DTM

DTM: Strijd om van te watertanden op Estoril



Christijan Albers was de grote man op het circuit van Estoril in Portugal. De Mercedes-rijder boekte een zwaarbevochten overwinning in de tweede DTM-race van het seizoen. Met een weergaloze inhaalactie passeerde hij op het einde van het rechte stuk zowel teamgenoot Gary Paffett als Mattias Ekström in de Audi. Ekström zat Albers vervolgens tot aan de finishlijn op de hielen, maar slaagde er uiteindelijk niet in om de net 25 jaar oude coureur uit Laren te passeren. Albers leidt nu ook het kampioenschap.
 

Tekst Ralf Dennissen - Foto's: Boudewijn Pieters

Als er één conclusie getrokken mag worden na de tweede DTM-race van het seizoen, dan is het wel dat Audi en Mercedes elkaar enorm dicht genaderd zijn wat betreft het prestatiepotentieel. Mattias Ekström meldde na afloop dan ook dat hij eigenlijk de winnaar had moeten zijn. Slechts een zeer indrukwekkend potje stuurwerk van Albers kon hem van de zege afhouden. Het bleef dus bij plaats twee voor de Zweed.

 

Samen met Martin Tomczyk zorgde hij ervoor dat er ditmaal twee Audi-rijders op het podium stonden. "In het vierde jaar is de ban gebroken", aldus Tomczyk. "Ik ben superblij. Dit is een fantastisch gevoel. Ik heb alles gegeven, want ik wilde mijn derde plaats tegen elke prijs behouden."Opel deed dit weekend ook weer een stapje richting de top. Al kwam dat er vooral uit in de kwalificatie. Timo Scheider pakte plaats drie in de super-pole en leek ook in de race goed op weg, totdat hij in ronde 25 ineens achterstevoren op de baan stond en drie plaatsen verloor. "Toen ik voor bocht zeven probeerde te remmen, bleef mijn gaspedaal hangen en ben ik direct de grindbak ingereden. Ik heb het toen een paar ronden langzamer aan gedaan. Da's vervelend, want mijn auto lag zeer goed en ik had zeker met de derde plaats thuis kunnen komen." Het bleef bij de zesde positie voor Scheider, collega Aiello stuurde een tweede Opel richting de punten; hij kwam tot plaats acht.



Goed weg
Zoals gewoonlijk liet even na twee uur Roland Bruynserade de startlichten doven. Ekström en Paffett waren goed weg, net als nummer drie Timo Scheider in de Opel. Martin Tomczyk had een matige start en moest direct al Albers en Kristensen voor zich dulden. Enkele bochten later had Albers ook Kristensen te pakken en lag hij al vierde. Kristensen: "Ik had een megastart. Helaas kon ik daar niet echt van profiteren. Ik zat in de buitenbocht en kreeg een klein tikje tegen mijn voorwiel. Daarom moest ik even het gras op."Achter deze vijf heren schoof ook Bernd Schneider een plaatsje door. De Duitse grossier in DTM-titels had het gedurende het hele weekend al lastig om de auto voor elkaar te krijgen. Later schoof Schneider nog een plaatsje door, maar dat was het dan ook. "Ik startte goed en de auto lag goed. Op deze baan is inhalen echter moeilijk. Vanaf de zevende startplaats zat er daarom niet meer in." 



Retourtje grindbak
Eén van de mooiere gevechten van de dag speelde zich in ronde twee af. De inzet was positie acht; de heren die aanspraak maakten op deze plaats waren Frentzen en Alesi. Frentzen had de betere startplek van de twee en verdedigde zijn positie met hand en tand. Uiteindelijk duwde Alesi HHF dan maar uit de weg, met een retourtje grindbak voor de Duitser als gevolg. Voor Frentzen was dat overigens niet het enige uitstapje buiten de baan. "Later in ronde 23 spinde ik, toen ik Markus Winkelhock wilde inhalen."
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet