DTM

DTM: Mika Häkkinen rijdt in 2005 DTM voor Mercedes-Benz

 

Tweevoudig wereldkampioen Formule 1 Mika Häkkinen komt in 2005 voor Mercedes-Benz uit in de DTM. Dat is zaterdag bekendgemaakt tijdens het jaarlijkse evenement "Stars & Cars" rondom de Mercedes-Benz-fabriek in Stuttgart, de traditionele publieksdag ter afsluiting van het autosportseizoen. Voor Häkkinen, die enkele weken geleden al de Mercedes-Benz C-Klasse van Christijan Albers testte op de EuroSpeedway Lausitz, betekent de deelname aan de DTM de terugkeer in de actieve autosport. Eind 2001 zei de Fin de Formule 1 vaarwel en sindsdien was zijn (autosportieve) activiteit beperkt tot een gastrace in de Porsche Supercup en een optreden met een Mitsubishi WRC-auto tijdens de Arctic Rally in Lapland. "Ik ben in feite nooit helemaal weggeweest", verklaarde Häkkinen in Stuttgart. "Wel weet ik dat ik flink zal moeten testen om op het niveau van de toppers in de DTM te komen. Het is geen kwestie van instappen en vooraan meerijden."
 

Tekst: Albert Landman, foto: PR

Mika Häkkinen in DTM Dat ondervond het afgelopen seizoen ook Heinz-Harald Frentzen, die na tien jaar in de Formule 1 de overstap maakte naar de DTM en in actie kwam voor Opel. Frentzen maakte een ronduit belabberd seizoen door, waarin hij slechts eenmaal in de punten wist te eindigen. Frentzen is niet de enige oud-Formule 1-coureur die de weg zocht naar de DTM, eerder al zette de Fransman Jean Alesi, goed voor 201 Grands Prix, deze stap. Een interessante vraag, die door zegslieden van Mercedes-Benz nog niet kon worden beantwoord, is in hoeverre de komst van Häkkinen invloed heeft op de rijdersbezetting bij het Duitse merk voor de DTM in 2005.

In de afgelopen jaren heeft Mercedes-Benz nooit meer dan vier nieuwe auto's in de DTM ingezet en er bestaat geen reden om aan te nemen dat deze strategie voor 2005 verandert. Temeer omdat ook bij de andere merken in de DTM de tendens in de richting van vier nieuwe auto's gaat. Dat betekent, logisch geredeneerd, dat van het huidige kwartet Mercedes-rijders, bestaande uit Christijan Albers, Jean Alesi, Gary Paffett en Bernd Schneider, er een zou moeten afvallen. Wanneer Paffett richting Formule 1 gaat, is het probleem meteen opgelost, maar de kansen daarop lijken niet al te groot. Schneider is bij Mercedes als oudst gediende zeker van nieuw materiaal, zodat Albers en Alesi overblijven. 

Albers ziet in de komst van Häkkinen echter geen bedreiging. "Ik sta gewoon onder contract, voorzover ik nu weet rijd ik gewoon in 2005 voor Mercedes in de DTM", verklaarde de Larenaar in Stuttgart tegenover AUTOSPORT.NL. "Hoe dat met die nieuwe auto's wordt opgelost, weet ik niet, maar dat zien we vanzelf wel." Commentaar De komst van Mika Häkkinen naar de DTM betekent in publicitair opzicht zonder meer goed nieuws. Wie de media-hype rond Heinz-Harald Frentzen in het afgelopen seizoen heeft gadegeslagen, weet wat de impact van een oud-Formule 1-coureur voor de toerwagenserie is. Bovendien is het aantrekken van de tweevoudig wereldkampioen een goede manier om de positie en de uitstraling van de DTM ook op internationaal vlak verder te vergroten. Waar Frentzen met name de Duitstalige media aantrok en voor extra Duits publiek zorgde, geeft Häkkinen de DTM ook buiten de Bondsrepubliek extra cachet. Bovendien is een tweevoudig wereldkampioen ook nog eens beter voor de beeldvorming dan Frentzen of Alesi, die weliswaar een schat aan ervaring in de Formule 1 hadden, maar niet verder kwamen dan een (Alesi) respectievelijk drie overwinningen (Frentzen). Er is echter ook een zeker risico. Hoe goed de deelname van grote namen uit de Formule 1 ook is (Jos Verstappen, die in het recente verleden in verband gebracht werd met Audi, zou ook prima in dat rijtje passen), wanneer er teveel ex-Formule 1-rijders in de DTM komen, draagt dat voor de buitenwereld bij tot het imago van een "oude-heren-klasse". Hetgeen de DTM natuurlijk niet is, en ook zeker niet wil zijn, maar het grote publiek krijgt op deze manier wel vrij snel zo'n indruk. Om de positie van het kampioenschap echt op (middel)lange termijn te vestigen, is het belangrijk dat de DTM zijn eigen sterren en helden heeft. Mensen als Ekström, Albers en Scheider zijn uitstekend geschikt om deze rol te vervullen. In het verleden was de weg ook vaak omgekeerd: mensen als Fisichella, Wurz, Magnussen en Franchitti reden in de DTM, alvorens door te groeien naar Formule 1 of Champ Cars. En de DTM kan zich beter profileren als kweekvijver voor jong talent dan als vergaarbak voor uitgerangeerde krasse knarren. Albert Landman  
Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet