Racing Shows

Racing Shows: De legendes uit de Grand Prix' te bewonderen op Motor Show Essen



Van 26 november vindt weer de traditionele Motor Show Essen plaats. Al weer voor de 37e keer staat de Messe in Essen vol met racewagens, historische auto's, getunede auto's en toebehoormaterialen, showwagens en motoren. In totaal geven 570 exposanten uit 19 landen acte de présence. Ruim 400.000 bezoekers kwamen in 2003 naar Essen. Deze editie staat de Motor Show Essen in het teken van de legendes uit de Grand Prix sport van 1907 tot 1939. Op autogebied zijn ook de nodige primeurs te bewonderen in Essen. Daarnaast wordt ook een blik geworpen op de toekomst van de auto. Essen is natuurlijk voor de auto-en motorsportfans 10 dagen lang het  trefpunt in Europa. Een greep uit het gigantische aanbod op de beursvloer van 105.000 m2.
 

Tekst: Flor Schilte - Foto's: Essen Motor Show

Bolides uit het begin van het autotijdperk tot de gigantische overmacht van Auto-Union en Mercedes in de dertiger jaren. Racewagens zonder vleugels en traction control, om nog maar te zwijgen van moeilijke elektronica. De Formule 1 waar Michel Schumacher de boventoon voert is voortgekomen uit een race uit 1894. Een nieuwe trend ontstond met een autorace van Parijs naar Rouen. Tot 1903 beleven autoraces tussen steden in de mode, Op het moment in 1904 de race Parijs Madrid nogal vele ongevallen veroorzaakte werd deze in Bordeaux gestopt. Toen was deze periode voorbij. Vanaf 1903 volgden races op afgezette landwegen, de Gordon Bennett races. Een rondje kon soms 100 kilometer lang zijn. Kom daar nog maar eens voor in 2004. In 1906 schreef de Franse automobielclub de eerste Grand Prix uit, een nieuwe traditie was ingeluid. Tot de 1e Wereldoorlog bleef deze Grand Prix de enige, daarna volgden meer landen. Automerken als Alfa Romeo, Bugatti en Delage werden wereldkampioen. Tot 1924 ging de mecanicien als copiloot mee en had een bolide 2 stoelen. Ziet u Ross Brawn al aan boord bij Michael Schumacher?



Na 1927 was de Grand Prix racewagen een monoposto en was de formule auto geboren. Vanaf 1934 begon het gouden tijdperk van de Grand prix sport. Tot de 2e Wereldoorlog werd gereden met auto's zoals de Mercedes-Benz W125 uit 1937 met 646 pk.aan boord , goed voor een top van bijna 400 kilometer per uur!  De helden uit de dertiger jaren reden met een pothelmpje op circuits omzoomd door bomen, zonder vangrail, langs sloten  en zonder uitloopzones. De Italianen streden met Alfa Romeo en Maserati, samen met de Fransen met Biugatii, tegen de Duitse teams van Auto-Union en Mercedes. De Duitsers hadden met coureurs als Rudolf Caracciola, Bernd Rosemeyer, Hans Stuck(de vader van) of Tazio Nuvolari de sterkste troeven in handen. TV of internet bestond nog niet, de heldendaden van de coureurs waren alleen in de krant te lezen of in het bioscoopjournaal te zien. Een wereldkampioen bestond nog niet, er werd allleen maar binnen Europa geraced. Na de 2e Wereldoorlog nam Frankrijk weer het voortouw en werd in september 1945 in het Bois de Boulogne bij Parijs weer een Grand Prix verreden.

In 1946 werd voor het eerst het begrip Formule 1 gehanteerd, vanaf 1950 was het wereldkampioenschap Formule 1 een feit. Olav Mol was toen nog niet eens geboren. Guiseppe Farina werd met een Alfa Romeo 158 de eerste titelwinnaar. In Essen staan 20 bolides uit deze gouden era opgesteld.
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet