HARC

HARC Nieuws Mei: Veel te doen tijdens Historische Zandvoort Trophy en ander HARC nieuws



Minor

Zandvoorts Museum dit jaar in het teken van Le Mans

Ieder jaar ten tijde van de Historische Grand Prix besteedt het Zandvoorts Museum aandacht aan de historie van het circuit van Zandvoort. Dit jaar gaat de reis van Zandvoort naar Frankrijk en zet het museum de spotlight op Nederlandse coureurs in de zwaarste race ter wereld, de 24 uur van Le Mans. Natuurlijk denk je dan meteen aan Jan Lammers en Gijs van Lennep, want zij wonnen deze slijtageslag. Ook Maus Gatsonides, Henk Hoogeveen, Ben Pon, Toine Hezemans, Jos Verstappen, Peter van Merksteijn en Jeroen Bleekemolen behaalden ereplaatsen op Le Mans. Maar wist je dat er alles bij elkaar ruim 40 Nederlanders deelgenomen hebben aan de 24 uur? Eddy Hertzberger was in 1935 de eerste, en in 2018 wordt er weer een nieuw hoofdstuk Nederlandse Le Mans historie geschreven. Bijna al deze rijders hebben hun eerste stappen op de autosportladder gezet op ons eigen circuit van Zandvoort. Daarom zet het Zandvoorts Museum deze bikkels van 24 augustus tot en met 28 oktober in de spotlight. "Van Zandvoort naar Le Mans. Nederlandse helden in de 24 uur" toont de successen, maar ook de mislukkingen. Ruim 70 jaar racehistorie komt tot leven in foto's, filmbeelden, schaalmodellen, posters en memorabilia.

groep C

Agenda
In de maand mei wordt er overal in Europa volop historisch geracet. Zo kun je in hetzelfde weekend als onze HZT terecht in Monaco voor de Grand Prix Historique. Het weekend erop (19-20 mei) organiseert Peter Auto de Spa Classic op Francorchamps met o.a. Formule 2, groep C en een race met alleen SWB Porsche 911's. Het weekend daarna is helemaal een gekkenhuis met het Masters Historic Festival op Brands Hatch (met de Nederlandse YTCC) en de Zolder Historic GP (met o.a. de Lurani Trophy) terwijl je voor historische GP-auto's naar de Historic Tour Charade op het Circuit Clermont Ferrand moet.

MG

Het prille begin

Tijdens de eerste jaren van de historische racerij, waren de HARC-racers te gast bij de Nederlandse Autorensport Vereniging, in het bijprogramma van de "'moderne" races. Na een voorzichtige start waren de startvelden in 1977 gegroeid tot zo'n 25-30 auto's. Naast een basis van Nederlandse rijders, wisten ook historische coureurs uit Duitsland, Engeland en Frankrijk de weg naar Zandvoort te vinden. Het HARC-bestuur achtte de tijd rijp voor een nieuwe stap: een eigen evenement. Pas wanneer je als vereniging zélf een racedag organiseert tel je echt mee, vonden zij. Autoracen binnen de organisatie van een al ervaren club is niet moeilijk, het zelf doen is een ander verhaal. Er werd overlegd met het circuit, de KNAC, de Officials Club Automobielsport, de brandweer en het Rode Kruis. En er werd een datum geprikt: op 11 juni 1977 zou de HARC voor de eerste keer een eigen historische racedag op touw zetten.

Om een dagvullend programma te verkrijgen was deelname van buitenlandse rijders onontbeerlijk. Het moest dus een internationale racedag worden. De organisatie liep echter niet van een leien dakje. Geld ontbrak, de tijd evenmin OOK en deelnemers konden nog niet met zekerheid zeggen of ze wel naar Nederland konden komen. Als de nood het hoogst is, komt doorgaans een goede oplossing uit de hemel vallen. Eén van de HARC leden stelde zich voor een groot bedrag met vier nullen garant (daarvoor kun je vandaag de dag de baan hooguit een paar uurtjes huren). Die geste inspireerde de organisatoren zo, dat binnen enkele weken de hele opzet van de 11e juni rond was: drukwerk, reglementen, lunchpakketten, uitnodigingen, kortom alles om voor de eerste keer een eigen race te organiseren was in kannen en kruiken. Het leverde een onvergetelijk evenement op als bekroning, voor de toen nog geen twee jaar oude HARC. Maar liefst zestig deelnemers trainden in de ochtenduren van zaterdag 11 juni, om 's middags telkens twee keer de mogelijkheid van een race te krijgen. Er heerste een ontspannen sfeer die ook oversloeg op de Engelse deelnemers. Jammer was dat Dries van der Lof niet met zijn Delahaye aan de start kon verschijnen wegens een defecte magneet. Hij had zijn Ferrari niet als tweede wagen meegenomen zodat hij een toeschouwersrol moest vervullen. Er was een geringe opkomst van de uitgenodigde buitenlanders, maar diegenen die er waren, droegen volop bij aan de sfeer. De Britse Aston Martin rijders brachten snelle voor- en naoorlogse wagens aan de start en enkele Belgische rijders verrasten man en paard door snelle tijden. De stuurmanskunst van Robert Wood met zijn Invicta maakte indruk, evenals het enthousiasme van Derek Edwards en Judy Hogg met hun Aston Martin Ulster. De foto die Pieter Kamp van deze Aston maakte zou nog jarenlang de voorkant van het HARC Journaal sieren. De Nederlanders bewezen tegenover de sterke buitenlandse deelname uit het goede racehout te zijn gesneden: alle klassen behalve die van de vooroorlogse auto's werden op vaderlandse naam geschreven, terwijl nieuwkomers Jan-Willem Martens en Henk Hoksbergen schitterden door hun prestaties. Snelste man van de dag was Bart Rosman die zijn Ferrari 250 SWB in 1.51.2 rond het circuit stuurde, een gemiddelde van 136,811 km/u en een nieuw historisch record. De dag was niet alleen een sportief succes, ook de kosten waren binnen de perken gebleven en de organisatie was op rolletjes verlopen. De HARC was een volwassen race-organisatie geworden! Deze eerste keer was het begin van een lange traditie, want na nog een "Internationale HARC Racedag" op 24 juni 1978 werd het evenement omgedoopt in de Historische Zandvoort Trofee.

Op 12 en 13 mei staat dus de 42e editie op het programma. Tot ziens op Zandvoort!

Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet