Retro

Retro: Masters trapt Europees seizoen af op Donington Park

Senten-Images-3402

Na een lange winterpauze is afgelopen weekend het Europese autosportseizoen eindelijk van start gegaan. Op Nogaro hield de FFSA haar traditionele Paasraces, maar de wedstrijden voor de Franse GT4- en F4-kampioenschappen en de Clio Cup vonden pas op zondag en maandag plaats. Daardoor had de historische autosport deze keer de primeur: Masters Historic Racing hield op vrijdag en zaterdag het Masters Historic Race Weekend op Donington Park. Het hele Masters-programma werd afgewerkt, aangevuld met twee HSCC-klassen: Historic F2 en Classic F3.

Tekst: Mattijs Diepraam
Foto's: Carlo Senten

Hoe hard de corona-reisbeperkingen én Brexit hebben toegeslagen, was duidelijk te merken aan de deelnemerslijsten van de vijf Masters-klassen. Het F1-veld was met 12 auto's aan de magere kant, en ook de sportwagenvelden van de Masters Historic Sports Cars en de Masters Endurance Legends hadden groter gekund – precies de drie Masters-kampioenschappen die altijd konden bogen op een sterke bijdrage van het Europese vasteland.
  Senten-Images-2840

Alles uit Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje, België en Nederland bleef thuis, duidelijk makend hoe breed het Kanaal tussen Groot-Brittannië en de EU is geworden. Het aantal niet-Britse deelnemers was op één hand te tellen, en alle vijf waren ze al in het VK woonachtig. Bij de Masters Gentlemen Drivers en de Masters Pre-66 Touring Cars echter geen gebrek aan deelnemers, want als het gaat om GT's en toerwagens tot 1966 kunnen de Britten moeiteloos complete startvelden vulden.
  Senten-Images-5973

In de twee F1-races zorgden de twee favorieten voor groot vermaak. Steve Hartley zette zijn McLaren MP4/1 twee keer op pole, maar Mike Cantillon (Williams FW07C) versloeg de 'Jam Baron' in beide races. Op vrijdag kreeg Hartley te kampen met een stotterende motor, maar op zaterdag vochten de twee tot het eind – of beter gezegd, tot twee ronden voor het eind, toen Hartley eindelijk bezweek onder de druk van Cantillon. Oostenrijker Lukas Halusa – woonachtig in Londen – schreef in zijn McLaren M23 beide keren de pre-78-klasse op zijn naam. Mark Hazell (Williams FW08) won twee de post-83-klasse voor nieuwere auto's zonder ground effect.
  Senten-Images-2493

Bij de sportscars vertrok WEC- en ELMS-coureur Alex Brundle van pole, maar zijn Lola T70 Mk3B hield het slechts zeven ronden vol. Daardoor kreeg Tom Bradshaw in zijn Chevron B19 het heft in handen – een heft dat hij de rest van de race ook niet meer uit handen gaf. Chris Beighton (Lola T70 Mk3B) en Jonathan Mitchell (Chevron B19 en de winnaar van vorig jaar) vochten de hele race op respectabele afstand van Bradshaw om de tweede plaats. Even had Beighton de overhand, maar Mitchell vocht in de slotfase terug.
  Senten-Images-3189

De nieuwere sportscars van de Masters Endurance Legends kregen ook twee races en twee kwalificatiesessies. Op zaterdag zette Max Lynn (broertje van Alex Lynn) de pole met een ronde onder de minuut, waarmee hij in zijn BR Engineering BR01 (een LMP2 van Russische bodem) de snelste man van het weekend werd. In de eerste race legde Lynn het echter af tegen teamgenoot Jack Dex, die vorig jaar ook op Zandvoort won, terwijl op zaterdag Steve Tandy (Lola B12/60) maar liefst drie BR01's op korte afstand achter zich hield – ook de BR01 van vader Shaun Lynn voegde zich aan het slot bij het rooflustige trio Russische LMP2-beren, maar Tandy hield stand.
  Senten-Images-3498

Na de overmacht in de laatste jaren van de Shelby Cobra Daytona Coupé was het prettig om te zien dat de E-types, de reguliere Cobra en de TVR Griffith zich weer konden bemoeien met de strijd over de overwinning in de Masters Gentlemen Drivers. Opnieuw had Alex Brundle pech, nu in de E-type die hij deelde met Gary Pearson – maar Pearson deelde nóg een E-type, namelijk het exemplaar waarin broer John naar de finish zou racen. Bandenbaas John deed dat zo sterk dat hij Mike Whitaker in de TVR voorbleef. Aan het slot kwam Andrew Smith in de E-type van Mark Donnor nog dichterbij, totdat pech de Schot van de derde plaats beloofde. Die viel nu in handen van de Cobra van James Cottingham/Joe Twyman, die met Cottingham aan het stuur het eerste deel van de wedstrijd aanvoerde.
  Senten-Images-5810

Net zo spannend was de toerwagenrace, waarin Steve Soper aanvankelijk de leiding had, gevolgd door nog twee Mustangs, die van Alex Taylor en Craig Davies. Daarachter streden Richard Dutton en Marcus Jewell in hun Lotus Cortina's om de vierde plaats, maar Jewell had een troef in handen: teamgenoot Ben Clucas. Een safety car vlak na de pitstops speelde het Cortina-duo in de kaart. Clucas zat nu op de staart van de nieuwe leider Taylor, nadat Davies en Henry Mann (die het stuur had overgenomen van Soper) vertraging hadden opgelopen in de pits. Clucas rekende vlug met Taylor, die daarna met benzinetoevoerproblemen moest uitvallen. Zo complementeerden Davies en Mann het podium.
  Senten-Images-4110

De F2-races van de HSCC waren beide redelijk sensationeel, ondanks het gemis van poleman Martin O'Connell. Rob Wheldon nam aanvankelijk het initiatief en vervolgens Matt Wrigley, maar beiden vielen uit. Daardoor streden Frazer Gibney en Callum Grant opeens voor de overwinning, die Grant in zijn March 79B net voor het verschijnen van de rode vlag veroverde. In de tweede race schitterde Martin Stretton door in zijn veel oudere March 712 tot de 12e ronde de nieuwere auto's van Grant en Gibney achter zich te houden. Dat wil zeggen, tot de 12e ronde deed hij dat aan de leiding, daarna slaagde Stretton erin de twee nog steeds voor te blijven. Alleen was Andrew Smith toen in zijn March 743 alle drie voorbijgegaan. De Schot was van achteren gestart, maar vloog als een bezetene door het veld, om zo een fabelachtige overwinning in de wacht te slepen.
  Senten-Images-4761

Smith was ook een van de hoofdrolspelers van de twee F3-races. Samen met Conor Murphy streed hij om de zege in de eerste race, die Murphy in zijn March 803B nipt won. Later op de dag namen de twee het opnieuw tegen elkaar op, maar deze keer viel Murphy voortijdig uit. Zo won Smith in zijn March 783 de tweede race. In zijn March 743 was Benn Tilley beide keren de beste achtervolger.
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet