Diversen

Div: Boekbesprekingen autosport 2015

Paul F. Schouwenburg: Ferrari Fever *****

IMG 5372

Dit boek is strikt genomen geen autosportboek, maar wel een uitgave waarin sportieve auto's centraal staan, want bij weinig merken zit de racerij zo in de historie als bij Ferrari. En juist dat merk speelt, zoals de titel al aangeeft, in 'Ferrari Fever' een belangrijke rol. De ondertitel luidt 'A lifetime collecting, restoring & racing the rarest Italian automobiles' en in die hoedanigheid documenteert het boek de auto-gerelateerde ervaringen in het leven van onze landgenoot Paul F. Schouwenburg.

Al op jonge leeftijd raakte Schouwenburg gefascineerd door auto's en ondanks dat de eerste auto van zijn vader, net na de oorlog, een Citroën 11 Normale ('Traction Avant') was, ging die fascinatie vooral uit naar Italiaanse auto's. Zoals hij zelf in het boek schrijft, kon hij eerder 'Alfa Romeo' dan 'mama' zeggen... Een bezoek aan de Auto RAI in Amsterdam in 1952 was voor hem een ontdekkingsreis en ook races op Zandvoort werden bezocht. Wat ouder geworden leerde Schouwenburg Pim Hascher kennen, van beroep bassist in het Concertgebouworkest, maar daarnaast verzamelaar van sportwagens, met name Bugatti's. Vakanties naar Italië wakkerden bij Schouwenburg de passie voor Italiaanse sportwagens nog meer aan. Hij tekende meer dan verdienstelijk auto's en als student kocht hij een Alfa Romeo 1900, die hij samen met een vriend restaureerde.

Via Rudolf Wolf leerde Schouwenburg de geheimen van Ferrari's kennen en uiteindelijk werd hij door de Belgische Ferrari-importeur Jacques Swaters benoemd tot vertegenwoordiger in Nederland. Toch zou Schouwenburgs professionele carrière uiteindelijk naar de chirurgie voeren, al zijn Ferrari's tot op de dag van vandaag zijn grote passie gebleven. In het boek schrijft hij op onderhoudende wijze over de aan- en verkopen, restauraties en races met tal van Ferrari's. Nu onvoorstelbaar: begin jaren zeventig kocht Schouwenburg voor 25.000 gulden samen met een vriend een 250 GTO, maar hij had veel meer plezier van zijn 'Short-Wheel-Base', dus wilde hij die 250 GTO weer verkopen. Dat was bepaald niet eenvoudig, want niemand wilde de auto hebben. Uiteindelijk werd de auto verkocht naar Amerika en Schouwenburg was blij dat hij er zonder verlies vanaf was! Een mooi verhaal is ook hoe hij met een Ferrari Monza in 1973 aan de Mille Miglia deelnam en gewoon met de open auto naar Italië reed, de 'Mille' voltooide ondanks regen, sneeuw, hagel en wind en met de auto over de weg weer naar huis vertrok. Nu ook ondenkbaar.

Vele Ferrari's en een paar andere Italiaanse sportwagens passeren in het fraai geproduceerde boek de revue, geïllustreerd met veel zelfgemaakte foto's, al vanaf een vroeg stadium in kleur. Met 'Ferrari Fever' wilde Schouwenburg het verhaal achter zijn autopassie vastleggen voor zijn echtgenote, kinderen en kleinkinderen en daarin is hij op uitstekende wijze geslaagd. Ook voor niet-insiders is het verhaal zeer de moeite waard en wie ook maar enige waardering voor de rijke Italiaanse sportwagencultuur kan opbrengen, zal dit boek zeker appreciëren. Overigens is ook de volgende generatie van de familie al met het virus besmet, want zoons Jurriaan en Lennart hebben met 'Strada e Corse' een gerenommeerd restauratie- en preparatiebedrijf voor oldtimers in Haarlem. Het boek, voorzien van een voorwoord van Ferrari-liefhebber en musicus Nick Mason, is Engelstalig, in oblong-formaat met stofomslag en in cassette.

Paul F. Schouwenburg: Ferrari Fever - A lifetime collecting, restoring & racing the rarest Italian automobiles. Eau Rouge Publishing, Tilford. 384 pagina's, 29 x 22 cm. Engelstalig. Gebonden met hardcover en stofomslag in cassette. ISBN: 978-0-9573978-2-8.

Florian T. Mrazek: Legende Salzburgring ****

IMG 5409

Regelmatige lezers van deze website kennen wellicht de voorliefde van uw redacteur voor Oostenrijk, als vakantieland voor zomer en winter, met heerlijke rijwegen, mooie muziek en cultuur, een uitstekende keuken en prima wijn. Ook kent het kleine land de luxe van maar liefst twee permanente circuits, waar ik graag kom. Vorig jaar zelfs op beide: de Red Bull Ring in augustus voor DTM en Formule 3, de Salzburgring in juni voor het WTCC. Over dat laatstgenoemde circuit bestond een boek uit 1988, dat eigenlijk meer een soort veredelde brochure was, compleet met tal van advertenties van regionale ondernemers. Een goed gedocumenteerde geschiedenis ontbrak, maar dat werd nu goedgemaakt in de vorm van een lezenswaardig boek van Florian T. Mrazek, bij vele evenementen perschef op het circuit. Hij werd op gehoorafstand van het circuit geboren en kent vele anekdotes en verhalen.

Het boek begint met de ontstaansgeschiedenis van het circuit, geïnspireerd door de successen van Jochen Rindt. Zoals zovaak was de bouw van de piste het onderwerp van volop politieke strijd, want de ene fractie in de Oostenrijkse autosport en -industrie wilde een circuit in de deelstaat Steiermark (dat uiteindelijk Zeltweg, nu Red Bull Ring werd), en de andere fractie was voor een circuit bij Salzburg. Uiteindelijk kwamen de circuits er beide, waarbij de huidige locatie van de Salzburgring in Koppl en Plainfeld niet de oorspronkelijk gewenste plaats was, want die lag in Thalgau, dichtbij de Autobahn. Waarom grondbezitters in Thalgau hun aanvankelijke bereidheid tot verkoop lieten varen, is nooit bekend geworden, maar ook daar zit ongetwijfeld nog een verhaal aan.

In 1969 werd de Salzburgring geopend en de beginperiode wordt in het boek gedocumenteerd met fraaie foto's van goed bezette toerwagenvelden met Alfa's en Fiats, driftende Abarths, maar ook sportwagens als Lola T70 en Porsche 908. Ook motorfietsen en Formule Vee's ontbreken niet, evenmin als Formule 2 en 3. Een apart hoofdstuk is gewijd aan de toerwagens, waarvan ook diverse klassen op de Salzburgring raceten: DTM (inclusief de beruchte race in 1988, die vier maal moest worden gestart na crashes, waarop de coureurs het uiteindelijk maar voor gezien hielden), STW, V8 STAR en, van recenter datum, ETCC en WTCC, tot en met de WTCC-races van dit jaar inclusief Tom Coronel op een fraaie kleurenfoto. Dan volgen twee hoofdstukken over motor-wegraces en historische evenementen De diverse hoofdstukken worden telkens onderbroken door een dubbele pagina met persoonlijke commentaren van mensen die een belangrijke rol speelden: coureurs als Karl Wendlinger, Gerhard Berger, Dieter Quester, Franz Engstler en lokale held Robert Lechner, bedrijfsleider Detlef Rack, Histo-Cup-organisator Michael Steffny. De laatste twee hoofdstukken zijn gewijd aan tragische momenten (een aantal zware ongevallen, waarvan sommige met dodelijke afloop, enkele overstromingenen het afbranden van de wedstrijdtoren in 1999) en aan Alexander Reiner, oud-coureur en sinds tientallen jaren de stuwende kracht achter het circuit. Het geheel is keurig verzorgd met zwart-wit-foto's uit de historie en kleurenopnamen van recentere activiteiten, gebonden met hardcover.

Florian T. Mrazek: Legende Salzburgring – Im Windschatten der Geschichte. Verlag Anton Pustet, Salzburg. 160 pagina's, 21x25 cm. Duitstalig. Gebonden met hardcover. ISBN: 978-3-7025-0762-6.

Martin Pfundner: Die Formel 1 in Österreich *****

IMG 5408

Martin Pfundner mag als de 'grand seigneur' van de Oostenrijkse autosport en automobielbranche worden beschouwd. Hij zag meer in de auto's dan in de klokgieterij, waarin zijn familie groot werd (hoewel hij bij zijn huis in Wenen nog steeds de grootste privéverzameling klokken ter wereld bezit), was op jonge leeftijd al actief als verslaggever voor diverse internationale media en haalde persoonlijk de Formule 1 naar Oostenrijk. Inmiddels 85 jaar oud is Pfundner nog steeds volop actief en zo verscheen er, op tijd voor de terugkeer van de Oostenrijkse Formule 1-Grand Prix op de WK-kalender, vorig jaar een fraai boek van zijn hand onder de titel 'Die Formel 1 in Österreich'.

Eigenlijk zijn de titel en de foto van Niki Lauda in een McLaren voorop het boek enigszins misleidend, want in zijn bekende uitvoerige stijl gaat Pfundner in zijn geschiedschrijving een stuk verder. Hij begint met de eerste circuitrace in Oostenrijk, gehouden op een stratencircuit in Innsbruck in juli 1948, met drie deelnemers. Volgende wedstrijden in de jaren vijftig (Stockerau, Kriau, Liefering, Hallein, Krems) worden goed gedocumenteerd beschreven en de vele foto's geven een prachtig tijdsbeeld. Met de komst van het eerste vliegveldcircuit in Wien-Aspern begint een nieuw tijdperk in de Oostenrijkse racerij, dat eveneens uitvoerig beschreven wordt. Prachtig zijn de foto's van Porsches (o.a. ook van Carel Godin de Beaufort, Toine Hezemans en Gijs van Lennep), Abarths en Alfa's tussen de strobalen, of van vliegende starts op de brede startbaan met acht auto's naast elkaar. Formule Junior en Formule Vee komen uitgebreid aan bod.

In 1964 is er, vooral dankzij de bemoeienis van Pfundner en met ondersteuning in de FIA van de hem welgezinde Piet Nortier namens de KNAC, voor het eerst een Formule 1-race in Oostenrijk, op het vliegveldcircuit van Zeltweg, op een paar kilometer van de locatie waar een aantal jaren later een permanent circuit zou komen. De politieke strijd om de Salzburgring en de Österreichring wordt uiteraard ook beschreven en pas vanaf pagina 192 (!) gaat het boek vooral over de Formule 1. Uiteraard met alle Grands Prix op de Österreichring, later A1-Ring, maar ook met volop aandacht voor de prestaties van nationale helden Jochen Rindt, Niki Lauda, Jo Gartner, Gerhard Berger en Roland Ratzenberger, alsmede Alex Wurz en Karl Wendlinger. Een uitgebreid gedeelte met uitslagen van de races op stratencircuits tussen 1948 en 1956, de 61 internationale races op Oostenrijkse vliegveldcircuits tussen 1957 en 1977 plus een lijst van de winnaars van de Oostenrijkse F1-races ronden het geheel af. Een personenregister vergemakkelijkt het zoeken naar bepaalde namen.

Het boek over de Oostenrijkse autosporthistorie is een fantastisch document en leest zeer plezierig weg. Als we het vergelijken met het twee jaar geleden verschenen 'Grand Prix Zandvoort' is het Oostenrijkse boek veel meer een lees- dan een kijkboek en gaat derhalve veel dieper op de historie in, al is het geheel ook rijk geïllustreerd. Punt van kritiek is wel de reproductie van de historische foto's (tot medio jaren zeventig), die allemaal in een vies soort sepia zijn afgedrukt, in plaats van zwart-wit. Naar we begrepen was dit een wens van de uitgever – normaliter vooral bekend van zware juridische literatuur en ander wetenschappelijk werk – maar de zin ervan ontgaat ons volledig. Voor de rest is de uitvoering uitstekend, met uitvoerige bijschriften en zelfs een leeslintje. Klasse!

Martin Pfundner: Die Formel 1 in Österreich – von den Flugplatzrennen zum Red Bull Ring. Böhlau Verlag, Wenen/Keulen/Weimar. 300 pagina's, 22 x 27 cm. Duitstalig. Gebonden met hardcover. ISBN: 978-3-205-79540-7.

Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet