Retro diversen

Preview: 1: Life On The Limit

2014-05-Premi-re--1--Life-to-the-Limit-139843847412

Autosportfans worden verwend: na Rush komt er alweer een film over de Formule 1 in de bioscoop. Deze keer een documentaire, met de cryptische titel 1. Gelukkig zegt de ondertitel – Life On The Limit – veel, zo niet alles over de film die je gaat bekijken. AUTOSPORT.NL ging er alvast heen.

Tekst: Mattijs Diepraam

1 vertelt het verhaal over de Formule 1 als een sport die met vallen en opstaan volwassen is geworden. Het centrale thema van de documentaire is de ontwikkeling in de kijk op veiligheid en hoe die het aangezicht van de sport heeft veranderd. Hoorde vroeger de dood erbij, sinds Imola '94 is die definitief onacceptabel geworden. De film laat zien wat er moest gebeuren om van de Formule 1 een enigszins salonfähige wereldsport te maken, waarin de jaarlijkse kans op overleven niet langer 1 op 7 is. Regisseur Gary Crowder geeft daarbij niet alleen de brede sociologische duiding (de opkomst van televisie en sponsoring), maar biedt vooral een kijkje in de hoofden van alle betrokkenen, toen en nu. Welke heroïek er verloren is gegaan aan een sport die vandaag de dag minder gevaarlijk is dan mountainbiken, mag de kijker zelf concluderen.

Doordat de film ruimhartig alle hoofdrolspelers aan het woord laat – coureurs, teambazen, monteurs, ontwerpers, journalisten, sponsors, organisatoren, nazaten, echtgenotes, vriendinnen en fans, onder wie ook onze nationale autosportdichter Koen Vergeer – en volop beelden achter de schermen toont, geeft hij de toeschouwer echt het beeld dat bij de ondertitel past: Life On The Limit. Je leert het leven kennen dat de Formule 1-familie destijds leidde, een leven van hechte vriendschappen (of uit geestelijke voorzorg toch liever maar niet), van grote hoogtepunten en intens verdriet. Een leven van pure ontkenning, maar ook pure levensvreugde en pure ontlading. Een leven op de limiet kortom.

Waarschijnlijk waren er nog nooit zo veel wereldkampioenen in één film aan het woord. Ze komen allemaal voorbij: van Stewart tot Andretti, van Scheckter tot Fittipaldi, van Lauda tot Hamilton. De mannen die het niet hebben overleefd, zie je en hoor je in het vele archiefmateriaal dat voor de film is verzameld. Vele fragmenten zijn absoluut uniek; lang niet iedere F1-fan zal de beelden herkennen van het geschokte publiek op Hockenheim na de dood van Jim Clark in 1968, of de reactie van Colin Chapman – 'Cevert... Bloody hell...' – in de pitstraat van Watkins Glen nadat het wrede seizoen 1973 opnieuw zijn tol had geëist.

De nadruk van 1: Life On The Limit ligt op de jaren zeventig, toen circuits nog vooroorlogs waren en organisatoren hun schouders ophaalden, terwijl de Formule 1-auto's in volle vaart het ruimtevaarttijdperk waren binnengereden. Niet voor niets was de sport in die jaren het dodelijkst. Maar helemaal chronologisch wordt het verhaal niet verteld: soms draait de film niet om jaartallen, maar om hoofdfiguren (Fangio! Hill!) of essentiële locaties (Monaco! Monza!). Wie wil leren hoe je in documentaires 'bruggetjes' maakt van het ene naar het andere niet direct aanpalende onderwerp, aanschouwe 1. Nog nooit zag je zo veel bruggetjes, maar – laten we eerlijk zijn – nergens zijn ze vervelend of gewild.

De film is sowieso flitsend gemonteerd, kent hier en daar wat splitscreens (een hommage aan Grand Prix van John Frankenheimer?) en wordt bij tijd en wijle begeleid door knallende muziek – die in een bioscoop tegenwoordig helaas altijd te hard staat. Het tempo blijft er door de soms niet-chronologische overgangen goed in zitten, maar of het toeval is of niet: 1 blijft op grofweg driekwart van de film lang hangen bij de tweestrijd tussen Lauda en Hunt, alsof de documentaire een graantje wilde meepikken van Rush. Zelfs de presentatie is hetzelfde: het seizoen wordt doorlopen aan de hand van de puntentelling tussen de twee titelrivalen, precies zoals in Rush gebeurt.

Sommige onderwerpen blijven daardoor onderbelicht. Zowel Max Mosley als Bernie Ecclestone komt aan het woord, net als andere belangrijke pionnen in de machtsovername door de FOCA, zoals John Hogan van Marlboro en sportmarketinggoeroe Paddy McNally. Maar slechts de bijdrage van Bernie en Max aan het structureel verhogen van de veiligheid – samen met dr. Sid Watkins uiteraard – komt aan bod, en bovendien op een nogal bewierokende manier. Graag hadden we meer gehoord over de manier waarop het illustere duo in dat tumultueuze tijdperk de macht naar zich toetrok. Aan de andere kant: dan had de film twéé thema's gehad, en in der Beschränkung zeigt sich der Meister.

Tot slot nog even een harde noot over de ondertiteling: die is schandalig slecht, duidelijk afkomstig van iemand met geen enkel verstand van autosport. Het is bijvoorbeeld een knappe prestatie om McLaren consequent te schrijven als McClaren – zelfs als het woord McLaren met grote letters in beeld staat! Jammer, want de vele fouten leiden op een gegeven moment de aandacht van de film af. Hilarisch hoogtepunt is de vertaling van 'World Champion constructor' als 'wereldkampioenenmaker'. De film had beter verdiend.

1: Life on the Limit gaat op 14 mei in première tijdens City Racing in Rotterdam. Vanaf 15 mei is hij te zien in diverse Nederlandse bioscopen.
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet