Algemeen

Dragracing: Nederlandse successen tijdens NitrOlympX op Hockenheim





De eerste Europese dragrace-kampioenen van 2004 zijn bekend. Tijdens de NitrOlympX stelden Jimmy Alund (Pro Stock), Roger Pettersson (Pro Stock-motoren) en de Nederlander Roel Koedam (Top Fuel Bikes) met overwinningen hun Europese titels voortijdig veilig. Hoewel Dave Wilson de finale verloor, verzamelde de Engelsman wel voldoende punten om zijn Europese Top Methanol Dragster-titel te kunnen prolongeren. In Hockenheim vielen naast de titel van Koedam meer Nederlandse successen te noteren. Bij de Super Twin Bikes ging de winst naar Ton Pels. Met nog één wedstrijd te gaan, heeft de Nederlander de leiding in de Europese titelstrijd. In de Top Fuel-klasse haalde Lex Joon de halve finale door in de kwartfinale regerend Europees kampioen Smax Smith te verslaan. In de klasse Super Gas was zelfs sprake van een Nederlandse overheersing. Uit een veld van 33 auto's was de finale met Robert Joosten en Ron van Let een volledig Nederlandse aangelegenheid. De overwinning ging hierbij naar Joosten die op zaterdag met een tijd van 9,901 seconden ook al de beste kwalificatiepositie voor zich had opgeëist.

Tekst en foto's: Remco Scheelings

Helaas was de kwaliteit van de baan in Hockenheim weer onder de maat en bleven in de meeste klassen de tijden ver van de Europese records verwijderd. De teams moesten al hun inventiviteit aanwenden om het vermogen op de baan te brengen. Met 'minder koppeling', het 'terugschroeven van het aantal PK's' of zelfs 'met de rem erop vertrekken' moest wielspin worden voorkomen. Gelukkig waren er nog twee uitzonderingen. Bij de Pro Stock-motoren vestigde Roger Pettersson met 301,24 km/u een nieuw Europees snelheidrecord terwijl bij de Super Twin Bikes Anders Karling met 6,458 seconden goed was voor een nieuwe Europese toptijd.

 


Tommy Miller klimt

De met meer dan 6.000 PK uitgeruste Top Fuel-dragsters hadden de meeste moeite met de slechte baan. Het aantal 'up in smoke runs' was dan ook niet te tellen. Hoewel het weekend voor Tommy Miller met een opgeblazen motor slecht begon, kreeg zijn crew de omstandigheden uiteindelijk het beste onder controle. Met runs van 5,40 en 5,37 schakelde de Zweed achtereenvolgens Thomas Nataas en Andy Carter uit. In de finale moest Miller het vervolgens opnemen tegen zijn landgenoot Micke Kagered. De aanvoerder in de tussenstand van het kampioenschap had met 5,33 seconden de eerste kwalificatiepositie veroverd. Tijdens de eliminaties had de Zweed echter weer met wielspin te maken, maar kende het geluk van een tweetal bye-runs. In de finale ging het echter weer mis en verdween de Bahco-dragster na enkele meters opnieuw in een dichte rook. Miller kon daardoor met een tijd van 5,40 seconden eenvoudig naar de overwinning rijden. De Zweed maakte met zijn winst een sprong van de vierde naar de tweede plaats (achter Kagered) in de titelstrijd. Lex Joon legde tijdens de kwalificatie beslag op de vijfde positie. In de kwartfinale moest de Nederlander het daardoor opnemen tegen regerend Europees kampioen Smax Smith. Joon leverde een uitstekende prestatie door, in de naar de baanomstandigheden gerekend goede tijd van 5,42 seconden, de kampioen achter zich te laten. Tijdens de run had echter de koppakking het begeven. Ondanks de inzet van de monteurs lukte het niet meer de motor binnen de gestelde tijd te verwisselen waardoor Joon in zijn halve finale tegen Kagered verstek moest laten gaan.

Winst Turner, titel Wilson

Met een overwinning in de halve finale op zijn grootste concurrent Peter Schäfer stelde Dave Wilson zijn Top Methanol Dragster-titel voortijdig veilig. In de daaropvolgende finale moest de Engelsman de dagwinst echter laten aan zijn landgenoot Rob Turner. Na een moeilijk begin van het seizoen lijkt het Turner-team de zaken steeds beter onder controle te krijgen. Na een 5,72 seconden in de kwalificatie (goed voor een eerste positie) volgde in de finale een tijd van 5,60 seconden. Met 5,81 seconden had Wilson daar in Hockenheim geen antwoord op.

Autosport.nl Hét autosport magazine op Internet