IndyCar

Indy 500 editie 1973: Het tragische verhaal van Swede Savage

De Indy 500 kent in haar meer dan honderdjarige bestaan vele anekdotes en verhalen, van triomf tot tragedie. We gaan terug naar de editie van 1973, die de boeken in ging als een van de meest dramatische wedstrijden ooit op de Brickyard. De wagens waren in die tijd niets meer dan een aluminium doos met wielen en vleugels waaraan een turbo motor van zo'n duizend paardenkrachten was geschroefd. De snelheden lagen enorm hoog en ruimte voor enige marge was er niet bij een ongeval omdat botszones zoals we die heden ten dage kennen volledig ontbraken.

Tekst: Eric van den Heuvel
Foto's: archief Eric van den Heuvel


Indy 1973


David Earl Savage Jr. werd geboren in San Bernardino. Hij was een begenadigd American Football speler en schopte het zelfs tot de nationale amateur competitie. Maar in zijn tweede jaar werd Savage, die vanwege zijn blonde lokken Swede werd genoemd, uit de competitie gezet omdat hij prijzengeld had aangenomen toen hij een motorrace had gewonnen en hierdoor niet meer als amateur werd gezien.

Maar naast dat hij goed was als atleet, wist de man uit Californië vanaf zijn jeugd de prijzenkast goed te vullen met bekers die hij won op twee en vier wielen. Al op vijfjarige leeftijd werd Savage bevangen door het snelheidsvirus met deelname aan zeepkistenraces. Enkele jaren werd het afdalen van schuine hellingen verruild voor zijn eerste gemotoriseerde voertuig, een Quarter Midget waarmee destijds veel van zijn leeftijdsgenoten hun eerste stappen zetten in de autosport. Na een aantal jaren met vierwielers te hebben gereden verlegde Savage een deel van zijn interesse naar de tweewielers waarbij hij zowel straatraces, trials als speedway reed. Om dit te kunnen bekostigen werkte hij bij diverse autosport teams als crewmember.


Plymouth Barracuda


Een van zijn werkgevers zag zijn talent en gaf hem in 1967 de kans om in te stappen in een NASCAR auto waarbij hij liet zien uit het juiste racehout te zijn gesneden en kreeg hierdoor in 1968 een contract aangeboden door Dan Gurney en kwam zowel in NASCAR als in CanAm aan de start en mocht hij zich professioneel coureur noemen.
In 1970 was hij teamgenoot van Dan Gurney in de TransAm Series en reed hij zijn eerste seizoen Indycar, waarbij hij in Phoenix met de grootste beker aan de haal ging. Swede Savage was enorm populair bij de fans die hem nog kenden uit zijn tweewieler tijd en zij kwamen in grote getale naar de wedstrijden waarin hij deelnam. In 1971 had Savage, doordat zijn gas bleef hangen, een zwaar ongeluk met een Formule 5000 op de Ontario Speedway waarbij hij ernstig hoofdletsel opliep, waarvan enkelen zeiden dat hij hier nooit meer goed van zou genezen en het einde carrière was. Na vijf maanden revalideren pakte de Amerikaan zijn helm weer uit de kast maar successen bleven uit en ook het seizoen er na kon Savage niet echt potten breken.

In 1973 kreeg Swede Savage een contract bij het Patrick Racing en was er op gebrand om de Indy 500 met goed resultaat te finishen. De aanloop naar de wedstrijd beloofde veel goeds want telkens was het Savage die de trainingen als snelste afsloot. Hij zette in de kwalificatie het ronderecord wederom scherper maar dat werd al snel weer verbroken waardoor hij als vierde van start mocht gaan in wat later een van de meest dramatische races in de geschiedenis van de Indy 500 zou worden.

De race leek verdoemd want tijdens Pole Day liet Art Pollard het leven en Salth Walther raakte zwaar gewond tijdens de crash bij de start waarbij er zelfs methanol uit de opengescheurde tanks het publiek in sproeide waardoor diverse toeschouwers op de eerste rijen brandwonden opliepen. Nadat de wrakstukken waren opgeruimd en de race weer verder ging, pakte Swede in de twaalfde ronde de leiding tot hij deze in vierenvijftigste ronde moest afstaan aan Al Unser.


Crash 1973


In een poging dichter bij Unser te komen verloor Savage de controle over zijn Eagle-Offenhauser en ging met een misselijkmakende klap de muur in aan de binnenzijde van bocht vier. Het motorblok werd van het chassis gerukt en de verwrongen monocoque schoof brandend door tot halverwege het rechte eind. Ondanks de enorme klap was Savage tot ontzetting van de toeschouwers nog bij kennis die hem in de vlammen zagen bewegen. Het vuur werd vrij snel geblust, maar Swede Savage liep desondanks ernstige brandwonden op over grote delen van zijn lichaam.
Zelf dacht Savage blijkbaar dat zijn verwondingen nog wel meevielen want liggend op de brancard maakte hij grappen met de paramedici die hem met de ambulance naar het ziekenhuis zouden vervoeren. De verwondingen van de Amerikaan waren ernstig, maar hij had een goede prognose om te genezen. Tot hij ineens een zware infectie kreeg en hierdoor drieëndertig dagen na het ongeval alsnog overleed. Later bleek dat hij een transfusie had gehad met vervuild bloedplasma.

Ironisch genoeg kwam een monteur van Patrick Racing ook om het leven bij dit ongeval toen hij in de pitstraat overstak en werd overreden door een brandweerwagen die op weg ging naar het wrak. Teamgenoot Gordon Johncock, de winnaar van de door regenval ingekorte race, vertelde later dat niet hij maar Savage de man van de dag was en de race zondemeer op zijn naam zou hebben geschreven als hij niet was gecrasht.

Swede Savage was getrouwd en had een zes jaar oude dochter en zijn vrouw Sheryl was in verwachting van dochter Angela, die drie maanden nadat hij overleed werd geboren. "Ik werd geboren met een gebroken hart." verteld ze veertig jaar later in een interview. "Ik kon het heel lang niet aan en begon met alcohol en drugs toen ik tien jaar oud was."


Angela savage 1


Uiteindelijk kwam Angela weer op het rechte pad en is inmiddels moeder van twee zoons. In 2014 is zij met haar vaders raceoverall, die zij "Daddy in a box" noemt naar Indianapolis gegaan om alles af te sluiten. Gekleed in haar vaders overall heeft zij toen de route van de crash gelopen.


overall-swede
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet