DTM

Christijan Albers behaalt tweede DTM-zege

  

Op het 3,729 kilometer korte sprintcircuit van de Nürburgring behaalde Christijan Albers met zijn ExpressService AMG-Mercedes CLK zijn tweede achtereenvolgende DTM-overwinning. Albers' Zwitserse merkgenoot Marcel Fässler, gister de snelste man in de Super-Pole, eindigde op de tweede plaats. Regerend kampioen Laurent Aiello, die de afgelopen twee jaar nooit zonder beker vanaf de Nürburgring vertrok, hield deze traditie in stand: met zijn Abt-Audi TT-R reed hij vanaf de elfde startplaats naar de derde positie aan de finish. Jeroen Bleekemolen reed wederom een keurige wedstrijd: hij eindigde met de Opel Astra V8 Coupé van het OPC Euroteam naar de elfde plaats. 

Tekst: Rene de Boer
Fotografie: Boudewijn Pieters  



Na zijn sterk gereden race op de Adria International Raceway, twee weken geleden in Italië, was Christijan Albers op de Nürburgring opnieuw de man van de wedstrijd. Gestart als tweede viel hij in de eerste meters terug tot de derde plaats achter de zeer snel vertrokken Zweed Mattias Ekström (Abt-Audi) en Mercedes-rijder Fässler, die vanaf de pole vertrok. In de eerste bocht al leken Albers' kansen volledig teniet te worden gedaan, doordat Audi-junior Martin Tomczyk veel te laat remde en in volle vaart op de achterkant van Albers' Mercedes reed. De auto ging bijna geheel dwars, maar met veel kunst- en vliegwerk behield de Larenaar de bolide onder controle en kon hij zijn plaats consolideren. Zo bleef de rangorde tot aan de eerste reeks van de verplichte pitstops, waarbij Ekström veel te lang bleef staan, doordat het rechter achterwiel klemde. Fässler kwam daardoor aan de leiding, voor Albers. 

 

Christijan Albers op weg naar zijn tweede opeenvolgende DTM-overwinning De Larenaar wachtte op zijn kans en stak in de zestiende ronde zijn Zwitserse teamgenoot voorbij. "Ik had gezien dat Fässler vrij veel van zijn banden vergde en wist dat ik rustig moest afwachten", vertelde Albers na afloop van de wedstrijd. In die opzet slaagde hij volledig: eenmaal voorbij ging er niets meer mis. Ook de tweede pitstop - een halve tel langzamer dan die van teamgenoot Schneider - was vrijwel perfect en Albers' tweede overwinning op rij kwam niet meer in gevaar. Kon hij in Italië nog mede profiteren van problemen bij anderen, ditmaal was de overwinning geheel en al zijn eigen verdienste. Zelf kon hij het nog nauwelijks bevatten: "Dat duurt meestal wel even, tot dinsdag of zo." Na zijn tweede zege op rij staat Albers nu alleen aan de leiding in de tussenstand van het kampioenschap, een uniek feit voor een Nederlander in de DTM. "Als het aan mij ligt, komen er op Zandvoort nu 100.000 bezoekers", lachte Albers, wiens ouders André en Margreet voor het eerst sinds lange tijd weer eens bij een DTM-race aanwezig waren. Telefonisch kreeg Albers de felicitaties van professor Jürgen Hubbert, lid van de raad van bestuur van DaimlerChrysler en de hoogste baas van de Mercedes-divisie. Albers bedankte Hubbert uitgebreid voor de ondersteuning die hij van Mercedes krijgt. Op zijn beurt prees Hubbert de inzet van de jonge Nederlander, terwijl Mercedes-sportdirecteur Norbert Haug dat nog eens dunnetjes overdeed. "Christijan heeft wederom perfect gereden", aldus Haug. Dat Albers daarna in de Mercedes-hospitality verplicht aan het bier moest - "Je drinkt mee, anders zet ik je weer in een oude auto", zei Haug - mocht de pret niet drukken, al vielen de alcoholica bij Albers niet echt in de smaak. Onder de tonen van de Mercedes-huisband "Mad Chick of Soul" bleef het 's avonds nog lang onrustig in de paddock.

  

Alain Menu leek op weg naar het podium, maar een "drive through-penalty" kostte hem een betere klassering 

Bij Opel zat het tempo op de Nürburgring er goed in. "Op Hockenheim hadden we nog zes tienden achterstand, op Adria drie tienden en nu zitten we gewoon in de uitlaat van de concurrentie", zei sportbaas Volker Strycek van het merk uit Rüsselsheim. Er had voor Opel zelfs een podiumplaats ingezeten, maar domme pech verhinderde dit. Peter Dumbreck werd in de eerste ronde al in de rondte getikt door Mercedes-coureur Bernd Schneider. Volgens Schneiders baas Norbert Haug een misverstand, maar de televisiebeelden spraken boekdelen: het was een van Schneiders zeer zeldzame eigen fouten. Daardoor was Dumbreck kansloos, de Schot reed niettemin nog naar de vijfde plaats. Alain Menu leek ook op weg naar het podium, maar hij was te gretig: na de pitstop reed hij te vroeg over de witte lijn bij het uitkomen van de pitstraat en daardoor moest hij nog een keer naar binnen voor een "drive through-penalty". 

 

Bernd Schneider met schade na het incident met Peter Dumbreck in de eerste ronde 

Jeroen Bleekemolen reed opnieuw een keurige race en had ditmaal ook in de punten kunnen eindigen, maar ook hij werd het slachtoffer van problemen tijdens de verplichte pitstop. "Het duurde veel te lang en daardoor was ik op slag kansloos", erkende hij. In de tweede helft van de race speelde bovendien een hangend gaspedaal hem parten. "Daardoor was ik in de slotfase een halve seconde per ronde langzamer, want ik wilde natuurlijk niet het risico lopen om van de baan te raken", aldus Bleekemolen. Voor de rest presteerde hij weer prima en werd daarvoor mede beloond met de uitnodiging om dinsdag voor Opel te gaan testen op het circuit van Dijon-Prenois. Later deze week keert Jeroen Bleekemolen dan weer terug naar de Nürburgring, waar hij deelneemt aan de beroemde 24-uursrace. 

 

Aiello reed een sterke inhaalrace, maar moet in de tijdtraining beter worden 

Regerend kampioen Laurent Aiello reed op de Nürburgring een sterke wedstrijd. Gestart als elfde herstelde hij zich keurig en eindigde als derde, waarmee hij een goede serie in stand houdt: hij is de enige coureur die bij alledrie de races dit seizoen op het podium eindigde en bovendien verliet hij de Nürburgring de afgelopen twee jaar nooit zonder een beker. Toch was Aiello enigzins kritisch: "Ik rijd voor het kampioenschap, maar dat betekent wel dat we de auto beter onder de knie moeten krijgen. In de race gaat het goed, maar de kwalificaties moeten absoluut beter worden." Zijn Abt-Audi-teamgenoten Ekström en Abt reden ook in de punten, respectievelijk als zevende en achtste.  



Hier gaat het dus allemaal om: boven op het bordes de beker omhoog houden.
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet