefhebbers zeker in de smaak valt. Met de BMW 320i, de Porsche 935 en de Ford Capri RS zijn drie auto's afgebeeld die in de historie van der DRM een belangrijke rol spelen. Daarboven, met lichte oranjetint, vinden we portretten van diverse coureurs, waarbij prominente namen als Mass, Ludwig, Wollek, Stuck, Danner en Heyer opvallen. Ook de woorden 'Geile Zeit' zijn voorzien van spotvernis. De bovenste helft van de cover voelt wel heel prettig aan, maar helaas blijven hierop wel snel vingerafdrukken achter.

Inhoudelijk wordt na het voorwoord van Hans-Joachim Stuck als eerste kampioen en een van de bekendste Duitse coureurs, ingegaan op het ontstaan van de serie. Dat was vooral gebaseerd op wensen van tuners, teams en fabrikanten, maar ook rijders en sponsors, die de wirwar van Duitse titels in allerlei verschillende toerwagenklassen, ingedeeld naar cilinderinhoud en soms met minimale verschillen van 100 of 150cc, zat waren. Net als in het voetbal moest er gewoon één Duitse kampioenstitel komen, zo luidde de redenering die uiteindelijk ook gehoor vond bij de bevoegde instanties. Vervolgens is er aandacht voor de techniek en de ontwikkeling daarvan in het kampioenschap, van de relatief eenvoudige, op productiewagens gebaseerde filosofie in de beginjaren via de Groep 5-spaceframes, meestal met turbomotoren, die voor de spectaculairste periode in de serie zorgden, tot aan de kostbare Groep C in de jaren tachtig, die het einde van de DRM betekende.

200426 DRM Binnenwerk Norisring
Capri's, Porsches en dikke BMW's kenmerkten al in de beginjaren (hier 1975) het DRM-veld

Chronologisch overzicht
De volgende 140 pagina's van het boek zijn gevuld met een chronologisch overzicht van de kampioenschapsjaren 1972 tot en met 1985, geregeld afgewisseld door aparte pagina's met portretten in tekst en beeld van de 30 prominentste rijders die in de DRM een hoofdrol vervulden. Met name Duitsers, uiteraard, maar ook rijders als Surer, Höttinger, Hezemans, Fitzpatrick en Wollek. Grote foto's, deels in zwart-wit maar toch met een meerderheid van kleur, zijn niet alleen prachtig als illustratie, maar geven ook een perfect tijdsbeeld, niet alleen van de actie op en rond de baan, maar ook van de sfeer in de paddock. Diverse kaders met persoonlijke herinneringen van rijders en andere betrokkenen ontbreken ook niet, van Waltraud Odenthal als een van de dames in de serie via Tim Schenken, die beschrijft hoe hij zijn kopman Hezemans moest voorlaten, tot aan de roemruchte wedstrijdleider Ali Schatz, die zijn commandotoon uit het dagelijks leven (hij was Oberfeldwebel bij de Duitse landmacht) ook bij rijdersbesprekingen op het circuit aansloeg. Een apart intermezzo is gewijd aan de Deutsche Rennsport-Trophäe, een aparte competitie binnen het kampioenschap voor kleinere auto's dan de kostbare Groep 5-machinerie. Geweldig is ook een fotoserie op twee pagina's van Hans Heyers zware crash met de Lancia Beta Montecarlo op de Norisring in 1980 als gevolg van een geëxplodeerde remschijf. Hilarisch is het om te zien hoe Heyer ongedeerd uit de ondersteboven liggende en zwaar beschadigde auto kruipt en vervolgens nog een keer terugloopt om zijn handelsmerk, zijn eeuwige Tiroler hoedje, uit het wrak te vissen.

200426 DRM Binnenwerk Stommelen

Er is aandacht voor het vermaarde BMW-Juniorteam op initiatief van Jochen Neerpasch, de soms weinig verheffende strijd tussen de beide Keulse Porsche-teams Gelo en Kremer, de successen van meervoudig kampioenen als Klaus Ludwig en Hans Heyer en nog veel meer aspecten, die op uitermate lezenswaardige en onderhoudende wijze zijn beschreven. De seizoenen 1982 tot en met 1985 met de peperdure Groep C-auto's zijn in één hoofdstuk samengevat. Het einde van de DRM tekende zich toen al steeds duidelijker af, temeer omdat er in de vorm van de in 1984 gestarte Deutsche Produktionswagen-Meisterschaft, waaruit later de DTM ontstond, een betaalbaarder en daarmee aantrekkelijker alternatief gecreëerd was.

200426 DRM Binnenwerk techniek
Ook volop aandacht voor de techniek, inclusief Groep 5 en Groep C

Het volgende hoofdstuk, van de hand van Eckhard Schimpf, handelt over de financiering van de raceactiviteiten. Schimpf, naast zeer verdienstelijk hobbycoureur ook journalist, weet waarover hij schrijft, want hij had decennialang ook de taak om het riante sponsorbudget van Jägermeister te verdelen in opdracht van de familie aan wie de stokerij toebehoort. Het hoofdstuk 'Die Meistermacher' handelt over de diverse teambazen. Daarna volgt een deel dat in de derde uitgave nieuw is en voor de uitbreiding met zo'n 50 pagina's zorgt. Allereerst zijn er portretten in woord en beeld van 30 coureurs die niet de meest prominente plekken in de serie innamen, maar over wie toch interessante informatie is opgenomen. En niet eens de minsten, want namen als Hans-Peter Joisten, Eddie Cheever, Jürgen Neuhaus, Manfred Trint, Armin Hahne, Walter Brun en Christian Danner roepen toch zeker bij velen herkenning op.

Toine Hezemans: "De lichtste Escort aller tijden"
Het laatste tekstuele deel van het boek is gevuld met verhalen en anekdotes van direct betrokkenen over uiteenlopende onderwerpen. Zo beschrijft journalist Rainer Braun een weddenschap om 100 Euro met Ford-sportdirecteur Mike Kranefuss in Hockenheim, doet de betreurde Schnitzer-teammanager Charly Lamm verslag van zijn ervaringen als teenager in de DRM, schrijft Toine Hezemans over zijn bij hem thuis aan de Eindhovense Parklaan zelf gebouwde Ford Escort ("De lichtste Escort aller tijden"), gaat technicus Thomas Ammerschläger in op het 'ground effect', dat ook in de DRM zijn intrede deed, en zijn er nog meer leuke en interessante anekdotes.

Het boek sluit af met een omvangrijk deel van zo'n 40 pagina's met uitslagen, een personenregister en enkele pagina's over het ontstaan van het boek, inclusief een indrukwekkend 'in memoriam' voor Gustav Büsing met bijdragen van diverse mensen uit de meest uiteenlopende geledingen in de autosport. Zo is de derde editie van het boek ook voor Büsing een waardig eerbetoon geworden. Zelf had hij ongetwijfeld nog de nodige anekdotes kunnen bijdragen, maar ook zo is het geheel uiterst lezenswaardig, een prachtig document over een zeer fascinerende periode in de autosport.

Gustav Büsing † en Uwe Mahla: Einfach eine geile Zeit – Deutsche Rennsport-Meisterschaft 1972-1985. Uitgave: Gruppe C Motorsport Verlag. Duitstalig. 306 pagina's, hardcover, ISBN 978-3-948501-03-7.

200426 DRM Cassette 480
Speciale aanbieding met drie boeken in cassette voor een zeer aantrekkelijke prijs

Uitgever Gruppe C Motorsport Verlag komt bij het verschijnen van de derde editie van 'Einfach eine Geile Zeit' met een speciale aanbieding in de vorm van een pakket met het nieuwe DRM-boek, het eveneens Duitstalige boek 'Die Meistermacher' over het BMW-Team-Schnitzer (eveneens van Uwe Mahla en Gustav Büsing) en het boek 'Timo Bernhard – The history of a champion' in het Duits en Engels van Peter Schäffner, samen in een fraaie cassette voor de prijs van 100 Euro, een besparing van 50 Euro ten opzichte van de drie boeken los en dan nog de cassette erbij. Voor liefhebbers zeker een aanrader. Voor de cassette met de drie boeken is er een apart ISBN: 978-3-948501-04-4. Voor meer informatie en bestellingen: www.gruppec.de
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet